Akagi

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Akagi

De Akagi (Japans: 赤城) was een vliegdekschip van de Japanse Keizerlijke Marine tijdens de Tweede Wereldoorlog. De "Akagi" (letterlijk: Rood Kasteel) was vernoemd naar een vulkaan in de regio Kanto in Japan. Zij werd gebouwd te Kure, aanvankelijk als slagkruiser van de Amagi-klasse, maar na een vlootovereenkomst tussen de Verenigde Staten en Japan werd het schip afgebouwd als vliegdekschip. Later werden de drie vliegdekken van het schip vervangen door één vliegdek, over vrijwel de gehele lengte van het schip.

De Akagi speelde een rol tijdens de aanval op Pearl Harbor op 7 december 1941. Tijdens de Slag bij Midway was de Akagi het vlaggenschip van admiraal Chuichi Nagumo, die tevens bevel voerde over de drie andere vliegdekschepen - Soryu, Hiryu en Kaga, en de aanvalsvloot. Tijdens de slag raakte de Akagi onherstelbaar beschadigd, waarna ze op 4 juni 1942 door Japanse schepen tot zinken werd gebracht.

Geschiedenis[bewerken]

Op 27 mei 1942 - De Dag van de Marine, waarop Japanse matrozen admiraal Togo's overwinning in de Slag bij Tsushima op de Russen herdachten - nodigde vloot-admiraal Isoroku Yamamoto al zijn vlagofficieren uit voor een afscheidsfeest aan boord van de Yamato, het grootste slagschip ter wereld, zijn vlaggenschip. De volgende dag, 28 mei om 08u00 werd aan de mast van de Akagi de vlag gehesen, als sein voor de aanvalsmacht Kido Butai, om ten strijde te trekken. Terwijl in de Baai van Hiroshima overal de kreet "Banzai" weerklonk, werden de ankers gelicht. De Akagi, zijnde Nagumo's vlaggenschip, en de drie andere vliegdekschepen, Hiryu, Kaga en Soryu vormden de spits, gevolgd door de gehele Keizerlijke Vloot van Japan. Het duurde drie uur voor de laatste oorlogsbodem de Baai van Hiroshima uitgevaren was. De bevolking en de vissers op de vele boten wuifden hen uit.

De Akagi en de Kaga stonden onder direct bevel van admiraal Nagumo. De achterhoede, de Hiryu en de Soryu stonden onder bevel van schout-bij-nacht Yamaguchi. Op 28 mei vertrok de Noordelijke Strijdmacht onder bevel van Hosaguju en de invasievlootstrijdmacht voor Attu en Kiska uit Ominoto. Verder naar het zuiden vertrokken eveneens de transportschepen met de troepen voor Midway aan boord, geëscorteerd door de kruiser "Jintsu" en 12 torpedobootjagers van de viceadmiraals Itchiki en Kondo.

Om 04u45 toen de Japanse vliegdekschepen nog zo'n 250 mijl ten noordwesten van Midway waren, werden de vliegtuigbemanningen aan dek geroepen. Admiraal Nagumo sprak de vliegers van de Akagi toe. Hij besloot met de woorden: "Hoewel van de vijand niet veel vechtlust te verwachten is, zal hij waarschijnlijk tot de aanval overgaan, als we met de invasie bezig zijn!" Ondanks dit vertoon van zelfvertrouwen, was Nagumo geneigd tot voorzichtigheid. De Akagi en de Kaga stuurden verkenningsvliegtuigen uit die elk sectoren van 300 mijl moesten verkennen. Twee vliegtuigen van de zware kruisers Tone en Chikuma moesten elk een afstand van 300 mijl vliegen, linksom draaien, 60 mijl vliegen en daarna terugkeren. Natuurlijk moesten ze meteen alarm geven, als ze vijandelijke Amerikaanse vliegdekschepen aantroffen.

