Alvleesklier

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Alvleesklier
Pancreas
Illu pancrease.svg
Alvleesklier en twaalfvingerige darm
Alvleesklier en twaalfvingerige darm
Synoniemen
Latijn Pancreon[1]

Calicreas[1]
Calicreon[1]
Callicreas[2]
Corpus glandulosum[1]
Caro glandulosa[1]

Oudgrieks Πάγκρεας[3]
Nederlands Buikspeekselklier[4][5]

Buikklierbedde[6]
Grote klier[6]

Naslagwerken
Gray's Anatomy 251,1199
MeSH A03.734
Dorlands/Elsevier p_02/12608639
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De alvleesklier,[7][5] of het pancreas[5] (Latijn: pancreas van Grieks: τό πάγκρεας, tó págkreas, van πάν, pán= "alles" en κρέας, kréas= "vlees") is een orgaan dat zich retroperitoneaal in de buikholte, gedeeltelijk achter de maag en de twaalfvingerige darm bevindt. De alvleesklier komt eveneens achterlangs in contact met de linker nier en bijnier. De alvleesklier ligt diep naar achteren verscholen in de bovenbuik, achter de maag en het achterste buikvlies en vóór de wervelkolom. Deze klier is dan ook moeilijk toegankelijk voor medisch onderzoek.

Bij de volwassene is de alvleesklier 12 tot 15 cm lang en weegt 70 tot 100 gram. De alvleesklier bestaat uit een caput (hoofd), een corpus (lichaam) en een cauda (staart) en is een gemengde klier met endocriene en exocriene functie.

Embryonaal ontwikkelt de alvleesklier zich uit één of meer uitstulpingen van de twaalfvingerige darm. Deze vertakken zich tot een gangenstelsel met aan het eind de cellen die het alvleessap produceren, dat door de gangetjes de darm kan bereiken. Daarnaast ontstaan in de alvleesklier ook klompjes cellen, de eilandjes van Langerhans, die hun producten (hormonen nodig voor de koolhydraatstofwisseling) niet lozen op het gangenstelsel, maar rechtstreeks afgeven aan het bloed.

De secretiefunctie van dit orgaan is dubbel, namelijk: hij vormt een klier met uitwendige afscheiding ten behoeve van de spijsvertering, en een klier met inwendige afscheiding ten behoeve van de koolhydraatstofwisseling.

Uitwendige afscheiding[bewerken]

De belangrijkste enzymen zijn de volgende:

a. Eiwitsplitsers (proteasen); deze worden in de alvleesklier geproduceerd in een niet-actieve vorm; daardoor kunnen ze de eiwitten van de alvleeskliercellen zelf niet afbreken. Een niet-actief enzym, bijvoorbeeld (chymo)trypsinogeen, wordt in de darm in de actieve vorm, het (chymo)trypsine, omgezet door middel van het enzym enterokinase, dat door de darmwandcellen wordt afgescheiden; dit trypsine activeert op zijn beurt weer een aantal andere niet-actieve eiwitsplitsers in het alvleessap. Geschiedt dit omzettingsproces reeds in de alvleesklier zelf, dan ontstaat zelfvertering, de acute pancreasnecrose.

b. Vetsplitsers; de belangrijkste is het pancreaslipase, een enzym dat triglyceriden (het kwantitatief belangrijkste voedingsvet) splitst in zijn componenten glycerol en vetzuren. Deze afbraak van triglyceriden wordt voortgezet in de dunne darm onder invloed van een lipase dat door de dunne darm zelf wordt geproduceerd. Voor de normale vetvertering is naast lipase ook gal nodig die continu in de lever wordt geproduceerd.

c. Koolhydraatsplitsers; het enzym amylase splitst zetmeel en glycogeen tot disacchariden, maltase gevormd in de dunne darm zet de disacchariden om tot maltose (moutsuiker). Sacharase (= sucrase) afgescheiden in de dunne darm zet sacharose (rietsuiker) om tot monosacchariden. Deze monosacchariden kunnen door de lichaamscel opgenomen worden. Amylase wordt eveneens in grote hoeveelheden gevormd in de oorspeekselklier en wordt als zodanig in het speeksel aangetroffen. Daarnaast wordt het afgescheiden door de dunne darm.

