Alfred Jodl

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Alfred Jodl
Alfred Jodl
Alfred Jodl
Geboren 10 mei 1890
Würzburg, Duitsland
Overleden 16 oktober 1946
Neurenberg, Duitsland
Land/partij Flag of the German Empire.svg Duitse Rijk
Flag of Germany.svg Weimarrepubliek
Flag of German Reich (1935–1945).svg Nazi-Duitsland
Flag of German Reich (1935–1945).svg Flensburgregering
Onderdeel Balkenkreuz.svg Heer
Dienstjaren 1910 - 1945
Rang General Kragenspiegel.jpg Generaloberst Epaulette.jpg Generaloberst
Leiding over Chef Operaties van het Oberkommando der Wehrmacht
Slagen/oorlogen Eerste Wereldoorlog
Tweede Wereldoorlog
Onderscheidingen Ridderkruis met Eikenloof

Alfred Gustav Jodl, geboren als Alfred Baumgärtler, (Würzburg, 10 mei 1890Neurenberg, 16 oktober 1946) was een Duits generaal, Chef Operaties bij het opperbevel van de Duitse strijdkrachten (Wehrmacht) en als zodanig een naaste militaire medewerker van Hitler. Na afloop van de Tweede Wereldoorlog is hij als oorlogsmisdadiger terechtgesteld.

Achtergrond[bewerken]

Jodl's vader, Alfred Jodl, was artillerieofficier; zijn moeder, Therese Baumgärtler, een boerendochter. Omdat een verbintenis met een boerendochter beneden de waardigheid van een Beierse officier was, werd het kind geregistreerd onder de naam van de moeder, en huwde het paar pas toen het al negen jaar oud was, in 1899, nadat de vader de militaire dienst verlaten had. Vanaf het huwelijk droeg Alfred de naam Jodl. Hij groeide samen met zijn jongere broer Ferdinand op. Het echtpaar Jodl kreeg ook nog drie meisjes, die echter allen jong stierven. In 1913 huwde Jodl Irma Gräfin von Bullion; na haar dood in 1944 trouwde hij opnieuw met Luise von Benda.

Militaire loopbaan[bewerken]

Jodl volgde vanaf 1903 een opleiding als cadet, die hij in 1910 voltooide. Tijdens de Eerste Wereldoorlog vocht hij in het Beierse leger. Hij bereikte de rang van luitenant. Na de oorlog trok hij zich uit het leger terug en studeerde voor arts. Later keerde hij naar het leger (Reichswehr) terug en werd Chef van de Operatieve Afdeling van de landmacht.

Zijn eerste ontmoeting met Adolf Hitler was in 1923. In 1935 werd hij generaal-majoor van de Wehrmacht. Als lid van de NSDAP (Nationaalsocialistische Duitse Arbeiderspartij) was hij een aanhanger van Hitler en zijn politiek van herbewapening. Zijn bewondering voor Hitler, die hij als een der grootste Duitse heldenfiguren zag, zou, bij alle zakelijke kritiek, vrijwel tot het eind in stand blijven.

Als Chef Operaties binnen het opperbevel van de Wehrmacht speelde hij een belangrijke rol in de militaire veldtochten in met name de Balkanlanden en de Sovjet-Unie. In januari 1944 werd Jodl kolonel-generaal. Jodl was ook aanwezig bij de stafvergadering van Hitler in Rastenburg waar kolonel Claus von Stauffenberg een (mislukte) aanslag op Hitler pleegde; hij raakte gewond, maar herstelde snel.

Eindfase[bewerken]

Na de zelfmoord van Hitler was Jodl een van de belangrijkste onderhandelaars (samen met admiraal Von Friedeburg) die door grootadmiraal Karl Dönitz (het nieuwe staatshoofd) naar de geallieerden werden afgevaardigd om over de wapenstilstandsvoorwaarden te praten. Op 7 mei 1945 ondertekende kolonel-generaal Jodl te Reims (Frankrijk) de Duitse capitulatie. Daarna vloog hij naar Flensburg terug waar de Duitse regering van Dönitz haar zetel had. Op 13 mei, na de arrestatie van generaal-veldmaarschalk Wilhelm Keitel, werd hij door Dönitz aangesteld als laatste hoofd van het OKW (opperbevel). Op 23 mei 1945 werd hij samen met de overige leden van de Flensburgregering gearresteerd.

Proces[bewerken]

Tijdens het Proces van Neurenberg werd Jodl op vier punten aangeklaagd en daarop schuldig bevonden. Een van de tenlasteleggingen betrof het Kommandobefehl waarmee de conventie van Genève geschonden werd - Jodl ging akkoord met het executeren van krijgsgevangenen (voor zover die althans de communistische partij binnen het Rode Leger vertegenwoordigden). Op 10 oktober 1946 werd hij ter dood veroordeeld. Jodls vraag om - zoals het voor militairen gebruikelijk is - door een vuurpeloton geëxecuteerd te worden - werd afgewezen. Op 16 oktober, rond 2 uur 's morgens, werd hij opgehangen. Zijn laatste woorden waren: "Ik groet U, mijn Duitsland". Zijn stoffelijk overschot werd nog diezelfde dag verast, tegen middernacht werd de as in de Isar verstrooid.

Een omstreden vonnis[bewerken]

Jodl's veroordeling was - ook onder de geallieerden - omstreden: de Franse rechter Henri Donnedieu de Vabres noemde zijn veroordeling een gerechtelijke dwaling. In maart 1953 oordeelde een Duitse arbitrale commissie dat hij zich niet schuldig had gemaakt aan oorlogsmisdaden maar slechts zijn plicht had gedaan en daarbij geen oorlogsmisdaden had begaan. Zijn verbeurdverklaarde bezit werd aan zijn weduwe teruggegeven. Later, in september van dat jaar, werd onder druk van de Amerikanen het advies van de commissie door de Beierse minister voor politieke bevrijding herroepen.

Op het kerkhof van Fraueninsel im Chiemsee is er een grafkelder van de familie Jodl met een gedenksteen voor de Generaloberst zelf, een tweede voor zijn eerste vrouw Irma Gravin von Bullion (1885-1944), een derde voor zijn tweede vrouw Luise von Benda (1905-1998), en een vierde voor zijn jongere broer Ferdinand (1896-1956) en diens vrouw.

Militaire loopbaan[bewerken]

Decoraties[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • Walter Görlitz: "Keitel, Jodl and Warlimont", in Hitler's Generals, ed. Correlli Barnett. London: Weidenfeld and Nicolson 1989.
  • Luise Jodl: Jenseits des Endes: Der Weg des Generaloberst Jodl. Langen Müller, München 1987, ISBN 3-7844-2145-8.
  • Axel Kellmann: Generaloberst Alfred Jodl – Chef des Wehrmachtführungsstabes: Ein Beitrag zur Diskussion über das Verhältnis zwischen Wehrmacht und NS-Regime. Pirrot, Saarbrücken 2004, ISBN 3-930714-95-7.
  • Guido Knopp: Hitlers Manager. Goldmann, München 2007, ISBN 978-3-442-15423-4.
  • Kenneth Macksey: Generaloberst Alfred Jodl. In: Gerd R. Ueberschär (Hrsg.): Hitlers militärische Elite. Band 1, Primus, Darmstadt 1998, ISBN 3-89678-083-2, S. 102–111.
  • Bodo Scheurig: Alfred Jodl: Gehorsam und Verhängnis. Propyläen, Berlin, Frankfurt am Main 1991.
  • Alan Wilt: Alfred Jodl – Hitlers Besprechungsoffizier. In: Ronald Smelser, Enrico Syring (Hrsg.): Die Militärelite des Dritten Reiches. Ullstein, Berlin, Frankfurt am Main 1995, ISBN 3-548-33220-X, S. 236–250.
  • Enzyklopädie des Nationalsozialismus, Herausgegeben von Wolfgang Benz, Hermann Graml und Hermann Weiß. Mit zahlreichen Abbildungen, Karten und Grafiken, 3., korr. Auflage: Stuttgart: Klett-Cotta, 1998.
Bronnen, noten en/of referenties
  • Fellgiebel, Walther-Peer. Die Träger des Ritterkreuzes des Eisernen Kreuzes 1939–1945 – Die Inhaber der höchsten Auszeichnung des Zweiten Weltkrieges aller Wehrmachtsteile. Friedberg, Duitsland: Podzun-Pallas. 2000, ISBN 978-3-7909-0284-6.
  • Scherzer, Veit (2007). Die Ritterkreuzträger 1939–1945 Die Inhaber des Ritterkreuzes des Eisernen Kreuzes 1939 von Heer, Luftwaffe, Kriegsmarine, Waffen-SS, Volkssturm sowie mit Deutschland verbündeter Streitkräfte nach den Unterlagen des Bundesarchives. Jena, Duitsland: Scherzers Miltaer-Verlag. ISBN 978-3-938845-17-2.

  1. a b c d e f g h i j k http://www.geocities.com/~orion47/
  2. Fellgiebel 2000, p.201
  3. Fellgiebel 2000, p.85
  4. De onderscheiding werd onrechtmatig wijze gepresenteerd op 10 mei 1945. Het volgnummer "865" werd toegewezen door de Ordensgemeinschaft der Ritterkreuzträger des Eisernen Kreuzes (AKCR).
Wikiquote Wikiquote heeft een collectie Engelse citaten gerelateerd aan: Alfred Jodl