Ad Simonis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ad Simonis
Ad simonis.png
Kardinaal van de rooms-katholieke Kerk
Wapen kardinaal
Rang kardinaal-priester
Ambt emeritus
Aartsbisdom Utrecht
Titelkerk San Clementebasiliek
Creatie
Gecreëerd door Johannes Paulus II
Consistorie 25 mei 1985
Kerkelijke carrière
Eerdere functies 1970-1983:
bisschop van Rotterdam
1983-2007:
aartsbisschop van Utrecht
Portaal  Portaalicoon   Christendom

Adrianus Johannes (Ad) Simonis (Lisse, 26 november 1931) is een Nederlands kardinaal, voormalig bisschop van Rotterdam, aartsbisschop-emeritus van het aartsbisdom Utrecht en voormalig metropoliet van de Nederlandse rooms-katholieke kerkprovincie.

Levensloop[bewerken]

Simonis kwam uit een gezin van elf kinderen, van wie hij de oudste zoon was. Zijn vader was tandarts. Hij studeerde voor het priesterschap aan de seminaries van Hageveld en Warmond. Hij werd tot priester gewijd (van het bisdom Rotterdam) op 15 juni 1957. Hij was kapelaan, eerst in Waddinxveen en vervolgens bij de parochie van het H. Sacrament aan de Sportlaan in de Vogelwijk in Den Haag. In die hoedanigheid nam hij deel aan de derde, vierde en zesde zitting van het Pastoraal Concilie van de Nederlandse Kerkprovincie.

Bisschop[bewerken]

Op 29 december 1970 werd hij benoemd tot bisschop van Rotterdam en op 20 maart 1971 bisschop gewijd door kardinaal Alfrink, mgr. Moors en mgr. Bluyssen.

De benoeming tot bisschop van kapelaan Simonis, die mede door zijn optreden op het Pastoraal Concilie als behoudend gold, was in Nederland van meet af aan omstreden. Vanaf het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie van de Nederlandse Katholieke Kerk in 1853 was de gewoonte ontstaan dat de kapittels van de Nederlandse bisdommen van Rome een voordracht van drie namen konden doen aan de paus. Ad Simonis figureerde niet in deze lijst. Zijn benoeming was dan ook tegen de zin van kardinaal Alfrink.[1][2] Dit had alles te maken met de eigen weg die de Katholieke Kerk in Nederland in de jaren zestig was ingeslagen onder leiding van de toenmalige kardinaal Alfrink. De veranderingen hadden onder meer te maken met inspraak voor de gelovigen en geboortebeperking. Nadat paus Johannes XXIII in 1963 overleed en werd opgevolgd door paus Paulus VI voelde het Vaticaan de behoefte het gematigd progressieve Nederlands bisschoppelijk college, dat allerlei radicale veranderingen had toegelaten en bepleit, op de vingers te tikken. En al waren er in die roerige tijden meer opstandige kerkprovincies in Europa, de Nederlandse was slagvaardig vanwege de eensgezindheid van het Bisschoppelijk College. Die eensgezindheid werd met de benoeming van Simonis door Rome gebroken. Kardinaal Alfrink, liet zich, volgens kerkhistoricus Ton van Schaik zelfs ontvallen: "Een bisschop behoort er te zijn voor de hele kudde, niet slechts voor het conservatieve deel ervan."[3] Daarbij kwam dat Simonis, op zijn eerste persconferentie, na zijn benoeming, meteen kritiek uitte op de Nederlandse bisschoppenconferentie. Hij zei "Het Bisschoppencollege geeft te weinig leiding en is wat al te permissief te werk gegaan". Dit was voor de Nederlandse bisschoppen aanleiding om meteen met Simonis in gesprek te gaan.[4] Tijdens de wijding van monseigneur Simonis stelde Alfrink dat door de benoeming van Simonis "de tegenstellingen binnen de kerkgemeenschap waren vergroot en dat herhaling tot iedere prijs moest worden voorkomen."[5]

Aartsbisschop en kardinaal[bewerken]