Verkenningen[bewerken]

De verkenningstoestellen van de Japanse schepen stegen om 16u30 op, behalve de twee toestellen van de Tone, die een half uur later opstegen, als gevolg van een storing aan de katapult. Eén verkenner van de Chikuma kreeg motorpech en moest om 18u35 terugkeren. De andere vliegtuigen kregen met slecht weer te kampen en keerden halverwege terug van hun zoektocht. De zware bewolking zorgde ervoor dat de aanvalsvloot verder kon opstomen, voorlopig zonder ontdekt te worden door de Amerikanen, maar ook werden de Amerikaanse vliegdekschepen niet gevonden.

De aanval op Midway[bewerken]

Het doel van de Japanse vloot was het eiland Midway. Het was donker toen de Akagi de bommenwerpers lanceerde, op 4 juni 1942, 04u45 plaatselijke tijd. Om 05u00 waren de Japanse vliegtuigen onderweg naar Midway. Luitenant-ter-zee-vlieger Joichi Tomonaga, de grond-lucht-commandant van de Hiryu, was de aanvoerder van het Hiryu-luchtvlootsquadron Aichi D3A "Val"-type-bommenwerpers en Nakajima B5N2 "Kate"-type-bommenwerpers, die uitgerust waren met bommen en niet met vliegtuig-torpedo's, omdat de Amerikaanse oorlogsschepen nog niet ontdekt waren. Luitenant-ter-zee-vlieger Shoichi Ogawa voerde het bevel van het Akagi-Kaga- luchtmachteskader. Luitenant-ter-zee-vlieger Masaharu Suganomai was de aanvoerder van de Zerogroep, bestaande uit Mitsubishi A6M2 Zero's. Hun doel bestond erin, de basis Midway grondig te vernietigen.

Amerikaanse Consolidated PBY Catalina-watervliegtuigen vlogen net boven het wolkendek en zagen onder hen, door de gaten in het wolkendek, het eskader Japanse vliegtuigen naar het eiland vliegen. De Catalina’s alarmeerden de basis vanaf 150 mijl afstand van het bedreigde Midway. Op Midway werd algemeen alarm geslagen en alle vliegtuigen, van welke type ook, kregen startbevel. Tegen 06u00 was alles wat vliegen kon opgestegen of toch startklaar. Ook de grondtroepen waren paraat en hadden in de duinen in schuttersputten, omringd met zandzakken en prikkeldraad, postgevat. De mitrailleurs stonden overal opgesteld om het invasieleger warm te verwelkomen. Onder het strandzand lagen landmijnen. Het zware luchtdoelgeschut werd eveneens bemand. Alle brandbare spullen, zoals olie- en benzinevaten werden in onderzandse bunkers weggestopt. Brandbestrijders en bluspompen stonden klaar om meteen de branden in te perken.

Om 06u29 bereikten Tomonaga's 36 "Val"s, 36 "Kate"s en hun dekkingsescorte van 36 Zero's Midway. Ze werden opgevangen door 27 verouderde Brewster F2A's. Deze Amerikaanse toestellen waren niet opgewassen tegen de snelle en wendbaarder Zero's van Suganamai. Hij zorgde ervoor dat ze Tomonaga's bommenwerpers niet konden bereiken. In het korte gevecht werden 15 Buffalo's neergeschoten en van de 12 die overbleven, waren er 7 zo toegetakeld, dat ze nooit meer konden vliegen. Ondanks het zware luchtafweer kwamen bommen neer op de depots, vliegvelden, op de elektriciteitscentrales en op de olietanks op het eiland. Een legerkantine werd eveneens door een neerstortend vliegtuig geraakt en ontplofte, zodat pakjes sigaretten (Lucky Strike) en bierblikjes in het rond vlogen. Vanwege het zware en hevige Amerikaanse luchtdoelgeschut, konden de Japanners hun aanval niet zo fel doorzetten als hun bedoeling was. Vele toestellen werden door granaatscherven geraakt of werden finaal in stukken geschoten. Het toestel van de Amerikaanse luitenant-vlieger D.D. Erwin werd met kogels doorzeefd en kon zich nauwelijks in de lucht houden. Hij lokte de Japanse toestellen met een list boven de Amerikaanse luchtartillerie. Drie Japanners werden neergeschoten, maar hijzelf moest het eveneens met zijn leven bekopen.

