Şanlıurfa (stad)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Şanlıurfa
Plaats in Turkije Vlag van Turkije
Şanlıurfa (stad)
Şanlıurfa (stad)
Situering
Regio Zuidoost-Anatolië
Provincie Şanlıurfa
District Şanlıurfa
Coördinaten 37° 9′ NB, 38° 48′ OL
Algemeen
Inwoners (2004) 390.000
Hoogte 477 m
Foto's
Uitzicht over Şanlıurfa vanaf het fort in de oude stad
Uitzicht over Şanlıurfa vanaf het fort in de oude stad
Vijver met heilige (onaanraakbare) karpers bij de Halil Rahmanmoskee. De moskee staat op de plek waar volgens de legende aartsvader Abraham gewoond heeft.
Vijver met heilige (onaanraakbare) karpers bij de Halil Rahmanmoskee. De moskee staat op de plek waar volgens de legende aartsvader Abraham gewoond heeft.
Portaal  Portaalicoon   Turkije

Şanlıurfa of Urfa (ook los geschreven als Şanlı Urfa, Turks: şanlı = "glorierijk", Koerdisch: Riha) is een stad in Zuidoost-Turkije, met een geschatte bevolking van 390.000 inwoners (2004). Vroeger heette de stad Edessa. Ze ligt op een vruchtbare vlakte, aan drie kanten omringd door bergen. Ze vormt de hoofdplaats van de provincie Şanlıurfa, met een bevolking van ongeveer anderhalf miljoen mensen 2004). Het dialect dat er gesproken wordt, wordt ook Urfa genoemd.

De stad is via grote verkeerswegen verbonden met Gaziantep 150 km naar het westen, met Mardin 250 km naar het oosten, met Diyarbakır 250 km naar het noorden en met Syrië 75 km naar het zuiden.

De economie berust vooral op de landbouw en de veeteelt van de omringende regio; de voornaamste exportproducten zijn boter en katoen.

Algemeen[bewerken]

De voornaamste bezienswaardigheid van Urfa is zijn oude citadel, gelegen op een van de heuvels boven de stad. Daarnaast zijn ook delen van de oude stadsmuren bewaard, naast fragmenten van de waterbeheersingswerken die hier in de 6e eeuw werden opgetrokken. Islamitische monumenten zijn de 17e-eeuwse madrassa en de moskee van Abd ar-Rahman.

Urfa's eeuwenoud belang ligt bij zijn strategische positie op de pas die de handelsweg tussen Anatolië (Centraal-Turkije) en Noord-Mesopotamië (Noord-Irak) beheerst.

Geschiedenis[bewerken]

De plaats is al sinds duizenden jaren bewoond; ze werd voor het eerst in het Aramees opgetekend als Urhai. In de plaatselijke overlevering wordt de stad in verband gebracht met aartsvader Abraham. Dat komt doordat zich in de buurt van Balikligöl een grot bevindt waarvan men aanneemt dat hij daar zou zijn geboren. Moslims geloven dat Abraham een profeet was.

In de 3e eeuw v.Chr. verovert Alexander de Grote de stad en sticht er een militaire nederzetting en vernoemt haar naar Edessa, de hoofdstad van zijn vaderland Macedonië. In 150 wordt hier het christendom geïntroduceerd en hier zou een van de belangrijkste bisschopszetels van de Syrisch-orthodoxe Kerk van Antiochië ontstaan.

Aangenomen wordt dat de oudste christenen van Edessa nazaten waren van de oergemeente te Jeruzalem. Edessa wordt wel eens de stad van de apostel Thomas genoemd. Volgens de overlevering zou Thomas opdracht gegeven hebben om aan de Edessenen het evangelie te verkondigen.

In de 3e eeuw ontstond hier het koninkrijk Osroene. Toen koning Abgar in de 3e eeuw christen werd en veel inwoners van het land zijn voorbeeld volgden verrezen overal kerken en kloosters. Edessa ontwikkelde zich zo reeds vroeg tot een centrum van godgeleerdheid. Een belangrijke stimulans werd gevormd door de Syrische christenen met hun beroemde theologische school met vele vermaarde leraren, waaronder Efrem de Syriër.

In de 7e eeuw kwam de stad in handen van het Arabische Rijk maar in 1030-1031 werd Edessa veroverd door de Byzantijnen onder leiding van generaal Georgios Maniakes, ze zou ruim 50 jaar Byzantijns blijven tot 1086-1087.

In 1098 wordt de stad ingenomen door de kruisvaarders gedurende de Eerste Kruistocht. In 1147 werden ze weer verdreven door de Turkse Seltsjoeken. Daarna zouden verschillende heersers komen en gaan. In 1637 lijfden de Ottomanen de stad bij hun rijk in en kreeg de stad haar huidige naam.

In 1830 komt de stad korte tijd onder de controle van de Egyptische onderkoning Mohammed Ali Pasja. De vervolging van de Arameestalige christenen in 1916 zorgde ervoor dat de christelijke bevolking van Şanlıurfa nu zo goed als verdwenen is.

Twee Romeinse zuilen binnen de citadel steken uit boven de stad.

Externe links[bewerken]