Symfonie nr. 38 (Mozart)
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
De 38e Symfonie in D Groot KV 504, ook wel de 'Praagse' genoemd, schreef Wolfgang Amadeus Mozart eind 1786. De première vond plaats op 19 januari 1787 in Praag, een paar weken nadat zijn opera Le Nozze di Figaro daar werd opgevoerd.
Het werk is geschreven voor het normale klassieke orkest, alleen de klarinetten ontbreken. De symfonie heeft drie delen:
Wat meteen opvalt is dat het menuet ontbreekt, wat in die tijd een normaal onderdeel van een symfonie was. Ondanks het ontbreken van een menuet, is dit een krachtig werk.
Het eerste deel opent met het duistere, majestueuze Adagio, wat doet denken aan de donkere ouverture van Don Giovanni, die hij enkele maanden tevoren had geschreven. Het Adagio staat voor het grootste gedeelte geschreven in d mineur. Nadat het Adagio langzaam tot stilstand is gekomen, beginnen de strijkers met het Allegro. Ongebruikelijk syncopen geven het nieuwe thema aan, dat opgevangen wordt door de blazers, en even later door het hele orkest. In de expositie komen in totaal zes thema's aan bod, die daarna in een heel contrapuntische doorwerking terugkomen. Op een fantastische manier leidt Mozart je door de doorwerking, door steeds een thema eraan toe te voegen. Uiteindelijk werkt hij toe naar het hoofdthema van de symfonie, dat op een prachtige manier te voorschijn komt. Hierna werkt hij door naar de reprise, en komt het eerste deel tot een eind.
Het lyrische tweede deel, waar de eerste viool een belangrijke rol speelt in het aankondigen van thema's, is een typisch langzaam symfonisch deel zoals Mozart die in deze periode schreef. Hij neigt veel naar mineur, maar hij stabiliseert toch naar majeur.
Een groot contrast met het tweede deel is het derde deel, dat met zijn levendige thema's (verrassend veel door de fluit worden gespeeld) een vrolijk eind vormt van de symfonie. Je wordt meegenomen door thema's die allemaal iets van elkaar weg hebben, en toch allen verschillend zijn. In de doorwerking komen ze op een verrassende manier terug.