Luitenant-vlieger Tomonaga liet om 07u00 aan de Akagi weten dat een tweede aanval noodzakelijk was. De Vliegercorpschef en coördinator van de luchtvloot, kapitein-luitenant-ter-zee-vlieger Minoru Genda, dé specialist en architect van de aanval op Pearl Harbor, was net hersteld van koortsaanvallen en bevond zich aan boord van de Akagi. Hij stond in direct contact met zijn chef en admiraal Nagumo, die hem eerder als vriend beschouwde dan als zijn officier. Genda kreeg de beste zorgen aan boord van de scheepsartsen, om toch paraat te kunnen zijn tijdens de aanval op Midway, en vooral op de Amerikaanse vliegdekschepen. Genda liet Nagumo weten het tweede aanvalsplan uit te voeren, maar om 07u07 kreeg Nagumo op de Akagi een ander rapport, waarin gezegd werd dat Sand Island op Midway gebombardeerd was en dat er "uitstekende" resultaten waren bereikt. Een tweede aanvalsplan was al voorbereid en nog eens 108 vliegtuigen bemand met Nagumo's beste piloten, en met torpedo's uitgerust, stonden gereed om op te stijgen. Hij hield deze vliegtuigen nog achter hand, voor in het geval de Amerikaanse vliegdekschepen ontdekt en verkend zouden worden. Maar voorlopig kwam er nog geen enkel bericht binnen.

Amerikaanse aanval[bewerken]

Omstreeks 07:10 naderden tien Amerikaanse B-17 Flying Fortresses van Midway en Grumman TBF Avengers met torpedo's uitgerust, de Japanse vloot. De Avengers vielen het eerst aan, omdat ze sneller waren dan de B-17's, en lanceerden hun torpedo's naar de Japanse carriers. Diverse torpedo's liepen in de richting van de Akagi, maar het schip wist er drie te ontwijken, en de anderen ontliepen de rest. Er was geen enkele torpedo- en zelfs geen bomtreffer. De opgestegen Zero's schoten vijf Avengers neer en twee B-17's. Van de oorspronkelijke tien kwamen er maar drie toestellen op Midway terug. De mislukte aanval had toch een belangrijk resultaat teweeggebracht. De Japanners waren in verwarring gebracht en dat vertraagde de start van de tweede aanvalsgolf op Midway. Nagumo's verkenners waren al twee uur onderweg en er kwamen nog geen berichten binnen over Amerikaanse vliegdekschepen. Nagumo wist niet dat de USS Yorktown ontdekt was door de verkenner van de Tone, omdat diens radiozender niet goed werkte.

Nagumo's beslissing[bewerken]

Admiraal Nagumo meende dus veilig te mogen aannemen dat er geen vijandelijke vliegdekschepen in de buurt waren en beval zijn eigen vliegdekschepen: "Vliegtuigen voor de tweede aanval gereedmaken om aanval uit te voeren!" Dit was naar de zin van commandant-vlieger en bevelhebber van de luchtmachtvloot Genda, maar dan voegde Nagumo er direct aan toe: "Opnieuw bewapenen met bommen!" Dit was niet naar de zin van Genda en hij protesteerde zeer beleefd, om deze verandering niet door te voeren. Hij had een vermoeden waar de Amerikaanse vliegdekschepen waren. Dat stichtte grote verwarring op de vliegdekken van de Akagi, Kaga, Soryu en Hiryu. Op de vliegdekschepen stonden al 18 "Kate"s gereed met torpedo's. Als de Amerikaanse vliegdekschepen waargenomen werden, konden ze onmiddellijk opstijgen, meende Genda. Maar Nagumo's beslissing werd tóch uitgevoerd en nu moesten 36 toestellen terug met de scheepsdekliften naar beneden gebracht worden. Genda voorzag een strategische blunder maar durfde de admiraal niet tegen te spreken. Het bleek achteraf een grove blunder van de Japanse vlootadmiraal te zijn. Objectief bekeken, scheen het een logische redenering. Wat konden torpedobommenwerpers tegen het eiland Midway uitrichten?

