Agility

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Agilityparcours

Agility (ook wel behendigheid genoemd) is een hondensport, waarbij de hond zo snel en behendig mogelijk een hindernisparcours aflegt vergelijkbaar met jumping bij paardensport. De behendigheidsport is voor veel honden en hun baas een vrijetijdsbesteding. Het parcours omvat een aantal hindernissen die de hond moet nemen, geleid door zijn begeleider, in een minimum van tijd, op de juiste wijze en in een bepaalde volgorde. De hindernissen doen beroep op zowel de snelheid als op het atletisch vermogen van de hond. Durf en doorzettingsvermogen zijn belangrijk en de aangeboren leergierigheid van de hond wordt door deze sport gestimuleerd.[1]

Voordelen[bewerken]

  • Hond en baas leren van elkaar en kunnen zo naar elkaar toe groeien om een team te vormen.
  • Een beter opgevoede hond.
  • De hond heeft nood aan veel beweging en conditie. De sport komt hieraan tegemoet.

Ontstaan van agility[bewerken]

In 1978 werd in Londen ter gelegenheid van "Crufts Dogshow", een soort agility-programma voor het eerst voor een publiek gebracht. Eén der medewerkers, John Varnely, moest een “tussendoortje” bedenken tijdens de pauzes van de keuringen. Het idee groeide om de honden iets vergelijkbaar met 'jumping' in de paardensport te laten doen. Onder impuls van Peter Lewis en John Gilbert groeide agility snel. In 1980 werd een meer gevarieerd programma met wedstrijdvormen en reglementen gelanceerd.

Het behendigheidsparcours[bewerken]

De hond moet een parcours van 15 à 20 hindernissen in een voorgeschreven volgorde foutloos en zo snel mogelijk afleggen. De keurder ontwerpt zijn eigen parcours, van wedstrijd tot wedstrijd. De geleider (handler) mag de hond met de stem en gebaren aanwijzingen geven, maar mag noch de hond, noch de hindernissen aanraken. De hindernissen doen beroep op verschillende vaardigheden van de hond:

  • Springen over de hoogtesprong en breedtesprong
  • Doorgang door een tunnel, slurf en band
  • Slalom langs de paaltjes
  • Raakvlaktoestellen zoals de kattenloop (catwalk), de A-schutting en de wip

Agility in België[bewerken]

In het begin der jaren tachtig werd in België een eigen reglement voor het "programma voor behendigheid" opgesteld door de sectie 4C van de K.K.U.S.H. In 1988 werd het eerste officieel "agility reglement" uitgegeven en sedertdien kent de K.K.U.S.H. 65 wedstrijden per jaar. Eind 1989 erkende de F.C.I. deze sport officieel en kwam er ook een internationaal geldend reglement. F.C.I. en K.K.U.S.H. zijn federaties voor rashonden met stamboom. In 2000 werd het International Federation of Cynological Sports(I.F.C.S) opgericht als internationale koepelorganisatie voor de hondensport die niet beperkt is tot uitsluitend rashonden met stamboom. In België is de V.O.E. als hondenfederatie erkend door het I.F.C.S. en heeft 30 wedstrijden per jaar.

Vanaf 1992 bestaat er in België een "Grote Prijs Agility", ingericht door de Koninklijke Maatschappij Sint-Hubertus (K.M.S.H)[2] en wordt georganiseerd door één der aangesloten verenigingen van de Koninklijke Kynologische Unie St. Hubertus (K.K.U.S.H.). Andere nationale en internationale wedstrijden, niet ingericht door de Nationale Kynologische Organisaties (N.K.O), worden gesponsord onder andere door dierenvoedingproducenten.

Agility in Nederland[bewerken]

In Nederland zijn er twee koepelorganisaties voor de agilitysport, Federatie Hondensport Nederland (FHN) en KNK Cyophilia.

  • Er zijn hebt drie graden van moeilijkheid: A klasse, B klasse (bij KNK Cynophilia ook nog B2) en C klasse.
  • Een 1300-tal honden doen mee aan wedstrijden.
  • Er zijn grote verschillen in het aantal gespeelde wedstrijden. 50% van de honden speelt maximum 10 wedstrijden en ongeveer 25% van de deelnemende honden maximum 20 wedstrijden. De overigen spelen meer wedstrijden; een paar enkelingen zelfs meer dan 50. Deze verhoudingen lijken redelijk constant over de jaren.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties