Alfons VI van Portugal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Alfons VI
Afonsoviportugal.jpg
10e Hertog van Bragança
Regeerperiode 1653-1683
Voorganger Theodosius III
Opvolger Johan III
Koning van Portugal
Regeerperiode 1656-1683
Voorganger Johan IV
Opvolger Peter II
Huis Bragança
Vader Johan IV van Portugal
Moeder Marie Louise de Guzmán
Geboren 21 augustus 1643
Lissabon
Wapenschild
Wapenschild als koning van Portugal

Alfons VI van Portugal (Portugees: Dom Afonso VI de Portugal) (Lissabon, 21 augustus 1643Sintra, 12 september 1683) was van 1656 tot 1683 koning van Portugal.

Leven[bewerken]

Alfons werd in 1643 geboren als zoon van koning Johan IV en diens echtgenote Marie Louise de Guzmán. Hij had nog een oudere zus Catarina, een oudere broer Theodosius en een jongere broer Peter. Catarina trad later in het huwelijk met koning Karel II van Engeland. Troonopvolger Theodosius stierf in 1652, waardoor Alfons de Portugese troonopvolger werd. Zijn jongere broer Peter zou Alfons later opvolgen als koning van Portugal.

Toen hij drie was, werd Alfons ernstig ziek: hij raakte gedeeltelijk verlamd en werd geestelijk onstabiel. Toch werd hij door zijn vader benoemd tot de elfde hertog van Bragança.

In 1656 volgde hij zijn vader op als koning van Portugal. Zijn moeder Louisa Maria werd in zijn vaders testament aangewezen als regentes. Doordat Alfons geestelijk instabiel en verlamd was en bovendien geen interesse toonde in regeringszaken, bleef zijn moeder aan de macht. Hier kwam een einde aan in 1662. Toen wist graaf Louis van Castelo Melhor de koning ervan te overtuigen, dat zijn moeder erop uit was de troon van hem af te pakken en hem uit Portugal te verbannen. Alfons nam hierop de macht over en stuurde zijn moeder een klooster in.

Een jaar na zijn troonsbestijging trad Alfons in het huwelijk met Maria, dochter van hertog Karel Amadeus van Savoye-Nemours. Het huwelijk bleef kinderloos en werd twee jaar later alweer ontbonden op verzoek van Maria zelf. Haar reden daarvoor was de impotentie van haar echtgenoot. De kerk stond de scheiding toe en Maria trouwde daarop met Alfons’ broer Peter, de toekomstige koning Peter II. In datzelfde jaar dwong Peter hem de macht over de regering te geven en hem tot regent te benoemen. Alfons werd zeven jaar lang verbannen naar het eiland Terceira. Hij keerde in 1683 terug naar het vasteland, maar stierf kort daarna. Hij werd na zijn dood opgevolgd door Peter als koning van Portugal.