Ablativus absolutus

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De losse ablatief, in het Latijn ablativus absolutus, is een term uit de Latijnse grammatica.

Inhoud

[bewerken] Regel

Hij wordt gebruikt voor een speciale, vaak voorkomende constructie in de ablatief en verwijst naar een beknopte bijzin waarbij het "onderwerp" in de ablatief staat en het "werkwoord" een predicatief participium is dat congrueert met het onderwerp (en dus ook in de ablatief staat). Een losse ablatief is dus een woordgroep die in de regel bestaat uit een zelfstandig naamwoord of voornaamwoord én een participium, beide in de ablatief.
Een Nederlandse constructie die het meest lijkt op een losse ablatief vinden we in de uitdrukking dit gezegd zijnde ...

Deze constructie wordt 'los' genoemd, omdat het onderwerp van de bijzin geen functie heeft in de hoofdzin

[bewerken] Voorbeelden

  • 'Signo dato, ...' → "Nadat het sein gegeven was, ...", of letterlijk: "Het sein gegeven zijnde, ..."
    In dit geval is het participium (dato) een Participium Perfectum Passief, en dat wijst erop dat de bijzin geschiedt vóór de hoofdzin ("anterioriteit" vertaling "nadat")
  • 'Senatore loquente, ...' → "Terwijl de senator sprak, ...", of letterlijk: "De senator sprekende, ..."
    In dit geval is het participium (loquente) een Participium Praesens Actief, en dat wijst erop dat de bijzin geschiedt gelijktijdig met de hoofdzin ("gelijktijdigheid" vertaling "terwijl").

[bewerken] Betekenis

De Losse ablatief geeft aan onder welke omstandigheid een handeling plaats vindt. Hij kan de betekeniswaarde van verschillende bijzinnen hebben:

  • meest frequent is de nuance van tijd:
    • vb. Troiā captā, Graeci domum redierunt. = Nadat Troje ingenomen was, keerden de Grieken naar huis terug. → vrij: "Na de inname van Troje ..."
  • nuance van voorwaarde:
    • vb. Pietate inter propinquos sublatā, etiam societas humani generis tolletur. = Als het respect voor de naasten verdwenen is, zal ook de solidariteit met de mensheid verdwijnen.
  • nuance van reden / oorzaak:
    • vb. Populo clamante, consules silentium poscebant. = Omdat het volk schreeuwde, eisten de consuls stilte. → vrij: "Wegens het geschreeuw van het volk, ..."
  • nuance van toegeving
    • vb. Multis vulneribus acceptis, milites fortiter resistebant. = Hoewel veel verwondingen opgelopen waren, bleven de soldaten dapper weerstand bieden. → vrij. "Ondanks hun vele verwondingen, ..."

In de plaats van een Participium staat soms een bijvoeglijk of zelfstandig naamwoord:

  • Cicerone et Antonio consule natus sum. = Ik ben geboren onder het consulaat van Cicero en Antonius.
  • Catilina praesente, Cicero orationem habuit. = In tegenwoordigheid van Catilina hield Cicero een redevoering.
  • Naturā duce, numquam errabimus. = Met de natuur als leider zullen wij ons nooit vergissen.

[bewerken] Zie ook


Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen