Alessandro Stradella

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Alessandro Stradella
Alessandro Stradella
Alessandro Stradella
Algemene informatie
Volledige naam Alessandro Stradella
Geboren 3 april 1644
Overleden 25 februari 1682
Land Vlag van Italië Italië
Werk
Genre(s) Klassiek
Beroep(en) Componist, zanger, violist
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Alessandro Stradella (Nepi, 3 april 1644Genua, 25 februari 1682) was een Italiaans componist, zanger en violist.

Levensloop[bewerken]

Zijn familie, behorende tot de lagere adel, was oorspronkelijk afkomstig uit Toscane en verhuisde eerst naar Nepi en later naar Rome (1667). Een grootoom van Alessandro met naam Alessio Stradella was Curieprelaat en Bisschop van Sutri en Nepi. Zijn eerste muziekles kreeg hij van zijn vader Cavaliere Marc'Antonio Stradella en van zijn moeder Vittoria Bartoli. Al in 1655 werkt hij mee bij een oratoriumuitvoering in de kerk San Marcello del Crocifisso. Later had hij wel een langere verblijf in Bologna, omdat men van hem ook spreekt als "il Signor Bolognese". Vermoedelijk heeft hij ook gestudeerd bij de Domkapelmeester aan San Petronio, ene Signore Cazzati. Aansluitend vertrekt hij naar Rome. In Rome kreeg hij zijn eerste compositieopdrachten en behoorden de meest illustere leden van de Romeinse aristocratie tot zijn opdrachtgevers, zoals Lorenzo Onofrio Colonna.

In 1667 trad hij in dienst bij Koningin Christina I van Zweden. Tot zijn plichten als servitore de camera behoorden ook het componeren van geestelijke vocale muziek (oratoria, cantates - "Chare Jesu Suavissime" tot het feest van de Heilige Filippo Neri - en passies). In de tijd tot 1677 ontstaan ook de grote oratoria San Giovanni Battista, San Pelagia en het (verloren) Vastenoratorium voor San Marcello. Opdrachtwerken van de aristocratie zoals de cantate La Circe in mei 1667 bij de benoeming tot kardinaal van Leopoldo di Medici, plaatsten Stradella al spoedig in het centrum van het Romeinse muziekleven. Al gauw breidde hij zijn terrein uit naar het theater, waarvoor hij opera's, serenades en andere werken componeerde. Hij maakte naam als componist en na Rome, werden zijn werken in de meeste belangrijke steden van Italië opgevoerd.

Maar zijn roem werd overschaduwd door zijn betrokkenheid bij allerhande louche zaken. In 1669 moest hij Rome verlaten, vanwege zijn aandeel in een complot om geld van de kerk te verduisteren. Als huwelijksmakelaar, moest hij in 1677 de stad nogmaals ijlings verlaten, nadat hij een huwelijk gearrangeerd had voor de nicht van kardinaal Cibo. Na een kort verblijf in Florence, ging hij naar Venetië en kwam hij weer in de problemen vanwege een affaire met Agnese Van Uffelte, de maîtresse van de Venetiaanse edelman Alvise Contarini.

Achtervolgd door Contarini's huurmoordenaars vluchtte hij met Agnese naar Turijn. Hoewel zijn achtervolgers hem onderweg te pakken kregen, wist hij zwaargewond te ontkomen en werd hij onder de hoede genomen van de Franse regentes in Turijn, Maria Johanna, wat ontaarde in een diplomatieke rel tussen de Venetiaanse republiek en de zonnekoning van Frankrijk, Louis XIV.

Hersteld van zijn verwondingen besloot hij naar Genua te gaan (1678), waar enkele edellieden hem een goed salaris boden, onder voorwaarde zich blijvend te vestigen in Genua en exclusief voor hen muziek te componeren. In Genua schrijft hij onder de patronage van rijke adellijken zijn laatste groot werken (instrumentale muziek, het oratorium Susanna).

