Willem Ruys (schip)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Achille Lauro)
Ga naar: navigatie, zoeken
Willem Ruys (schip)
Carrière
Besteld 7 mei 1938
Werf Koninklijke Maatschappij De Schelde
Kiellegging 25 januari 1939
Tewaterlating 1 juli 1946
Gedoopt Willem Ruys
In de vaart genomen 21 november 1947
Omgedoopt 5 januari 1965 in Achille Lauro
Status Gezonken na brand, 2 december 1994
Algemene kenmerken
Tonnage 21.119 brt, 13 april 1966 23.629 brt
Passagiers 877, begin 1959 1167
IMO-nummer 5390008
Lengte 192,8 meter
Breedte 25,1 meter
Diepgang 8,9 meter
Voortstuwing en vermogen 8 Dieselmotoren, dieselelektrisch, 2 schroeven
Snelheid 22 knopen
Eigenaar Rotterdamsche Lloyd, 7 januari 1964 Achille Lauro, 1987 Starlauro
Portaal  Portaalicoon   Maritiem

Het motorschip Willem Ruys werd in 1938-1947 gebouwd als passagiersschip voor de Koninklijke Rotterdamsche Lloyd. Als Italiaans cruiseschip onder de naam Achille Lauro is het schip bekend geworden door de kaping in 1985 en de brand en ondergang in 1994.

Inhoud

[bewerken] Willem Ruys

[bewerken] Bouw

Het schip was in 1938 door de RL besteld bij scheepswerf Koninklijke Maatschappij De Schelde (KMS) in Vlissingen en kreeg daarbij bouwnummer 214. Onder dit bouwnummer - een naam was nog niet bekend - werd op 25 januari 1939 de kiel gelegd. Als gevolg van de Tweede Wereldoorlog en de naoorlogse materiaalschaarste kon het schip niet worden afgebouwd en heeft het zeven en een half jaar op de helling in de Vlissingse binnenstad gestaan. Over de rol die het in aanbouw zijnde schip gespeeld zou kunnen hebben bij het voorkomen van een door de Duitse bezetter voorgenomen vernietiging van de scheepswerf zijn deskundigen het niet eens. Na de bevrijding van Vlissingen heeft de zoetwaterinstallatie aan boord van het schip twee weken lang drinkwater aan de stad geleverd. Als in 1944 de dijken van Walcheren op drie plaatsen worden gebombardeerd waardoor een groot deel van het eiland onder water komt te staan, worden de sloepen van de Willem Ruys gebruikt voor transport over water.[1]

Pas op 1 juli 1946 werd het schip gedoopt en te water gelaten. Het kreeg de naam Willem Ruys, naar de in de oorlog gefusilleerde Lloyd-directeur Willem Ruys (1894-1942). Tegelijk verkreeg de RL het predicaat Koninklijk. Op 28 september 1947 verliet het schip de werf voor de eerste proeftocht, waarna het aan de Lloydkade in Rotterdam werd afgemeerd voor de laatste afbouwwerkzaamheden. De eerste reis begon op 2 december 1947. Het schip was 192 meter lang, 25 meter breed, had een diepgang van 8,9 meter en een volume van 21.110 brt, en kon 840 passagiers en 60 bemanningsleden meenemen.

[bewerken] Vaarroutes

De Willem Ruys onderhield tot 1958 een lijndienst op Indonesië. In 1953 kwam het schip in de Rode Zee in aanvaring met de Oranje van de Stoomvaart Maatschappij Nederland (de latere Angelina Lauro), maar de schade viel mee. In totaal maakte het schip tussen 1947 en 1958 64 rondreizen tussen Nederland en Indonesië. Daarna kwam de Willem Ruys samen met de Oranje in een ‘rond-de-wereld’-dienst, waarmee beide Nederlandse rederijen nieuw emplooi zochten voor hun passagiersschepen.

[bewerken] Achille Lauro

In januari 1964 werd de Willem Ruys verkocht aan de Italiaanse Lauro Line, met oplevering in januari 1965. Lauro liet het schip verbouwen tot fulltime cruiseschip en herdoopte het in Achille Lauro, naar de oprichter van de rederij, een (omstreden) politicus en een van de rijkste mensen van Italië. Vanaf 1966 kwam het als cruiseschip weer in de vaart.

[bewerken] Kaping

Op 7 oktober 1985 namen vier mannen namens het Front voor de Bevrijding van Palestina (PLF) voor de kust van Egypte de controle van het schip over, terwijl het op weg was van Alexandrië naar Port Said.

