Abdij van Burtscheid

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Reichsstift Buchau am Federsee
Onderdeel van het Heilige Roomse Rijk
1138–1802 Eerste Franse Keizerrijk 
Wappen Abtei Burtscheid.svg
Algemene gegevens
Hoofdstad Burtscheid
Regering
Regeringsvorm Vorstendom
Abdij van Burtscheid rond 1790

De abdij van Burtscheid bij Aken werd in 997 gesticht. In de eerste paar honderd jaar was het een Benedictijnse abdij. In 1138 werd de abdij rijksonmiddellijk. Sindsdien was de abdij niet bij een kreits ingedeeld. In 1220 werd de abdij van Burtscheid omgezet tot één voor cisterciënzerinnen. Bij de secularisatie in de Franse tijd werd de abdij in 1802 ontbonden.

Stichting[bewerken]

Tussen 996 en 1000 wordt de abdij van Burtscheid bij Aken gesticht door keizer Otto III als rijksklooster voor Benedictijnen. Keizer Hendrik II schonk het klooster in 1018 goederen uit de bezittingen van het rijk rond Aken, zodat een klein staatje ontstaat.

De abdij werd in 997 op instigatie van Otto III door de Basiliaanse abt Gregorius van Burtscheid opgericht als een Benedictijns klooster [1]. Keizer Hendrik II droeg in een oorkonde uit 1018 een tiende-gebied aan de abdij over. Dit gebied kwam exact overeen kwam met de grenzen van de toekomstige stad Burtscheid. De "villa Porceto" werd daarmee afgescheiden uit het gebied van de "villa Aquisgrana" van de Karolingische koningspalts. Een oorkonde van keizer Hendrik III uit 6 juni 1040 splitste ook de "koningsmannen" uit het "tiende"-gebied af van de Pfaltskerk van St. Maria, de hoofd- en moederkerk van Aken. Hij maakte hen tot kloosterlieden, die nu hun tienden moesten betalen aan de abdij van Burtscheid en aan dit instituut ook diensten schuldig waren.

In 1138 legde Koenraad III (Rooms-koning) in een oorkonde vast dat het klooster rijksonmiddellijk is.

Cisterciënzerse abdij voor vrouwen[bewerken]

In 1220 wordt het benedictinessenklooster omgezet in één voor cisterciënzerinnen. De nieuwe zusters waren afkomstig van de Sint Salvator in Aken.

In 1649 kocht de abdij van Burtscheid de ondervoogdij van de heren van Frankenberg de Merode. De voogdij blijft verbonden met het hertogdom Limburg.

Secularisatie[bewerken]

Door de Franse bezetting van 1795 verloor het klooster zijn wereldlijk gebied, dat in 1797 bij Frankrijk wordt ingelijfd. Burtscheid werd de hoofdplaats van het kanton Borcette. De abdij zelf werd in 1802 opgeheven. Het gebied van de voormalige abdij wordt door het Congres van Wenen in 1815 aan het koninkrijk Pruisen toegekend.

Voetnoten[bewerken]

  1. Handbuch der historischen Stätten Deutschlands - Dritter Band: Nordrhein-Westfalen, blz. 123 e.v.