Alea iacta est

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Alea iacta est is een Latijnse zegswijze en betekent de teerling is geworpen (een teerling is een dobbelsteen).

Achtergrond[bewerken]

De locatie van de Rubicon

In de Romeinse wet was vastgelegd dat een generaal met een staand leger de Rubicon niet zomaar in zuidwaartse richting mocht oversteken; blijkbaar werd dit te bedreigend geacht voor de politieke machthebbers. Toen Julius Caesar en zijn legioenen in 49 v.Chr. dat toch deden na de verovering van Gallië, was de breuk met de Senaat een onomkeerbaar feit; hij moest toen doorgaan met een staatsgreep.

Betekenis en vorm[bewerken]

De zegswijze wordt tegenwoordig gebruikt in de betekenis dat bepaalde gebeurtenissen onherroepelijk in gang zijn gezet, en dat iets onvermijdelijks zal gebeuren, zoals de gokker die de dobbelsteen al gegooid heeft. Caesar heeft de uitdrukking naar verluidt ontleend aan Menander, zijn favoriete Griekse komedieschrijver.

Suetonius[bewerken]

Dit spreekwoord wordt in haar bekendste vorm voor het eerst door de biograaf Suetonius vermeld: op 10 januari 49 v.Chr. bereikte Julius Caesar met zijn leger de Rubicon, de stroom die de grens vormde tussen Gallia Cisalpina en de gedemilitariseerde zone Italia, die geen enkele Romeinse veldheer met zijn troepen mocht betreden. Daarop zei Caesar:

"Etiam nunc regredi possumus; quod si ponticulum transierimus, omnia armis agenda erunt.
Nog kunnen we terug; zijn we dit bruggetje eenmaal over, dan zal verder alles met de wapens beslecht moeten worden."
— Suetonius, Divus Iulius 31.

Terwijl hij nog in besluiteloosheid stond, verscheen een buitengewoon grote en mooie man die zittend fluit speelde. Soldaten, onder wie trompetters, en herders stroomden toe om naar het fluitspel te luisteren. De man ontrukte een soldaat een trompet, sprong naar de rivier, gaf een harde stoot op de trompet als aanvalsteken en stak over naar de andere oever. Daarop zei Caesar:

"Eatur quo deorum ostenta et inimicorum iniquitas vocat. Iacta alea est
Laat ons gaan waarheen de tekens der goden en de kwaadwilligheid van onze vijanden ons roepen. De teerling is geworpen."
— Suetonius, Divus Iulius 32f.

Andere bronnen zijn overigens van mening dat de woorden Iacta Alea Est niet door Julius Caesar zijn uitgesproken.[1] 'De teerling is geworpen' slaat namelijk op het feit dat dit een belangrijke stap is in Caesars leven. Het is echter helemaal niet zo belangrijk als vele gebeurtenissen na en voor dit betreffende moment. Volgens geschiedschrijvers is Iacta Alea Est verzonnen bij de persoon van Caesar, een daadkrachtige, romantische man.

Overigens komt het citaat ook voor als Alea iacta sit[2] (de teerling zij geworpen).

Plutarchus[bewerken]

Plutarchus schrijft dat deze woorden oorspronkelijk in het Grieks uitgesproken werden:

"Ἑλληνιστὶ πρὸς τοὺς παρόντας ἐκβοήσας, « Ἀνερρίφθω κύβος », διεβίβαζε τὸν στρατόν.
Hij [Caesar] verklaarde in het Grieks met luide stem aan de aanwezigen « De teerling is geworpen» en leidde het leger naar de overkant."
— Plutarchus, Pompeius 60.2.

Menander[bewerken]

Volgens Athenaeus van Naucratis was deze zin afkomstig uit Menander:

"Menander, Arrephoros of Auletris geciteerd in Athenaeus van Naucratis, Deipnosophistae XIII 8."

Noten[bewerken]

  1. Spiegel Historiael (24) (1989), 4, p. 173-177 - Pieter Steinz: Iacta alea est ? : uitgesproken onzin rond een onuitgesproken zin
  2. Dit is een verandering van Erasmus aan de tekst van Suetonius (F.E. Brenk, An Imperial Heritage: The Religious Spirit of Plutarch of Chaironeia, in ANRW II 36.1 (1987), p. 326 (voetnoot 151).).

Referentie[bewerken]

  • F.A. Stoett, Nederlandsche Spreekwoorden, Spreekwijzen, Uitdrukkingen en Gezegden, I, Zutphen, 19234, p. 350.