De kapers werden verrast door een bemanningslid, en moesten daardoor voorbarig handelen. Ze hielden de passagiers en de bemanning in gijzeling, en stuurden het schip richting Tartous in Syrië. Zij wilden dat 50 Palestijnen werden vrijgelaten uit Israëlische gevangenissen. Ze kregen geen toestemming om aan te leggen bij Tartous. De kapers vermoordden een passagier in een rolstoel, de Joodse Amerikaan Leon Klinghoffer, en gooiden zijn lichaam overboord. Het schip keerde terug richting Port Said. Na twee dagen onderhandelen gingen de kapers akkoord, en verlieten het schip voor een veilige doorgang. Ze werden naar Tunesië gevlogen door een Egyptisch passagiersvliegtuig. Het vliegtuig werd onderschept door een Amerikaans F-14 gevechtsvliegtuig, en werd gedwongen te landen op Sicilië, waar de kapers werden gearresteerd door de Italiaanse politie na een onenigheid tussen de Amerikaanse en Italiaanse overheden.

De andere passagiers in het vliegtuig (waaronder wellicht de leider van de kapers, Abu Abbas) mochten verder vliegen, alhoewel hiertegen werd geprotesteerd vanuit de Verenigde Staten.

Het uiteindelijke lot van de mannen die werden veroordeeld voor de kaping is verschillend:

  • Bassam al-Asker kreeg voorwaardelijke vrijlating in 1991.
  • Ahmad Marrouf al-Assadi verdween in 1991 tijdens zijn voorwaardelijke vrijlating.
  • Youssef al Molqi kreeg 30 jaar, verliet de Rebibbia gevangenis in Rome op 16 februari 1996 en vluchtte naar Spanje waar hij opnieuw gevangen werd genomen, en werd uitgeleverd aan Italië. Op 1 mei 2009 is hij vanwege goed gedrag vervroegd vrijgekomen uit de gevangenis van Palermo.
  • Abu Abbas verliet het rechtsgebied van Italië, werd in absentia veroordeeld, en werd in 2003 opnieuw gevangengenomen, in Irak.

De PLO werd vervolgd om zijn rol in de dood van Leon Klinghoffer, maar de rechtszaak werd afgelast nadat de PLO een onbekende som geld aan Klinghoffers dochters betaalde. Het geld wordt gebruikt voor de Leon and Marilyn Klinghoffer Memorial Foundation of the Anti-Dafamation League, een fonds dat terrorisme tegengaat door legale, politieke en educatieve middelen.

[bewerken] Laatste jaren

Enige tijd na de kaping hervatte het schip zijn cruiseprogramma. Toen het op 19 maart 1993 tijdens een cruise in West-Europese wateren ook Antwerpen aandeed, passeerde het onder grote publieke belangstelling de rede van Vlissingen.

Ruim anderhalf jaar later brak er op 30 november 1994 brand uit aan boord voor de kust van Somalië. Het schip maakte slagzij, maar ondanks de hulp van een sleepboot zonk het op 2 december. De meeste opvarenden konden het schip verlaten, maar voor 4 slachtoffers was de ramp fataal. 2 Engelsen en 2 Nederlanders lieten het leven. Door de grote internationale bekendheid van het schip als gevolg van de kaping, was ook dit roemloze einde wereldnieuws.

[bewerken] Film en opera

[bewerken] Kinderboek

Henriëtte van Eyk schreef het kinderboek Avonturen op de Willem Ruys, een spannend verhaal voor jonge mensen. Het werd in 1948 uitgegeven door de Koninklijke Rotterdamsche Lloyd die het aan de passagiers verstrekte.

Bronnen, noten en/of referenties
  • J. van Beylen e.a. (red.), Maritieme Encyclopedie. Deel VII, Bussum, 1973, p. 192-193, ISBN 9022810062
  • C. de Haas, De grote drie. Nieuw Amsterdam, Oranje, Willem Ruys, Bussum, 1976, p. 159-196, ISBN 9022819590
  • P. Quite, Willem Ruys. Verhalen van de 214, het vlaggeschip van de Lloyd, Vlissingen, 1992, ISBN 9072838076
  • F. Luidinga, N. Guns, Willem Ruys. De kroon op de vloot [deel 1], Amsterdam, 2007, ISBN 906881110X

  1. Bron: Omroep Zeeland - Trugkieke, Willem Ruys

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen