Abele spelen
De abele spelen omvatten vier toneelstukken die bewaard zijn gebleven in het kostbare Hulthemse handschrift. Dit handschrift stamt uit 1410 en bevindt zich in de Koninklijke Bibliotheek in Brussel, hs. 15.589-623.
De term 'abel' betekent 'edel', en moet beschouwd worden als het tegenovergestelde van 'religieus'. De abele spelen zijn inderdaad de oudst bekende Nederlandstalige toneelstukken van wereldlijke (niet religieuze) aard. Ze gaan namelijk allemaal over de Liefde.
Deze toneelstukken zijn:
- Esmoreit (1018 regels)
- Gloriant (1142 regels)
- Lanseloet van Denemerken (952 regels)
- Vanden Winter ende vanden Somer (625 regels)
Ze dateren uit omstreeks 1350 en behoren daarmee ook tot het oudst bekende West-Europese wereldlijke toneel.
Alle vier de stukken behandelen een liefdesthema in de stijl van de hoofse liefde (vandaar 'abel' = 'edel' = 'hoofs'). Het gaat hierbij respectievelijk om de liefdesparen Esmoreit en Damiët, Gloriant en Florentijn, Lanseloet en Sanderijn, Winter en Somer (de laatste is een allegorie).
De opvoering van (een van) de abele spelen werd gevolgd door een 'sotternie' (klucht). Omdat de spelen zelf 'edel' waren, werd hetzelfde thema dan in een meer populistische en explicietere vorm gebracht in de klucht.
De bij de abele spelen horende sotternieën zijn:
- Lippijn (199 regels) (bij Esmoreit)
- De Buskenblaser (208 regels) (bij Gloriant)
- Die Hexe (112 regels) (bij Lanseloet van Denemerken)
- Rubben (245 regels) (bij Vanden Winter ende vanden Somer)
- Truwanten (onvolledig)
- Drie daghe here (onvolledig)
Omdat er twee sotternieën meer zijn dan abele spelen wordt gedacht er in het verleden zes abele spelen, in plaats van de huidige vier, zijn geweest.