2e Wit-Russische front

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
2e Wit-Russische front
Oprichting 24 februari 1944
Ontbinding 10 juni 1945
Land Sovjet-Unie
Krijgsmachtonderdeel Rode Leger
Type Legergroep
Veldslagen Operatie Bagration
Oost-Pruisen offensief
Pommern offensief
Slag om Berlijn
Commandanten Generaal Pavel Kurochkin
Generaal Ivan Petrow
Generaal Georgi Zakharov
maarschalk Rokossovski

Het 2e Wit-Russische front (Russisch: 2-й Белорусский фронт) was een onderdeel van het Rode Leger tijdens de Tweede Wereldoorlog. Een front in het Rode Leger was een verzameling van legers en het was vergelijkbaar met een Duitse legergroep. De samenstelling van het front veranderde naargelang het verloop van de oorlog. Oorspronkelijk bestond het 2e Wit-Russische front uit slechts vier infanterielegers, maar begin januari 1945 telde het front één tankleger, één stoottroepenleger en zes infanterielegers. In tegenstelling tot westerse legergroepen waren bij de Sovjets ook de luchtstrijdkrachten een onderdeel van het front.

Ontstaan[bewerken]

Als voorbereiding op operatie Bagration werd het grote Westfront gesplitst in het kleinere 2e Wit-Russische Front en het 3e Wit-Russische Front. Deze twee fronten waren kleiner en dus beter beheersbaar. Generaal Pavel Kurochkin werd aangesteld als de nieuwe bevelhebber. Het 2e Wit-Russische Front bestond slechts uit vier infanterielegers, die een frontlijn ten oosten van Mogilev bezet hielden. Vanaf februari 1944 begon generaal Pavel Kurochkin met een aantal beperkte aanvallen tegen de Duitse stellingen, die als doel hadden om de Duitse reserves te binden zodat ze niet naar het zuiden konden worden gestuurd waar op dat moment het Dnjepr offensief plaatsvond.

Operatie Bagration[bewerken]

Op 22 juni 1944 lanceerde het Rode Leger operatie Bagration met als doel de Duitse legergroep Centrum uit Wit-Rusland te verdrijven. De bijdrage van het 2e Wit-Russische front was echter beperkt en ook hun prestaties werden door Stavka als ondermaats beschouwd. Eenheden van het front wisten Mogilev te veroveren en daarna waren ze betrokken bij de vernietiging van het 4e leger, dat in Minsk was omsingeld. Na de overgave van de Duitse troepen in Minsk zette het 2e Wit-Russische front de aanval verder in de richting van Bialystock, dat op 27 juli 1944 werd ingenomen. Begin augustus 1944 bereikte de voorhoede de oevers van de Narew, waar ze in het najaar enkele bruggenhoofden wisten te veroveren. Vanaf september 1944 was het 2e Wit-Russische Front achter de Narew gelegerd, maar het front ondernam geen grote aanvallen. De verliezen werden aangevuld en de troepen werden gehergroepeerd voor de beslissende aanval op nazi-Duitsland. In november 1944 werd maarschalk Rokossovski benoemd tot nieuwe bevelhebber.

Campagnes in 1945[bewerken]

Tijdens het Weichsel-Oder offensief moest het 2e Wit-Russische Front de rechterflank van het 1e Wit-Russische Front tijdens de opmars naar de Oder dekken en ondertussen Oost-Pruisen veroveren. Het 2e Wit-Russische Front kreeg af te rekenen met hevige Duitse tegenstand in Oost-Pruisen en maarschalk Rokossovski moest meer eenheden naar Oost-Pruisen sturen. Het zwaartepunt van de aanval verplaatste zich in de richting van de Baltische kust en er ontstond een opening tussen beide fronten. In dit stadium van de oorlog hadden de Duitsers te weinig slagkracht om de situatie uit te buiten, maar toch probeerden ze een tegenaanval. Operatie Sonnenwende werd gemakkelijk afgeslagen, maar was toch voldoende om Stavka tot behoedzaam aan te manen. Na de verovering van Oost-Pruisen kreeg maarschalk Rokossovski bevel om eerst ook Pommeren te veroveren alvorens de aanval op Berlijn kon beginnen. Eind maart 1945 had het 2e Wit-Russische Front de Duitsers uit Pommeren verdreven.

Begin april 1945 begon het Rode Leger zich te verzamelen voor de aanval op Berlijn. Terwijl het 1e Wit-Russische front de zich op de as Berlijn - Küstrin concentreerde, nam het 2e Wit-Russische Front posities in aan de benedenloop van de Oder. Op 16 april 1945 lanceerde het 1e Wit-Russische Front zijn aanval en drie dagen later ging ook het 2e Wit-Russische Front in de aanval. Moeiteloos werd de Duitse verdediging doorbraken en de tankspitsen van maarschalk Rokossovski rukten op door Noord-Duitsland. De Sovetlegers veroverden Stettin, Rostock en Stralsund. Begin mei 1945 maakten ze contact met de voorhoede van het Britse 2e leger, die bruggenhoofden over de Elbe bezet hield. Op 5 mei 1945 bereikten ze Peenemünde.

Na de oorlog[bewerken]

Na de oorlog vormde het 2e Wit-Russische Front de kern van de bezettingsmacht in Polen , de zogenaamde Noordelijke Groep van Sovjet Strijdkrachten.

Commandanten[bewerken]

commandanten begindatum enddatum sterkte
Generaal Pavel Kurochkin februari 1944 april 1944 ca 177 500 man
Generaal Ivan Petrow april 1944 juni 1944 ca 177 500 man
Generaal Georgi Zakharov juni 1944 november 1944 ca 319 500 man
Maarschalk Konstantin Rokossovski november 1944 juni 1945 ca 881 500 man

Sterkte en verliezen[bewerken]

datum operatie sterkte verliezen
juni 1944 - augustus 1944 Operatie Bagration 319 500 117 736
januari 1945 - februari 1945 Oost-Pruisen offensief 881 500 159 490
februari 1945 - maart 1945 Pommern offensief 560 900 173 389
april 1945 - mei 1945 Slag om Berlijn 441 600 59 110