In 1682 raakte hij weer betrokken in een schandaal, ditmaal met een vrouw afkomstig uit de Genese adel, wat hij met de dood moest bekopen: hij werd werd op 25 februari 1682 op de Piazza Bianchi neergestoken door een huurmoordenaar.

Werk[bewerken]

In zijn ambivalente natuur personifiëerde Stradella het type van de rusteloze vroegbarokke "genio" (Caravaggio!). Zijn muzikale betekenis ligt vooral in de dramatische en harmonische verbreding van het oratorium. Zijn nieuwe, gedeeltelijk sterk dissonante harmonieën, zijn melodische verwerking van de wereld van gevoelens en niet als laatste zijn definitieve verbreding van het Oratorio volgare tot een geestelijke opera legden de basis voor zijn buitengewone populariteit tot wijd in de 19e eeuw (San Giovanni Battista, de toegeschreven aria Pietà, o Signore).

In zijn "oratorium volgare" Johannes de Doper op een Italiaanse tekst deelt hij een achtstemmig strijkersensemble op in een concertino en een concerto grosso en wijst daarmee al naar de Concerti grosso van Arcangelo Corelli vooruit, die als violist bij de première van Stradella's oratorium meegespeeld heeft. Of Stradella daarom inderdaad ook als "uitvinder" van het Concerto grosso kan aangezien worden, blijft omstreden.

De Romantiek van de 19e en 20e eeuw verwerkte het leven van Stradella in romans en als ideaal libretto voor een opera Louis Abraham de Niedermeyer en Friedrich Adolf Ferdinand Freiherr von Flotow. Een objectief inschatten van werk en persoonlijkheid van Stradella werd daardoor tot heden bemoeilijkt. In ieder geval is hij een van de hoofdvertegenwoordigers van de muziek uit de Romeinse vroege barok geweest.

Composities[bewerken]

Werken voor orkest[bewerken]

  • Concerto grosso in D-groot
  • Prologo e Intermezzi di „Scipione affricano“, voor orkest (opgedragen aan Koningin Christina van Zweden)
  • Sinfonia avanti il Barcheggio in D-groot, voor trompet, strijkers en basso continuo
    1. Spiritoso, e staccato
    2. (Aria)
    3. (Canzone)
    4. (Aria)
  • Sinfonia in a-klein
  • Sinfonia avanti il Damone in g-klein
  • Sinfonia Nr. 17, voor 2 violen en basso continuo
  • Sinfonia Nr. 22, voor Chitarrone, viool, bas viola da gamba en klavecimbel
  • Sonata a quattro in D-groot
  • Sonata in D-groot, voor trompet en strijkorkest
    1. Allegro
    2. Aria
    3. Canzona
    4. Aria
  • Sonata di Viole, voor 2 violen, luit, strijkers en basso continuo
  • Symphonia in F-groot

Missen, oratoria, cantates en gewijde muziek[bewerken]

Missen[bewerken]

  • Missa: "Ad te clamamus", voor 16 stemmen en basso continuo

Oratoria[bewerken]

  • 1675 San Giovanni Battista, oratorium voor twee sopranen, alt, tenor en bas en orkest
  • 1681 San Pelagia, oratorium
  • 1681-1682 La Susanna, oratorium voor vijf stemmen, 2 violen en basso continuo - libretto: Giovanni Battista Giardini
  • Ester, liberatrice del populo ebreo, oratorium
  • San Crisostomo, oratorium
  • San Editta, vergine e monaca, regina d'Inghilterra, oratorium
  • Vastenoratorium voor San Marcello, oratorium

Cantates[bewerken]

  • 1665 Cantata: "Amanti, olà, olà!", cantate voor zeven stemmen en orkest - (opdracht van Prinses Marina Mancini Colonna)
  • 1667 La Circe, cantate ter gelegenheid van de benoeming van Leopoldo de Medici tot kardinaal in Frascati
  • Cantata per la Notte del Santissimo Natale - "S'apra al riso ogni labro", kerstcantate
  • Cantata per il Santissimo Natale: “Ah! troppo è ver che sempre”, kerstcantate
  • Cantata "Aure, voi che spirate", cantate
  • Cantata "Per L'anime Del Purgatorio", cantate
  • Cantata "Si salvi chi può", cantate voor sopraan en basso continuo
  • Cantate a voci miste, cantate (samen met: Agostino Steffani)
  • Crocifissione e Morte di Nostro Signore Gesù Christo, cantate voor alt solo en orkest
  • Crudo mar, cantate
  • Chare Jesu Suavissime - tot het feest van de Heilige Filippo Neri, cantate voor sopraan, alt en orkest
  • Da cuspide ferrate, cantate
  • Disperata rimembranza, cantate
  • Esule dalle sfere, cantate
  • Forsennato pensier, che far poss'io, cantate
  • Fulmini quanto sa quel sembiante lusinghiero
  • Furie del nero Tartaro, cantate
  • Già languiva la notte, cantate
  • L'avete fatta a me!, cantate
  • Lamentatione per il Mercoledi Santo, cantate voor alt en orkest
  • Noiosi pensieri, cantate
  • O mio cor, quanto t'inganni, cantate
  • Il più misero amante, cantate
  • Presso un rivo ch'avea, cantate
  • Quando stanco dal corso in grembo a Teti, cantate
  • Se Nerone lo vuole, cantate

Motettes[bewerken]

  • Ave regina caelorum, motet voor twee stemmen en basso continuo
  • Benedictus Dominus Deus, motet voor sopraan, alt en basso continuo
  • Convocamini, congregemini, motet voor zes stemmen, 2 violen en basso continuo
  • Dixit angelis suis, motet voor zang en basso continuo
  • Et egressus est a filia Sion, motet voor zang en basso continuo
  • Exultate in Deo fideles, motet voo zang en basso continuo
  • In tribulationibus, motet voor vijf stemmen, 2 violen en basso continuo
  • Laudate Dominum, motet voor zes stemmen en basso continuo
  • Locutus est Dominus, motet voor zang, 2 violen en basso continuo
  • Lux perpetua, motet voor zes stemmen en basso continuo
  • Nascere virgo, motet voor drie stemmen en basso continuo
  • O majestas aeterna, motet voor twee stemmen en basso continuo
  • O vos omnes qui transitis per viam, motet voor alt, 2 violen en basso continuo
  • Pereat humanitas, motet voor vijf stemmen, twee violen en basso continuo
  • Plaudite vocibus, motet voor zang en basso continuo
  • Pugna certamen, motet voor 4 stemmen en instrumenten
  • Sinite lacrimari - «de Immaculata Conceptionis», motet voor drie stemmen, twee violen en basso continuo
  • Sistite sidera, motet voor zang, 2 violen en basso continuo
  • Surge cor meum, motet voor zang en basso continuo
  • Tantum Ergo, motet voor 2 stemmen en basso continuo

Muziektheater[bewerken]

Opera's[bewerken]

