Abdij van Nijvel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nijvel: Sint-Gertrudiskerk, voormalige abdijkerk

De abdij van Nijvel werd gesticht in 640 door Itta of Ida van Nijvel, de weduwe van Pepijn van Landen en haar dochter Gertrudis van Nijvel, de eerste abdis.

Deze stichting had ook als doel de familiale bezittingen te bewaren en de machtspositie van beide vrouwen te consolideren. Ook na hun dood bleef het klooster in handen van de Pepiniden. De abdij was oorspronkelijk een dubbelklooster (zowel voor mannen als vrouwen).

Tijdens de hoge middeleeuwen stond de benedictijnenabdij van Nijvel als rijksabdij rechtstreeks onder het gezag van de Duitse keizer. In de loop van de 11e eeuw ging de voogdij over aan de graven van Leuven, voorvaderen van de hertogen van Brabant. In 1795, tijdens de Franse bezetting, werd de abdij, evenals de titel van de abdis opgeheven.

Archeologisch onderzoek[bewerken]

Deze abdij is een van de weinige uit de Merovingische tijd waarvan de topografie door archeologen is onderzocht. Hierbij kwam aan het licht dat er drie kerken aanwezig waren, elk met hun eigen functie:

  • de Onze-Lieve-Vrouwekerk, centraal gelegen, waarin liturgische diensten werden gehouden van het vrouwenklooster
  • de Sint-Pauluskerk, ten noorden, voor de diensten van het mannenklooster
  • de Sint-Petruskerk, een kleine zaalkerk ten zuiden, zonder koor en gebouwd als grafkerk. Nadat Gertrudis hier werd begraven verdrong haar verering die van Petrus. Deze kerk ligt aan de basis van de grote romaanse basiliek, de huidige Sint-Gertrudiskerk

Lijst van de abdissen[bewerken]

Tijdens 17e eeuw kregen de abdissen van Nijvel de titel van prinses of vorstin van het Heilig Roomse Rijk:

  • 1668 - 1705: Madeleine-Thérèse de Noyelle
  • 1705 - 1724: Maria-Françoise de Berghes
  • 1724 - 1743: Caroline (Charlotte) de Berlaimont
  • 1743 - 1774: Ursule-Antoinette de Berlo de Francdouaire
  • 1774 - 1795: Marie-Félicité-Philippine Vandernoot

Zie ook[bewerken]