Alleenstaande-ouderkorting
De alleenstaande-ouderkorting is één van de heffingskortingen in de Wet inkomstenbelasting 2001. Ze is bedoeld voor één-oudergezinnen.
In 2011 zijn voorgenomen beperkingen verzacht om de armoedeval niet te verergeren.
[bewerken] Alleenstaande-ouderkorting
De alleenstaande ouderkorting bedraagt in 2010 € 945. Als voorwaarde voor de korting mag de belastingplichtige geen partner of huisgenoot hebben en moet deze een kind in huis hebben dat jonger is dan 27 jaar (aanhangig: 18 jaar).
[bewerken] Aanvullende alleenstaande-ouderkorting
Indien men aan de bovenstaande voorwaarden voldoet, maar er is een kind jonger dan 16 jaar, en men heeft in het fiscale jaar inkomsten uit tegenwoordige arbeid, dan krijgt men een aanvullende korting. De aanvullende korting bedraagt in 2010 4,3% van deze inkomsten. Er is echter wel een maximum van € 1.513 aan deze aanvullende korting per persoon. In 2012 zal de aanvullende alleenstaande-ouderkorting alleen nog gelden voor kinderen jonger dan 12 jaar. Hiermee bespaart de overheid 250 miljoen per jaar.
| Overzicht van heffingskortingen in Nederland |
|---|
|
Heffingskorting in het jaar van 65 worden · Kinderkorting · Combinatiekorting · Aanvullende combinatiekorting · Alleenstaande-ouderkorting en aanvullende alleenstaande-ouderkorting · Ouderenkorting · Aanvullende ouderenkorting · Jonggehandicaptenkorting · Levensloopverlofkorting · Korting voor maatschappelijke beleggingen · Korting voor directe beleggingen in durfkapitaal en culturele beleggingen |