Tweede Amerikaanse aanval[bewerken]

Terwijl de onderhoudsploegen de torpedobommenwerpers naar beneden brachten om ze te herbewapenen met bommen, kwam het bericht van het verkenningsvliegtuig van de kruiser Tone dat hij de vijandelijke vloot had ontdekt en ging verkennen. Nagumo vroeg wélke schepen het waren. Een half uur verstreek voordat hij antwoord kreeg, maar dat was dan ook een schreeuwend bericht dat er weer een Amerikaanse aanval naderde. Omstreeks 08u00 vielen de Amerikanen weer aan met 16 Dauntless duikbommenwerpers, afkomstig van Midway. Acht werden neergeschoten voordat ze de Akagi en Kaga bereikten. Ze werden gevolgd door 15 B-17 Flying Fortresses. Deze lieten hun bommen vallen vanaf een hoogte van 7000 meter, om niet zelf ten prooi te vallen van het Japanse luchtafweergeschut. Hun 250-kg bommen troffen geen van alle doel. De Japanse carriers draaiden in wijde S-bochten naar bakboord en dan weer naar stuurboord. Vanaf 7000 meter hoogte waren de grote Japanse vliegdekschepen maar kleine doelen.

De Amerikaanse vliegdekschepen ontdekt[bewerken]

Om 08u00 antwoordde de verkenner van de kruiser Tone, dat hij vijf kruisers en vijf torpedobootjagers had verkend. Om 08u30 meldde de andere verkenner van de kruiser Tone, dat hij nog vijandelijke schepen, kruisers en het allerbelangrijkste bericht, een vliegdekschip van het Yorktown-type had verkend. Rond hetzelfde tijdstip keerde de aanvalsgroep van Tomonaga bij de Japanse vliegdekschepen terug. Ze landden omstreeks 09u00. Admiraal Nagumo achtte zich nu gereed om met het pas ontdekte vijandelijke vliegdekschip af te rekenen. Tegelijkertijd werd op de Akagi met de seinlamp aan alle gezagvoerders geseind om de koers naar het noorden te verleggen. Toen de laatste Zero geland was, zwenkte de Akagi van de boegwind af en gaf opdracht voor de hoogste gevechtssnelheid. De vloot liep nu 30 knopen en op alle 4 vliegkampschepen werden de vliegtuigen herbewapend en volgetankt. De benedendekse vliegtuigen en degene die terug aan dek waren gezet, moesten wéér herbewapend worden, nu uiteindelijk met torpedo's. Bommen werden weer gedemonteerd en in plaats daarvan werden opnieuw torpedo's aangebracht. In de haast had het dekpersoneel geen tijd om de rondom de vliegtuigen neergezette bommen en benzinevaten te verwijderen en weer op hun bergplaats te plaatsen.

Derde Amerikaanse aanval[bewerken]

Tegen 09u18 u. waren de meeste Japanse torpedovliegtuigen herbewapend en weer gereed om op te stijgen. Op de vliegdekken hadden de Akagi en Kaga ieder drie jagers en 21 torpedovliegtuigen klaarstaan, en de Hiryu en Soryu elk drie jagers en 18 torpedovliegtuigen. Dit was een luchtvloot van 12 Zero-jagers en 78 torpedobommenwerpers, in totaal 90 toestellen voor de aanval, met daartussen de bommen en olievaten nog aan dek. Juist toen het bevel tot opstijgen werd gegeven, werd alarm geslagen. 15 Amerikaanse vliegtuigen kwamen aangevlogen naar de Japanse vloot. De Japanse piloten renden naar de toestellen en eveneens de dekploegen om te trachten die van de dekken weg te krijgen. De vliegtuigen stonden al warm te draaien, de wielspieën moesten nog verwijderd worden, en, de piloten moesten in hun cockpits geholpen worden en vastgegespt worden. Toen de aanval begon, stegen Zero's vanaf het vliegdek omhoog. Ondertussen kwamen nog radioberichten binnen op de Akagi dat er meer groepen Amerikaanse vliegtuigen onderweg waren naar hun vloot. Zowel admiraal Nagumo als kapitein-ter-zee Taichiro Aoki op de commandobrug van de Akagi, waren verbaasd en geschrokken. Er waren méér vliegtuigen dan één enkel vliegdekschip kon lanceren. Nagumo gaf de Soryu bevel een verkenner op pad te sturen om uit te zoeken, hoevéél Amerikaanse vliegdekschepen er nu echt waren.

