Adagia (Erasmus)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Uitgave van de Adagia door Aldus Manutius, Venetië, 1508.

De Adagia is een verzameling Griekse en Latijnse spreuken en korte betogen van de Nederlandse theoloog en humanist Desiderius Erasmus. Het boek werd het eerst gedrukt te Parijs in 1500 en bestond toen uit 818 klassieke citaten en spreekwoorden. Hij bleef er met tussenpozen zijn leven lang aan werken totdat het bij de laatste uitgave voor zijn dood in 1536 was uitgegroeid tot een collectie van 4151 adagia. Zijn grote belezenheid van schrijvers uit de klassieke oudheid en kerkvaders en zijn vele reizen boden de inspiratie voor zijn reflecties. Bij zijn overlijden had hij 4658 adagia opgesteld.[1][2]

De eerste druk was getiteld Collecteana Adagiorum en verscheen in een handzaam quartoformaat. Tijdens zijn tijd in Italië groeide de verzameling snel: in 1508 stond de teller op 3260 spreuken. Hij veranderde toen ook de titel in Adagiorum Chiliades, "De duizenden spreekwoorden", de benaming waarmee ook alle volgende uitgaven worden aangeduid. De aforismen waren veelal voorzien van uitgebreide voetnoten, korte opstellen over politieke of morele onderwerpen. In sommige stukken trok hij fel van leer tegen misstanden die hij zag in het functioneren van kerk en staat.

Het werk was zijn eerste publicatie die een wijder publiek bereikte en bezorgde hem onverwijld een goede naam. Erasmus introduceerde de brede term adagium in de titel om uitspraken van een veelomvattend scala aan auteurs te vergelijken met spreekwoorden uit zijn eigen tijd. Zo ontstond de mogelijkheid om antieke argumenten toe te passen in eigentijdse situaties op een manier die in de middeleeuwen ondenkbaar was geweest. Het genre van verzamelde opmerkingen zou in de Renaissance onder humanisten een hoge vlucht nemen, maar de meestgelezen Adagia in de 16e eeuw waren die van Erasmus. Zijn spreuken vergezelden hem op al zijn tochten en verspreidden zich al tijdens zijn leven in verschillende invloedrijke vormen over Europa.[3][4]

Adagia[bewerken]

Enkele van de meest geciteerde Erasmiaanse adagia zijn:

34. Gratia gratiam parit
Gunst baart gunst: over het ontstaan van vriendschappelijke relaties.
195. Barbae tenus sapientes
Tot aan de baard zo wijs: over Spaanse, Franse en Engelse spreekwoorden die een verband leggen tussen het dragen van een baard en het beschikken over levenservaring.
1001. Festina lente
Haast u langzaam: over teksten van Aristophanes, Homerus en Hesiodus en een emblematische afbeelding uit de tijd van Vespasianus van een dolfijn (snelheid) die om een anker (traagheid) zwemt, het beeldmerk van zijn eerste Italiaanse uitgever en medehumanist Aldus Manutius, wiens trage haast hij uitvoerig prees.
1012. Difficilia quae pulchra
Wat mooi is, kost moeite.
1193. Quaevis terra patria
Heel de wereld is mijn vaderland. Een variant met "is je vaderland" staat sinds ±1994 in neonletters te lezen op de gevel van de Bibliotheek in Rotterdam. De originele vertaling is in 2008 als wandschildering aangebracht op een muur in het metrostation Zuidplein.
1354. Magna civitas magna solitudo
Een grote stad betekent grote eenzaamheid.
3001. Dulce bellum inexpertis
De oorlog is aangenaam voor wie hem niet kent.

Edities[bewerken]

Enkele vroege uitgaven zijn:

  • Parijs 1500, 818 adagia, 152 bladzijden in quarto
  • Venetië 1508, 3260 adagia, 500+ bladzijden in folio
  • Bazel 1513, ongeautoriseerde maar hoogstaande herdruk van de editie uit 1508 door Johannes Froben om Erasmus te verleiden hem te bezoeken
  • Bazel 1526, 3535 adagia, 3658 in 1528, vervolgens 4146 in 1533 en tenslotte 4151 in 1536
  • Londen 1539, Proverbes or adagies... gathered out of the Chiliades by Erasmus, eerste Engelse vertaling door Richard Taverner, tweede druk in 1545
  • Lyon 1557, een van de eerste Franse versies
  • Rome 1575, Adagia, geredigeerd door Paulus Manutius
  • Leiden 1703, Erasmus, Adagia, de Opera omnia, geredigeerd door Jean Leclerc

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties