Allert de Lange

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken

Allert de Lange (1855 - 1927) was uitgever en boekhandelaar.

Hij was zoon van een houthandelaar uit de Zaanstreek en vertelde zijn ouders, na de HBS te hebben doorlopen, dat hij het boekenvak in wilde. Allert verliet op zeventienjarige leeftijd Zaandam om als leerling-boekverkoper te gaan werken bij boekhandel Tj. van Holkema in Amsterdam. In 1876 ging hij naar Brussel en werkte daar 2 jaar in de Librairie Mucquardt en daarna nog twee jaar bij Hachette in Londen, Engeland. Toen had hij genoeg gespaard om als boekhandelaar te beginnen en kwam terug in Nederland.

1 april 1880, begon de 25-jarige Allert de Lange zijn boekhandel aan het Damrak no. 62 in Amsterdam. Hij woonde boven de zaak en had toen één loopjongen in dienst. Door zijn huwelijk met Rijkje Middelhoven, dochter van een houthandelaar was Allert een vermogend man geworden. Door het vermogen van zijn vrouw was het mogelijk het pand op het Damrak in 1885 te kopen.

Als uitgever van verschillende series en succesvolle publicaties werd de Lange erg bekend. Zijn boekhandel liep ook als een trein.

Inhoud

[bewerk] Gerard de Lange neemt zaak over

Na zijn overlijden in 1927 werd de zaak door zijn zoon Gerard de Lange (1896-1935) overgenomen. Gerard had er aanvankelijk geen zin in om in de zaak van zijn vader te werken, en besloot op zeventienjarige leeftijd, na de HBS, een opleiding te gaan volgen aan de Koninklijke Militaire Academie in Breda. Na enige jaren dit leven volgehouden te hebben, kwam hij terug in Amsterdam en ging toen op wens van zijn vader toch in de zaak werken. In 1922 nam Allert de Lange zijn zoon als mede-vennoot in de firma op. Na het plotselinge overlijden van zijn vader in 1927 kwam Gerard vanwege zijn flamboyante levensstijl niet meer op de zaak. Iedere ochtend liet hij zijn procuratiehouder A.P.J. Kroonenburg (1902-1977), die reeds vanaf 1921 bij Allert de Lange in dienst was, bij zich komen in het restaurant van Schiphol of Carlton, om de lopende zaken te bespreken.

[bewerk] Emigrantenliteratuur bij Verlag Allert de Lange

Siegfried van Praag (1899-2002) 's echtgenote Hilda van Praag had in 1933, na de machtsovername door Hitler in Duitsland het plan een Duitstalige uitgeverij op te richten. Omdat Siegfried van Praag zijn boeken liet uitgeven door Allert de Lange, nam Hilda contact op met Gerard de Lange, hetgeen uiteindelijk resulteerde in de oprichting van Verlag Allert de Lange. Hilda bezocht toen met haar man een aantal Duitse schrijvers zoals: Felix Salten, Arnold en Stefan Zweig, Max Brod en Joseph Roth om ze te polsen over medewerking aan de nieuwe firma.

Na een conflict kwam aan de samenwerking al spoedig een eind en Gerard de Lange zocht contact met Hermann Kesten (1900-1996), die lector geweest was bij Gustav Kiepenheuer in Berlijn en bereid was deze zelfde functie bij de Lange te bekleden. Als medelector trok hij Walter Landauer (1904-1944) aan die ook bij Kiepenheuer in de directie werkzaam was geweest. Het voorbereidende werk van Hilda van Praag werd toen door hen overgenomen en een keur van geëmigreerde schrijvers kwam toen aan bod bij de nieuwe uitgeverij. Na de vroege dood van Gerard de Lange in 1935, hij overleed aan delirium, kwam de leiding van de Duitstalige afdeling van de uitgeverij in handen van A.P.J. Kroonenburg, gesteund door Kesten en Landauer, die tot 1945 de meeste uitgaven zou verzorgen. Van 1933 af tot juni 1940 werden 90 Duitstalige uitgaven in omloop gebracht door Verlag Allert de Lange waarbij ook werken die niet van emigranten afkomstig waren. Bij de vormgeving van de Duitse boeken waren onder andere betrokken Henri Friedländer (1904-1996) die drieëntwintig ontwerpen voor Verlag Allert de Lange verzorgde terwijl Paul Urban (1901-1937 ? ) er vierendertig ontwierp. Léon Holman (1906-1943) verzorgde twee en Fré Cohen (1903-1943) ontwierp één band.

[bewerk] Duitse bezetting 10 mei 1940

Walter Landauer wist na de Duitse bezetting aanvankelijk onder te duiken, maar werd later gearresteerd en stierf eind 1944 de hongerdood in het kamp Bergen-Belsen. Hermann Kesten was tijdens de inval van de Duitsers in mei 1940 in Frankrijk en wist toen naar de Verenigde Staten te ontkomen. Op 21 juni 1940 moest Kroonenburg op bevel van Obersturmbanführer Jäger de activiteiten van het Verlag Allert de Lange staken. De voorraad boeken werd in beslag genomen en kwam terecht in een pakhuis in de O.L. Vrouwesteeg in Amsterdam waar zij de rest van de bezettingstijd bleven liggen. Na de bevrijding verkocht Allert de Lange de voorraad die bewaard gebleven was, in een pand naast de winkel op het Damrak.

[bewerk] Literatuur

  • G.A. von Winter (samensteller), Catalogus van de tentoonstelling: Deutsche Emigrantenliteratur in den Niederlanden 1933-1940 in november 1973 in Amsterdam. Een groot aantal van de in Nederland verschenen titels van emigrantenliteratuur en korte biografieën van auteurs worden in deze catalogus beschreven.
  • Toke van Helmond, 100 jaar Allert de Lange: eigen uitgave van de Lange. Amsterdam 1980.
  • Kurt Löb, Exil-Gestalten. Deutsche Buchgestalter in den Niederlanden 1931-1950, dissertatie Universiteit van Amsterdam 1994. Handelsuitgave bij Gouda Quint, Arnhem 1995.
  • Kerstin Schoor, Verlagsarbeit im Exil. Untersuchungen zur Geschicht der deutschen Abteilung des Amsterdamer Allert de Lange Verlages 1933-1940. Amsterdam-Atlanta 1992.
 
Persoonlijke instellingen
in andere talen