John Waldrons' aanval[bewerken]

Om 09:20 zagen de vliegers van de USS Hornet (CV-8) en USS Enterprise (CV-6) twee grote rookpluimen achter de horizon. De vliegers van de USS Yorktown (CV-5) waren een uur later opgestegen, door de mindere snelheid die het vliegdekschip kon halen. De uitkijken van Nagumo's vliegdekschip zagen commander-luitenant-vlieger John Waldrons Douglas SBD Dauntless-torpedobommenwerpers aan stuurboord van de Akagi op zich afkomen. Toen ze binnen bereik waren, openden de luchtafweerkanonnen aan boord van al de kruisers, vliegdekschepen en torpedojagers het vuur. 14 Amerikaanse vliegtuigen werden neergehaald. Ook John Waldrons toestel werd neergehaald, nadat hij zijn bom had gelost. De enige overlevende van de USS Hornet-aanvalsgroep, vaandrig George Gay stortte in zee. Hij kon van het nog drijvende vliegtuig springen en wilde zijn gewonde boordschutter nog redden, maar moest wegduiken onder water voor mitrailleurvuur van de Akagi en Kaga. George Gay was met zijn getroffen Dauntless tussen de twee vliegdekschepen in zee gestort. Toen hij bovenkwam, was zijn vliegtuig verdwenen en kwamen een zwart kussen en een nog opgevouwen reddingsvlot boven water springen. Hij durfde dit niet open te vouwen, maar bleef, met zijn hoofd onder het zwarte vliegtuigstoelkussen, drijven met zijn Mae West-reddingsvest aan. Door de snel passerende oorlogsschepen, werd hij heen en weer geslingerd in de golfdeiningen. Hij werd de volgende dag, omstreeks 14u30 levend uit zee gered door een Catalina-vliegboot. Gay had het hele gebeuren gevolgd als in een film, zei hij.

Om 09:35, een kwartier na de mislukte aanval van John Waldrons aanvalsgroep van de USS Hornet, kwamen de Grumman TBF Avenger-torpedovliegtuigen van de USS Enterprise, gevolgd door die van de USS Yorktown. Evenmin als Waldrons squadron, boekte de tweede aanvalsgolf enige treffers op de snel varende, goed manoeuvreerbare Japanse vliegdekschepen. De Japanners schoten met alles wat ze hadden op de Amerikanen, die ook nog belaagd werden door de snelle Zero's. De Japanners schoten hen als kleiduiven neer. De Amerikanen waren hun dekkingsjagers kwijt geraakt tijdens de heenvlucht, maar John Waldron besloot toch de aanval in te zetten zonder rugdekking van hun Grumman F4F Wildcat-jagers. Ook dit bleek vrijwel een zelfmoordmissie. Van de 41 torpedovliegtuigen, keerden er slechts 6 veilig terug.

McClusky's raid[bewerken]

