A priori

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

A priori betekent eigenlijk "wat van tevoren gegeven is" of "voorafgaand aan de ervaring". Meer in het bijzonder heeft dit betrekking op vaststellingen en/of oordelen die onafhankelijk van de zintuiglijke indrukken uitgesproken worden, ofwel zonder onderzoek.

De termen 'a priori' en 'a posteriori' werden voor zover bekend het eerst gebruikt in de 14e eeuw, in teksten van de scholastieke filosoof Albert van Rickmersdorf. Immanuel Kant maakte gebruik van de term in zijn werk Kritik der reinen Vernunft om te verwijzen naar vormen en categorieën die de ervaring mogelijk maken en die dus zelf buiten de ervaring staan. Het wordt gebruikt voor logica die bestaat zonder argumentatie vanuit het resultaat, ofwel informatie die bestaat zonder ervaring met de harde werkelijkheid.

Het onderscheid tussen a posteriori en a priori valt grotendeels samen met het onderscheid tussen empirische en theoretische kennis.

Voorbeelden[bewerken]

Drie voorbeelden van a-prioribegrippen:

  1. De driedimensionale wijze van zien verklaart waarom je spreekt van dichtbij en veraf, onder en boven, ondiep en diep enz.
  2. Oorzakelijkheid verklaart waarom je bij gebeurtenissen automatisch vraagt naar de oorzaak.
  3. Substantie verklaart waarom je indrukken toewijst aan “dragers” daarvan (ordenen door middel van taalmiddelen).

Andere betekenissen[bewerken]

Het begrip a priori is ook van belang bij de kansrekening, met name bij het theorema van Bayes.

Icoontje WikiWoordenboek Zoek a priori op in het WikiWoordenboek.