Ingang van de San Clementebasiliek, met rechts het wapen van kardinaal Simonis

Op 27 juni 1983 werd hij tot aartsbisschop-coadjutor van Utrecht benoemd, met recht van opvolging na kardinaal Johannes Willebrands, die terugkeerde naar zijn post in Rome bij de Pauselijke Raad ter Bevordering van de Eenheid van de Christenen; sinds 3 december 1983 was Simonis ook daadwerkelijk aartsbisschop van Utrecht. In Rotterdam werd hij opgevolgd door bisschop Bär. Als aartsbisschop van Utrecht was hij tevens de metropoliet van de Nederlandse kerkprovincie, dus als enige Nederlandse bisschop gerechtigd het pallium te dragen, en traditiegetrouw de voorzitter van de Nederlandse bisschoppenconferentie. Verder was hij grootkanselier van de theologische faculteit van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Op 25 mei 1985 werd hij door paus Johannes Paulus II tot kardinaal van de Heilige Kerk van Rome en kardinaal-priester van de basiliek van San Clemente gecreëerd. Tussen zijn voorganger Alfrink en Simonis heeft het bepaald niet altijd geboterd. Toen Simonis de al hoogbejaarde Alfrink van zijn benoeming op de hoogte bracht, scharrelde deze laatste, moeizaam ter been, naar achteren, viste zijn eigen kalotje uit een doos en overhandigde dat aan Simonis. Die noemde dat bij de viering van Alfrinks 100e geboortedag in Amersfoort een groots gebaar.[6]

Hij leidde de uitvaartplechtigheden van diezelfde Alfrink. Met kardinaal Kasper - president van de Pauselijke Raad ter Bevordering van de Eenheid van de Christenen - was hij hoofdcelebrant in de uitvaartliturgie van kardinaal Willebrands.

Hoewel Adrianus Simonis in 1970 nog gold als conservatief, kwam dit in zijn beleid in het aartsbisdom Utrecht niet tot uitdrukking. Liturgische experimenten en kerkelijke veranderingen konden doorgang vinden. Aan verschillende moderne veranderingen en initiatieven gaf Simonis zijn zegen. Zo sprak Simonis ondanks het uitdrukkelijke kerkelijke verbod op lidmaatschap en ondersteuning van de vrijmetselarij[7] in de Loge Ultrajectina aan de Maliebaan in Utrecht tijdens een serie lezingen over vrijmetselarij en godsdienstige genootschappen.[8]

Na het overlijden van paus Johannes Paulus II in 2005 vertrok hij naar Rome om te concelebreren bij diens uitvaart. In het conclaaf daarna was hij de enige Nederlander die stemgerechtigd was bij de keuze van kardinaal Joseph Ratzinger tot paus Benedictus XVI.

Kardinaal Simonis was namens de bisschoppenconferentie aanwezig bij het huwelijk van Willem Alexander en Máxima der Nederlanden, alsmede bij de staatsbegrafenissen van prins Claus, koningin Juliana en prins Bernhard.

Nadagen[bewerken]

In maart 2006 maakte hij bekend dat hij, geheel volgens de voorschriften van het Wetboek van Canoniek Recht, die zomer vanwege het bereiken van de 75-jarige leeftijd zijn ambt ter beschikking ging stellen. Op 13 november 2006 meldde de Volkskrant dat Simonis zijn ontslagbrief bij het Vaticaan had ingediend.[9] Op 14 april 2007 werd in Rome bekendgemaakt dat paus Benedictus XVI de aanvraag voor het ontslag van kardinaal Simonis had ingewilligd. De kardinaal functioneerde daarna als apostolisch administrator, met alle bevoegdheden van de diocesane bisschop, tot het moment waarop zijn opvolger, mgr. Eijk, zijn plaats innam op de zetel van Utrecht.

In 2007 heeft hij zijn gouden priesterjubileum gevierd met een pontificale eucharistieviering in de Mariakerk te Apeldoorn - de kerk waar hij jaarlijks in de Goede Week de oliewijding in de zogeheten chrismamis opdroeg - en een viering van het mediapastoraat in de Sint-Nicolaasbasiliek te IJsselstein.

Emeritaat[bewerken]

Wapen van Kardinaal Simonis bij de basiliek van San Clemente, met de wapenspreuk Ut cognoscant te

Op 8 december 2007 nam Simonis afscheid als aartsbisschop van Utrecht en voorzitter van de Nederlandse bisschoppenconferentie tijdens een pontificale Hoogmis in de kathedrale kerk van Sint-Catharina in Utrecht. Bij die gelegenheid werd hij benoemd tot Ridder Grootkruis in de Orde van Oranje-Nassau.[10] Hij was al Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. De kardinaal kreeg deze hoge onderscheiding opgespeld door minister Hirsch Ballin. Simonis werd op 7 december 2007 voor een afscheidsaudiëntie ontvangen door koningin Beatrix.