De Dauntless-vliegtuigen brachten een doeltreffender offer dan ze zelf wel wisten. Commandant-luitenant-vlieger Clarence McClusky vond eerst de Japanse carriers niet, maar hij concludeerde dat ze afgedraaid en van koers veranderd waren. Om even over 10u00, 20 minuten nadat hij het bevel voor koersverandering gegeven had, zag McClusky een vage witte streep onder zich. Toen zag hij drie vliegdekschepen en herkende het voorste schip als de Soryu en de beide andere als de Kaga en de Akagi. De Hiryu zag hij niet omdat die voor hem, zich achter het wolkendek bevond. De eerste Mitsubishi A6M Zero steeg juist op van het vliegdek van de Akagi, toen een uitkijk alarm gilde. De Japanners hadden geen doeltreffende zoekradar op hun schepen. Tussen 10u24 en 10u26 vielen de Amerikaanse vliegers aan. Drie vliegtuigen van McClusky doken naar de Akagi. Andere hadden de Kaga als doel gekozen. Toen de Amerikaanse Dauntless-vliegtuigen aan het eind van hun duikvlucht waren losten ze hun bommen. Op dit moment naderden er eveneens vier B-25 Mitchell-bommenwerpers uit Midway het strijdtoneel. Twee van hen werden getroffen door het afweergeschut en stortten in zee, voordat ze hun bommen konden lossen. De piloten konden zich redden uit de drijvende B-25's met hun reddingsvlotten. Het vliegtuig van squadronleader-luitenant-vlieger J. B. Muri werd zwaar getroffen. De mitrailleursschutter werd gedood en twee van zijn koepels waren doorzeefd en één motor stond in brand. Toch wist hij samen met de andere resterende B-25, treffers te plaatsen op het dek van de Akagi en terug te keren naar Midway. De Akagi kreeg ineens meer dan 3000 kg B-25 bommen op zijn vliegdek, terwijl drie Dauntless-duikbomenwerpers hun 250 kg-bommen, gezamenlijk 750 kg bommen, op het Akagi-vliegdek lieten vallen.

Einde van de Akagi[bewerken]

De bommen sloegen een groot gat in het vliegdek en door andere bommen was de midschips-vliegtuiglift verwrongen. Tijdens die explosies knalden de benzinevaten uiteen en ontploften de gedemonteerde bommen die nog op het vliegdek lagen. De lucht was vol gloeiende metaaldeeltjes en het rook naar benzine, naar gloeiend metaal en naar verschroeid mensenvlees. Overal op het vliegdek lagen half verkoolde lijken, nog rokende lichamen. Zwaargewonden lagen gillend op het dek, omdat ze ledematen kwijt waren en anderen kreunden nog zacht in hun doodstrijd. Anderen lagen te gillen omdat ze verbrand waren... Onder de zware ontploffingen trilde de commandobrug, waarop Nagumo stond met zijn stafchefs, viceadmiraal Kusaka, commandant-luchteskaderleider-vlieger Minuro Genda en kapitein-ter-zee Taichiro Aoki, gezagvoerder van de Akagi in zijn gebinten. De lucht was vervuld van dikke zwarte stinkende rook en de lucht zelf verschroeide bijna de longen. Het vuur verspreidde zich overal op het vliegdek en deed nog meer bommen, torpedo's en benzinevaten ontploffen. Matrozen die half blind waren, lieten hun brandbestrijdingsapparatuur in de steek. Hier was geen beginnen aan en men dacht eerst aan zijn eigen leven. De vlammen breidden zich uit in de richting van de commandobrug, waarop het verblijf daar bijna onmogelijk werd. Admiraal Nagumo zag door de zwarte rook nog iets verschrikkelijks. Twee gloeiende rode vlekken van de Kaga en de Soryu. Hij begreep dat ook die geraakt waren. De Hiryu was aan deze hel voorlopig ontsnapt en was bijna onbeschadigd. De Amerikanen waren verdwenen, omdat ze terugvlogen naar hun basis Midway en hun vliegdekschepen. Hun brandstofvoorraden begonnen te slinken en hun bommen waren op, dus moésten ze terugkeren.

De balans[bewerken]

De Kaga, het zusterschip van de Akagi, werd bijna op hetzelfde moment getroffen als de Akagi. Op het vliegdek van de Kaga stonden 30 bewapende vliegtuigen gereed om op te stijgen, toen de Amerikaanse Dauntless-bommenwerpers uit de wolken kwamen gedoken. McClusky's vliegtuigen hadden het te druk met de aanval om te zien wat er aan boord van de andere vliegdekschepen gebeurde, maar hoewel ze dat niet wisten, werd ook de Soryu getroffen: daar zorgden de vliegtuigen van de USS Yorktown voor. Die vliegtuigen waren een uur later gelanceerd dan die van McClusky. Dankzij het opklarende weer, hadden ook zij de Japanse vloot gevonden. Hun aanval volgde dan ook onmiddellijk op die van McClusky. Toen ze uit de wolken kwamen, stortten de vliegtuigen van de USS Yorktown zich op de Soryu, die nog onbeschadigd was. Onder eskaderleider-luitenant-vlieger Lou Henderson doken 27 SBD Dauntless-toestellen naar de Soryu, die trachtte te ontsnappen, nadat haar bemanning de ravage op de andere vliegdekschepen had gezien.

