Nervus facialis
| Aangezichtszenuw | ||||
| Nervus facialis | ||||
| Zenuw | ||||
| Het verloop en de verbindingen van de nervus facialis in het rotsbeen (pars petrossa ossis temporalis). | ||||
| Enkele belangrijke motorische takken van de nervus facialis | ||||
| Gray's Anatomy | 202,901 | |||
| MeSH | A08.800.800.120.250 | |||
| Dorlands/Elsevier | n_05/12565770 | |||
|
||||
De nervus facialis is de zevende craniale, hersenzenuw of de aangezichtszenuw.
De N. VII heeft zich ontwikkeld uit de kieuwboogzenuwen van lagere gewervelden.
Verloop [bewerken]
De nervus facialis bevat zenuwvezels uit de nucleus nervi facialis (motorische tak), de nucleus salivatorius superior (parasympathische tak) en de nucleus solitarius (smaakvezels) en ontspringt aan de achterkant van de pons uit de hersenstam. Vervolgens treedt hij naar buiten in de brughoek om via de meatus acusticus internus in het rotsbeen uit te komen. Daar splitst de zenuw in twee groepen. De eerste groep bestaat uit smaakvezels en vezels voor de secretie van speeksel- en traanklieren. Deze groep loopt binnen de zogeheten canalis facialis van het rotsbeen. De tweede en grootste groep bestaat uit motorische vezels voor de mimische musculatuur van het gezicht (zie innervatie).
Innervatie [bewerken]
- Eerste groep: in het rotsbeen geeft de nervus facialis drie takken af: achtereenvolgens de nervus petrosus major, de nervus stapedius en de chorda tympani. De nervus petrosus major innerveert de traanklier en de neusklieren. De nervus stapedius innerveert de m. stapedius (stijgbeugelspier) in het oor) en de chorda tympani zorgt voor de speekselklieren glandulae mandibularis & sublingualis (behalve de glandula parotis (oorspeekselklier)), de traanklier (glandula lacrimalis) en de smaak in het voorste 2/3 deel van de tong.
- Tweede groep: via het foramen stylomastoideum loopt een tak door de oorspeekselklier ( naar de gelaatsspieren. Deze laatste tak splitst zich achtereenvolgens in de volgende zijtakken (lat.: rami): de rami temporales (naar de slaap), rami zygomatici (naar mondhoeken en oog), rami buccales (naar de mond), ramus marginalis mandibulae (naar de kin) en de ramus colli (naar de hals).
Klinische evaluatie [bewerken]
Bij perifere beschadiging van de nervus facialis ontstaat er een verlamming van alle spieren van de aangedane gezichtshelft. De mondhoek hangt naar beneden, het oog kan niet meer gesloten worden en de rimpels in het voorhoofd verstrijken. Bovendien kan smaak en gehoor gestoord zijn en kan er verminderde vorming van speeksel of traanvocht worden waargenomen.
Bij een verlamming van de n. facialis valt de m. stapedius uit, en daarmee ook de demping van het geluid.
Centrale beschadiging van de nervus facialis heeft alleen verlamming van het onderste gedeelte (mond) van het gezicht tot gevolg, aangezien het bovenste gedeelte (oog, voorhoofd) via twee kanten van zenuwen is voorzien.
Aangezien de nervus facialis door de oorspeekselklier heenloopt, kan een tumor in de speekselklier leiden tot uitvalsverschijnselen.
| Craniale of hersenzenuwen |
|---|
|
I: N. olfactorius · II: N. opticus · III: N. oculomotorius · IV: N. trochlearis · V: N. trigeminus (N. ophthalmicus · N. maxillaris · N. mandibularis) · VI: N. abducens · VII: N. facialis · VIII: N. vestibulocochlearis · IX: N. glossopharyngeus · X: N. vagus · XI: N. accessorius · XII: N. hypoglossus |