AMX 13
De AMX-13 is een Franse lichte tank, geproduceerd tussen 1953 en 1985. Ze deed dienst in het Franse Leger en is geëxporteerd naar meer dan 25 andere landen. Ze is genoemd naar het leeggewicht van 13 ton. De AMX-13 beschikte over een taai en betrouwbaar chassis en was uitgerust met een zogenaamde scharnierende toren, gebouwd door GIAT Industries (huidige Nexter) met een revolvertypemagazijn dat ook in gebruik was door de Australische SK-105 Kürassier. Inbegrepen prototypes en exportversies werden er over de honderd varianten van gebouwd, zoals rijdende artillerie, anti-luchtdoel, APCs, and ATGM versies. De totale productie van de AMX-13-familie bedraagt ongeveer 7.700 stuks, 3.400 daarvan werden geëxporteerd. Nederland heeft destijds 131 stuks daarvan in dienst genomen voor de Nederlandse Landmacht, tezamen met de AMX-PRI en AMX-PRA.
[bewerken] Geschiedenis
De tank werd ontworpen door 'Atelier de Construction d'Issy-les-Moulineaux in 1946 als lucht-transporteerbaar gevechtsvoertuig ter ondersteuning van paratroepen. Het eerste prototype reed in 1948. Het compacte chassis had torsiestaafvering met 5 loopwielen 2 tandwielen; de motor is rechts geplaatst en de chauffeur zit linksvoor. Het is uitgerust met een in twee delen scharnierende toren waarbij het kanon vastzit aan de torenbovenkant en het gehele bovenste torendeel qua elevatie beweegt en het onderste torendeel draaibaar is. De toren is geplaatst aan de achterkant van het voertuig en huisvest de tankcommandant en de schutter. Het oorspronkelijke 75 mm-kanon, naar alle schijn gebaseerd op het Duitse 7,5 cm KwK 42 L/70-kanon (onder andere in de Panthertank gebruikt) maar met andere ammunitie en een kortere loop, werd uitgerust met een automatisch laadsysteem met twee 6-schotsrevolverende magazijnen geplaatst in de achterzijde van de torens. Met 12 schoten beschikbaar in de laadeenheid kon de bemanning de doelen snel onder vuur nemen, echter als deze 12 patronen verschoten waren diende het voertuig zich terug te trekken in dekking waarna de bemanning de magazijnen weer kon herladen vanaf de buitenkant van het voertuig.
ARE ('Atelier de Construction Roanne) begon de productie vanaf 1952, de eerste tanks werden het jaar erop geleverd. In 1964 werd de productie overgebracht naar Creusot-Loire at Chalon-sur-Saône, aangezien ARE de AMX 30 MBT begon te bouwen, en vanaf dat jaar zakte de productie significant.
Vanaf 1966 werd het 75mm hoge mondingssnelheidskanon vervangen door het 90 mm (AMX-13/90)-kanon met medium mondingssnelheid die effectievere HEAT-ammunitie kon verschieten, waarbij de Fransen alle bestaande basismodellen aan deze specificatie hebben aangepast. Vanaf begin 70er jaren waren voor de export ook modellen leverbaar uitgerust met het zwaardere 105mm-kanon (NAVO-standaard). Alhoewel er vele varianten waren op de torenuitvoering bleef het chassis praktisch onveranderd tot 1985 toen bij de opwaardering ook de dieselmotor, volledig automatische transmissie en nieuwe hydropneumatische vering werden geïntroduceerd.
De productie werd stopgezet met Model 1987. After sales support en upgrading zijn nog steeds leverbaar door GIAT Industries (nu Nexter). De AMX-13-tank werd gefaseerd uit dienst genomen door het Franse leger in de 1980er jaren. Vervangende Franse pantservoertuigen met gelijksoortige rol werden de ERC 90 Sagaie en de AMX 10 RC.