Hendersons mitrailleurschutter werd dodelijk getroffen en zijn vliegtuig kreeg een granaatscherf in de brandstoftank. Zijn gehavende Dauntless vloog in brand en hijzelf werd zwaargewond en zijn benen verbrandden. Vermoedelijk dacht hij dat hij de thuisbasis niet meer zou halen en toch zou sterven, want hij liet zich te pletter storten op het vliegdek van de Soryu, met zijn 500 kg-bom nog bij zich... Hierdoor werden de startbaan en het vliegdek ernstig beschadigd. De Akagi, Kaga en Soryu stonden alle drie in brand, maar hadden geen van alle torpedotreffers gehad en dreven nog rond.

De Hiryu lanceerde zijn vliegtuigen daarna, om 11:25, onder leiding van Tomonaga. Deze volgden de terugkerende Amerikaanse vliegtuigen tot aan de USS Yorktown. Die werd omstreeks 14u00 getroffen. Tomonaga zelf sneuvelde, doordat hij op het Amerikaanse vliegdek van de USS Yorktown neerstortte.

Reddingspogingen[bewerken]

Toen de torpedojager Nowaki zag wat er met het vlaggenschip Akagi gebeurd was, kwam zij langszij om te helpen de branden te bestrijden. Kusaka en Genda probeerden Nagumo over te halen aan boord van de torpedojager te gaan, maar Nagumo weigerde de Akagi te verlaten. Terwijl kapitein-ter-zee Aoki hem probeerde over te halen, klonken er nieuwe explosies en de trap naar de brug brandde weg. Nu kon men alleen nog maar met behulp van een reddingslijn door het raam van de commandobrug ontsnappen. Nagumo zag nu de gehele rampzalige en noodlottige situatie in, en besloot toch door het raam te klauteren. Geholpen door zijn vlagluitenant, luitenant-ter-zee Nishibayashi, liet hij zich langs een reeds smeulend touw in één van de wachtende boten van de Nowaki zakken.

Het was 10u46 - slechts 20 minuten nadat de eerste bommenwerpers van McClusky en Muri de "Akagi" aanvielen. Toen Nagumo het schip verliet, klonken om de paar seconden explosies, de verbindingen tussen de dekken waren weggebrand en de matrozen van de Akagi sprongen in zee. De Akagi was niet meer bestuurbaar en uit de machinekamers kwam geen antwoord meer. Het brandende vliegdekschip lag gestopt, de boeg nog steeds in de wind gedraaid voor de vliegtuigen, maar deze brandden totaal uit en explodeerden, zowel boven- als onderdeks. De dynamo's stopten, de lichten vielen uit en de pompen van de brandbestrijdingsapparaten werkten niet meer. Brandbestrijdingsploegen met maskers en natte doeken voor hun gezicht, probeerden nog steeds het vlammeninferno van het binnenste van het schip te bereiken. Ze moesten over de verkoolde lijken stappen en telkens als zich nieuwe ontploffingen voordeden, vielen er slachtoffers onder hen. Met Japanse discipline namen ze de plaatsen in van de mannen die gedood waren, maar ook dezen werden slachtoffer van de exploderende munitie. Dokters en verplegers werkten in een verstikkende hitte in een verblindende rook en het gekerm van de gewonde en verbrande manschappen. De kleren van de gewonden die op dek lagen, begonnen te branden. Sommigen onder hen gilden toen ze met gebroken ledematen op het gloeiende dek liggend, levend geroosterd werden.