Voltooid in titel aktes première libretto
1665 Amanti, olà, olà! (L'accademia d'Amore) 2 aktes 1665, Rome, Palazzo (Teatro) Colonna Gian Pietro Monesio
1666 Reggetemi, non posso più 1666, Rome
1668 Il Girello (La Circe) 1668, Frascati Filippo Acciaiuoli en Giovanni Filippo Apolloni
1668 O di Cocito oscure deità 1668, Rome, Palazzo (Teatro) Colonna
1668 Soccorso, aita, ohimè 1668, Rome, Palazzo (Teatro) Colonna
1668 Che nuove, o ragionevoli 1668, Aken
1668 Con meste luci 1668, Rome
1668 È dovrò dunque in solitaria stanza
1668 Lasciai di Cipro il soglio 1668, Rome
1668 Chi me l'havesse detto 1668, Rome
1671 Amanti, che credete; 2e versie: Scipione Africano 8 januari 1671, Rome, Teatro Tordinona Giovanni Filippo Apolloni
1671 Chi mi conoscerà 1671, Rome, Teatro Tordinona
1671 Dormi, Titone, addio 1671, Rome, Teatro Tordinona
1671 Fermate, homai 1671, Rome, Teatro Tordinona
1671 Questo è il giorno prefisso 1671, Rome, Teatro Tordinona
1671 Sù, sù, si stampino 1671, Rome, Teatro Tordinona
1671 La Laurinda of Il Biante 3 aktes 5 februari 1671, Rome, Palazzo (Teatro) Colonna Augustin Eugène Scribe en Mélesville, pseudoniem van: Anne-Honoré-Joseph Duveyrier
1672 Aita, numi, aita 1672, Rome, Teatro Tordinona
1672 O ve', che figurace 12 februari 1672, Rome, Teatro Tordinona Filippo Acciaiuoli
1674 Lo Schiavo liberato 2 aktes 1674 Sabbioneta, Teatro Olimpico dello Scamozzi Sebastiano Baldini
1675 Sù, miei fiati canori 1675, Modena
1677 Il Damone 2 aktes 1677, Rome Sebastiano Baldini
1678 La forza dell'amor paterno 3 aktes, 17 scènes 10 november 1678, Genua, Teatro Falcone Nicolò Minato
1678 Le gare dell'amor eroico 3 aktes 1 januari 1679, Genua, Teatro Falcone Nicolò Minato
1678-1679 Il Trespolo tutore 3 aktes 30 januari of 31 januari 1679, Genua, Teatro Falcone Giovanni Battista Picciardi en Giovanni Cosimo Villifranchi
1679 La ruina del mondo 1679, Genua
1681 Il Barcheggio (Water-Muziek) 2 aktes 16 juni 1681, Genua
1681 Dal luminoso impero 1681, Modena
1681 Il Moro per amore; ook bekend als: Il Floridoro 3 aktes 1695, Rome, Teatro Capranica Flavio Orsini "Filosinavoro"
1688 "La rosaura 1688, Rome, Palazzo Doria Pamphili (Teatro Pamphili)
Il Corispero 3 aktes
Mutio Scevola Minato

Vocale muziek[bewerken]

  • Chi resiste al dio bendato, voor twee sopranen, bas en orkest
  • Clori son fido amante
  • Piangete, occhi dolenti
  • Pietà, o Signore, aria
  • Pupilette amorose
  • Ragion sempre addita
  • Se amor m'annoda il piède
  • Se nel ben sempre incostante
  • Tirsi un giorno piangea, voor vijf stemmen

Kamermuziek[bewerken]

  • Air d'église, voor althobo en orgel
  • Sinfonia in D-groot, voor viool, cello en basso continuo
  • Trio Sonatas

Publicaties[bewerken]

  • Alessandro Stradella: Opera omnia. Cantate Sacre. Serie I, Cantate: vol. 20. Edizioni ETS, Pisa, 2004, pp. 348, ISBN 88-467-1023-1
  • Alessandro Stradella: Instrumental music, editor: Elea McCrickard, Volk-Verlag Gerig, Köln, 1980, 284 p., ISBN 3-89007-179-1

Bibliografie[bewerken]

  • Gian C. Pitoni: Notizia de' contrapuntisti e de' compositori di musica, manuscript, Bibliotheka Vaticana, 1725
  • Gino Roncaglia: Le composizioni vocali di Alessandro Stradella, in: RMI XLV, 1941, pp. 133 ff. en XLVI, 1942, pp. 1 ff.
  • Domenico Alaleona: Studi sulla storia del oratorio musicale in Italia, 1945
  • Carolyn Gianturco: The oratorios of Alessandro Stradella in: Proceedings of the Royal Musical Association 101 (1974/75), pp. 45 ff.
  • Ursula Maria Ramisch: Die Entstehung des Römischen Oratoriums, Diss. Augsburg, 1991
  • Andrea Garavaglia: Alessandro Stradella, Constellatio musica 13, 2006, pp. 224, ISBN 88-8302-295-5
  • Remo Giazotto: Vita di Alessandro Stradella - opere teoretiche e critica musicale, Edizioni Curci, Milano

Externe links[bewerken]