Aanslag op het Togolees voetbalelftal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De aanslag op het Togolees voetbalelftal op 8 januari 2010 in de Angolese exclave Cabinda was een paramilitaire aanslag van de Angolese separistische guerrillagroep FLEC.

Aanslag[bewerken]

Het nationaal voetbalelftal van Togo was vanuit zijn trainingskamp in Pointe-Noire, Congo[1] per bus op weg naar Cabinda, waar het op 11 januari 2010 zijn eerste groepswedstrijd van de Afrikacup zou spelen tegen Ghana.

Toen de bus vlak na de grens stilstond om formaliteiten af te handelen, werd de bus beschoten door personen met machinegeweren.

In totaal vielen er negen gewonden, waaronder de spelers Kodjovi Obilalé en Serge Akakpo. Daarnaast is bekend geworden dat de chauffeur van de bus, de woordvoerder van het elftal en de assistent-bondscoach Améleté Abalo omgekomen zijn. Reservedoelman Obilalé werd in kritieke toestand naar het ziekenhuis afgevoerd omdat hij door twee kogels geraakt werd. Hij werd geopereerd en was al snel buiten levensgevaar [2].

De aanslag werd hierna opgeëist door de FLEC, die naar onafhankelijkheid van Cabinda streeft.

Gevolgen[bewerken]

Naar aanleiding van deze aanslag trok Togo zich terug uit de competitie. De spelers gaven een dag later aan om toch te willen spelen, maar uiteindelijk besloot de Togolese overheid het team terug te trekken. De organisatie van de Afrikacup besloot om het toernooi ondanks de aanslag door te laten gaan.[3]. Togo krabbelde een klein beetje terug door te zeggen dat het land misschien later tijdens het toernooi alsnog zou instromen [4]. Een paar dagen later maakte de voetbalbond echter bekend dat het land zich definitief zou terugtrekken uit de Afrikacup [5]. Sterspeler Emanuel Adebayor maakte na de aanslag bekend niet meer voor Togo uit te willen komen.

Bronnen, noten en/of referenties