Anderen hadden geluk en werden vastgebonden op draagbaren naar omlaag gehesen. Het vuur had de verbindingslijnen met de machinekamers vernield, maar de machinekamers waren nog niet beschadigd. Tampo, de eerst officier machinist van de Akagi, klom langs een gloeiende ladder naar boven en rapporteerde aan kapitein-ter-zee Aoki, dat zijn mannen stikten. Aoki gaf het bevel alle hens aan dek. Een ordonnans liet zich langs een smeulende touwladder naar beneden zakken en rende over de geblakerde dekken om de order over te brengen. Hij keerde nimmer terug en uit de machinekamers ontsnapte niemand. Alle vliegtuigen op de Akagi stonden in lichter laaie of waren ontploft en de laatste vliegers werden overgebracht op de escorteschepen.

Om 16u15 rapporteerde Tampo aan de kapitein dat het schip onmogelijk op eigen kracht kon varen. Toen de laatste gewonde overlevenden in de boten zaten, stond de Akagi van boeg tot achtersteven in brand. Eindelijk gaf Aoki bevel het schip te verlaten. Aoki was de laatste die het brandende schip verliet en het was 19u35 toen hij zich liet overhalen in de sloep van de torpedobootjager Nowaki te stappen. Hij had admiraal Nagumo een boodschap geseind om te vragen of hij de buitenboordkranen onderdeks mocht opendraaien. Van Nagumo kreeg hij geen antwoord, maar wel van Yamamoto, die een kort bevel gaf de Akagi niet tot zinken te brengen. Hij had zelf jaren op het vlaggenschip gediend en was van plan de Akagi naar Japan te slepen. Toen Aoki de boodschap kreeg, meende hij dat er één weg openbleef. Hij bond zich aan één van de ankers vast, om het einde van zijn schip af te wachten. Hij meende dat hij met de Akagi mee ten onder moest gaan. Maar kapitein-ter-zee Miura van de torpedojager Nowaki kon hem ervan overtuigen dat hij levend voor Japan meer waarde had dan dood, en dus werd hij overgebracht op de torpedobootjager.

Toen admiraal Nagumo de brandende Akagi verliet, bracht hij zijn vlag over op de lichte kruiser "Nagara". Om 04u55 4 juni, Japanse tijd en 5 juni, Amerikaanse tijd, zonk de brandende en sissende Akagi, totaal uitgebrand, naar de bodem van de Stille Oceaan.

Akagi[bewerken]

  • Klasse: Amagi-klasse (gebouwd op een casco van het slagschip Kure)
  • Type: Vliegkampschip Japanse Keizerlijke Marine
  • Begin bouw: 1920 (op slagschipcasco)
  • Gebouwd: 7 december 1923
  • Te water: 22 april 1925
  • In dienst: 27 maart 1927
  • Verloren: 4 juni 1942 (5 juni Amer. tijd) - Slag bij Midway

Technische gegevens[bewerken]

  • Lengte: 250,68 m
  • Breedte: 31,32 m
  • Diepgang: 8,71 m
  • Waterverplaatsing: 33.800 ton origineel - 42.000 ton na verbouwing
  • Machines: Stern Turbines 19 ketels 4 schroeven en 2 roeren
  • Vermogen: 133.000 Pk
  • Snelheid: 31 knopen (57 km/h)
  • Reikwijdte: 8200 mijl op 12 knopen (15.200 km aan 22 km/u)
  • Bemanning: 2000 man
  • tankinhoud: 3.000.000 liter

Bewapening[bewerken]

  • Vliegtuigen: 60 origineel - 66(+25) na verbouwing - Aichi D3A "Val" - Nakajima B5N "Kate" - Mitsubishi A6M "Zero"
  • 9 x 8-inch (200-mm) kanonnen
  • 12 x 4.7-inch (120-mm) kanonnen
  • 28 x 25-mm snelvuurkanonnen

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  • Kolonel A. J. Barker - Midway: Keerpunt in de Stille Oceaan - Tweede Wereldoorlog - Standaard uitgeverij - Antwerpen/Utrecht