Hij werd op 26 januari 2008 als aartsbisschop opgevolgd door Wim Eijk.[11]

Sinds zijn emeritaat in 2008 is hij bewoner binnen de stichting Mariapoli Mariënkroon (te Nieuwkuijk), een onderdeel van de Focolarebeweging.

In 2010 kwam Simonis in opspraak vanwege een uitspraak die hij deed in het televisieprogramma Pauw en Witteman omtrent het seksueel misbruik van kinderen door rooms-katholieke priesters. Simonis herhaalde hierbij de uitspraak Wir haben es nicht gewusst, in de jaren na de Tweede Wereldoorlog een veel gebruikte uitleg wanneer Duitse burgers naar de Holocaust gevraagd werd. Onder meer CDA-minister Maxime Verhagen had publiekelijk kritiek op de uitspraak, die gezien wordt als een toppunt van schijnheiligheid. Enkele dagen na zijn uitspraak bekende Simonis dat zijn woorden "achteraf ongelukkig gekozen" waren.[12] In weerwil van Simonis' verklaring dat hij van niets had geweten bleek later dat hij in 1991 een priester in bescherming had genomen die veroordeeld was voor seksueel misbruik van minderjarigen. Simonis bezorgde hem een nieuwe baan, waar de priester opnieuw kinderen misbruikte.[13] Simonis zei in een reactie hierop dat hij ervan uitgegaan was dat de priester therapie had gekregen, en dat er voldoende basis leek om hem een nieuwe benoeming te bezorgen. "Mocht nu blijken dat op grond van onvolledige informatie niet zorgvuldig genoeg gehandeld is, dan valt dat bijzonder te betreuren en moet dat alsnog hersteld worden."[14]

Op 26 november 2011 werd kardinaal Ad Simonis 80 jaar, waardoor hij niet meer stemgerechtigd is op een conclaaf.

Trivia[bewerken]

De wapenspreuk van Simonis is Ut cognoscant te ("Opdat zij U kennen", naar Johannes 17).[15]

Werken (selectie)[bewerken]

  • God: 'Iets' of 'Iemand'? (1986)
  • 'Mijn God, mijn God...' (Vastenbrief. 1987)
  • Op de adem van het leven - gedachten over het Onze Vader (1997)
  • Godsverlangen (n.a.v. Thomas a Kempis) (2000)
  • Een hart om te denken (2007)

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Margreet Vermeulen, Omstreden krijtbijter is nu goedaardige middenvelder, De Volkskrant
  2. 'Rusten doe ik wel in de eeuwigheid', Katholiek Nieuwsblad, 31 maart 2001, interview met kardinaal Simonis naar aanleiding van zijn 30-jarig jubileum als bisschop
  3. Margreet Vermeulen, op.cit.
  4. J(oh)an(nes) Bluyssen, Gebroken Wit. Vrijmoedige Herinneringen, p. 526, Baarn, 1995, ISBN 90 414 0025 7
  5. Rusten doe ik wel, op. cit.
  6. http://www.trouw.nl/krantenarchief/2000/07/06/2448832/Alfrink_blijft_een_mysterie.html
  7. Congregatie voor de Geloofsleer, 26 november 1983, Verklaring over Vrijmetselaarsloges, L'Osservatore Romano, 28 november 1983
  8. Loge Ultrajectina
  9. Simonis stelt functie ter beschikking, de Volkskrant, 13 november 2006
  10. Simonis krijgt hoge onderscheiding, ANP/NU.nl, 8 december 2007
  11. Wim Eijk aartsbisschop van Utrecht, NU.nl, 11 december 2007
  12. Nieuwsbericht op Nu.nl "Simonis heeft spijt van uitspraak"
  13. Kardinaal Simonis gaf pedopriester bescherming
  14. Reactie kardinaal Simonis op berichtgeving NRC
  15. Wapen van kardinaal Simonis
Voorganger:
Martinus Jansen
Bisschop van Rotterdam
1970-1983
Opvolger:
Philippe Bär
Voorganger:
Johannes Willebrands
Aartsbisschop van Utrecht
1983-2008
Opvolger:
Wim Eijk