Adenohypofyse
| Adenohypofyse | ||||
| lobus anterior hypophyseos | ||||
| Orgaan | ||||
| Halfdiagram-doorsnede van de hypofyse van een volwassen aap. | ||||
| Embryologie | mondslijmvlies, zak van Rathke | |||
| Gray's Anatomy | 275,1275 | |||
| MeSH | A06.407.747.608 | |||
| Dorlands/Elsevier | a_14/12111161 | |||
|
||||
Met de adenohypofyse wordt het voorste deel van de hypofyse dat tevens het grootste deel van de hypofyse vormt bedoeld. De adenohypofyse speelt een sturende rol bij allerlei lichamelijke processen zoals stress, groei en voortplanting.
De adenohypofyse scheidt peptidehormonen af, waardoor onder meer het functioneren van de bijnier, lever, botten, schildklier en gonaden wordt geregeld. De adenohypofyse wordt zelf aangestuurd vanuit de hypothalamus en door middel van tegenkoppeling vanuit de doelorganen.
Disfunctie van de adenohypofyse manifesteert zich in de vorm van over- of onderproductie van peptidehormonen. Prolactinoma is een hypofysetumor waardoor te veel prolactine wordt geproduceerd. Het syndroom van Sheehan is een voorbeeld van een aandoening waarbij de adenohypofyse te weinig peptidehormonen aanmaakt.
Beschrijving [bewerken]
De adenohypofyse bestaat uit drie afzonderlijke delen:
- De pars distalis, het grootste deel waar de meeste hormonen worden afgescheiden.
- De pars tuberalis, een buisachtige schede die zich vanuit het verlengde van de pars tuberalis om het infundibulum heen wikkelt. Over de functie hiervan is weinig bekend.
- De pars intermedia, het gedeelte dat de overgang vormt van de adenohypofyse naar de neurohypofyse. Bij mensen is dit onderdeel zeer klein of zelfs volledig afwezig.
Oorsprong [bewerken]
De adenohypofyse ontstaat door invaginatie van de orale ectoderm, waardoor de zak van Rathke ontstaat. De neurohypofyse ontstaat daarentegen uit de neuroectoderm.
Belangrijkste afgescheiden hormonen [bewerken]
| Hormoon | Andere namen | Symbool/Symbolen | Structuur | Afscheidende cellen | Doel | Effect |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Adrenocorticotropisch hormoon | Corticotropine | ACTH | Polypeptide | Corticotrofen | Bijnier | Afscheiding van glucocorticoïden |
| Bèta-endorfine | Polypeptide | Corticotrofen | Opioïde receptoren | Afremmen van pijn | ||
| Thyroïdstimulerend hormoon | Thyrotropine, Thyrotroof hormoon | TSH | Glycoproteïne | Thyrotrofen | Schildklier | Afscheiding van schildklierhormonen |
| Follikelstimulerend hormoon | - | FSH | Glycoproteïne | Gonadotrofen | Gonaden | Groei van het voortplantingssysteem |
| Luteïniserend hormoon | Lutropine, Interstitiële-cellenstimulerend hormoon | LH, ICSH | Glycoproteïne | Gonadotrofen | Gonaden | Productie van sekshormoon |
| Groeihormoon | Somatotropine, Somatotroop hormoon | GH, STH | Polypeptide | Somatotrofen | Lever, vetweefsel | Stimuleert de groei en metabolisme van lipide en koolhydraten |
| Prolactine | Lactogenisch hormoon | PRL | Polypeptide | lactotrofen en mammotrofen | Eierstokken, melkklieren | Afscheiding van oestrogeens/progesteron; productie van melk |