1,4-dichloorbenzeen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
1,4-dichloorbenzeen
Structuurformule en molecuulmodel
Structuurformule van 1,4-dichloorbenzeen
Structuurformule van 1,4-dichloorbenzeen
Algemeen
Molecuulformule
     (uitleg)
C6H4Cl2
IUPAC-naam 1,4-dichloorbenzeen
Andere namen p-dichloorbenzeen
Molmassa 147,00196 g/mol
SMILES
ClC1=CC=C(Cl)C=C1
CAS-nummer 106-46-7
Vergelijkbaar met 1,2-dichloorbenzeen, 1,3-dichloorbenzeen
Waarschuwingen en veiligheidsmaatregelen
Schadelijk voor de gezondheid Milieugevaarlijk
Waarschuwing
H-zinnen H319 - H351 - H410
EUH-zinnen geen
P-zinnen P273 - P281 - P305+P351+P338 - P501
EG-Index-nummer 203-400-5
Fysische eigenschappen
Aggregatietoestand vast
Kleur wit
Smeltpunt 53 °C
Kookpunt 174 °C
Vlampunt 66 °C
Slecht oplosbaar in water
Waar mogelijk zijn SI-eenheden gebruikt. Tenzij anders vermeld zijn standaardomstandigheden gebruikt (298,15 K of 25 °C, 1 bar).
Portaal  Portaalicoon   Scheikunde

1,4-dichloorbenzeen, ook bekend onder de naam para-dichloorbenzeen, is een gechloreerde koolwaterstof, met als brutoformule C6H4Cl2.

Milieu[bewerken]

1,4-dichloorbenzeen behoort tot de persistente stoffen, wat betekent dat het slecht afbreekbaar is en zich ophoopt in het milieu. Doordat de stof, eenmaal opgelost in water, slecht afbreekbaar is, zijn vooral vissen en andere waterorganismen gevoelig voor de stof. Wanneer de stof in de lucht verdampt, wordt deze sneller afgebroken.

Toepassingen[bewerken]

Het wordt veel toegepast in moderne mottenballen. Echter, paradichloorbenzeen valt niet onder de Bestrijdingsmiddelenwet en dit betekent dat de werking en de schadelijkheid ervan bij mottenbestrijding niet onafhankelijk zijn onderzocht in het kader van de Bestrijdingsmiddelenwet.

Imkers kunnen het gebruiken bij het bestrijden van de wasmot die de was van de honingraten opeten, en zo funest zijn voor de bijen en honing, maar dit wordt ontraden omdat het sporen achterlaat in de raten en de honing.

Het werd vroeger ook veel toegepast in wc-blokken, maar dit gebeurt tegenwoordig minder.

Met natriumsulfide kan men paradichloorbenzeen polymeriseren tot polyfenyleensulfide, een hoogwaardig technisch polymeer.

Toxicologie en veiligheid[bewerken]

Inademing van de stof kan duizeligheid, zwakte en bloedarmoede veroorzaken. Op lange termijn kunnen lever- en bloedaandoeningen ontstaan.

Externe link[bewerken]