Inwendige afscheiding[bewerken]

De eilandjes van Langerhans bevatten ten minste twee soorten hormoonproducerende cellen, de alfacellen, die het hormoon glucagon maken, en de bètacellen, die het insuline produceren.

De bloedsuikerspiegel wordt bepaald door enerzijds het verbruik en anderzijds door de vorming van glucose, de centrale energiedrager van de stofwisseling bij de mens.

Als de bloedsuikerspiegel daalt, vormt dit een prikkel voor de alvleesklier om glucagon af te scheiden, dat o.a. de levercellen aanzet om het daar opgeslagen glycogeen af te breken tot glucose, zodat de bloedspiegel weer op peil komt. Indien de glucosespiegel in het bloed stijgt, bijvoorbeeld door het eten van suiker, zal de alvleesklier meer insuline produceren; het insuline zorgt ervoor dat de glucose in het bloed door de celmembraan de lichaamscellen in kan, waar het voor de stofwisseling nodig is; uiteraard daalt hierdoor de glucosespiegel in het bloed dan weer.

Bij een verhoogde lichamelijke activiteit zal de productie van insuline geremd worden door adrenaline.

Indien dit deel van de alvleesklier uitvalt, is regeling van de uiterst belangrijke glucosestofwisseling niet goed meer mogelijk en zal suikerziekte (diabetes mellitus) het gevolg zijn.

Kunstmatige alvleesklier[bewerken]

Er wordt gewerkt aan een kunstmatige alvleesklier die de insulineafgifte van de alvleesklier nabootst. Dit apparaat kan in de toekomst worden ingezet in de behandeling van suikerziekte (diabetes mellitus).

Aandoeningen[bewerken]

De belangrijkste aandoening is de alvleesklierontsteking. Een kwaadaardige aandoening van de alvleesklier is alvleesklierkanker. Een ziekte die niet slechts tot de alvleesklier beperkt is, is taaislijmziekte (cystische fibrose).

Ontstekingen van de alvleesklier uiten zich vooral in de vorm van spijsverteringsproblemen (malabsorptie, diarree) en insulinetekort (diabetes mellitus). Pas als ongeveer 90% van het pancreas vernietigd is, doen zich belangrijke functiestoornissen voor.

Pancreatitis is een niet-bacteriële ontsteking door activering van vrijgekomen verteringsenzymen in het pancreas met zelfvertering tot gevolg.

Anatomie[bewerken]

Wetenswaardigheid[bewerken]

  • Het Van Dale Groot woordenboek van de Nederlandse taal geeft aan dat zowel de pancreas (mannelijk) als het pancreas (onzijdig) correct Nederlands zijn. De pancreas wordt veruit het meest gebruikt, al komt het woord van het onzijdige Griekse woord τό πάγκρεας.

Externe links[bewerken]

  • www.alvleeskliervereniging.nl Alvleeskliervereniging (AVKV) voorziet op diverse manieren mensen (zowel leden, als niet-leden en lotgenoten of hun partners) met een acute of chronische aandoening aan de alvleesklier van bruikbare hulp en informatie met betrekking tot hun aandoening.
  • www.alvleesforum.nl Site bedoeld voor lotgenoten om elkaar vragen voor te leggen en meningen en ervaringen uit te wisselen met betrekking tot de alvleesklier.

Literatuurverwijzingen[bewerken]

  1. a b c d e Castelli, B. & Ravenstein, A. (1665). Lexicon medicum Graeco-Latinum. Rotterdam: Arnold Leers.
  2. Woyt, J.J. (1761). Gazophylacium medico-physicum oder Schatz-Kammer medicinisch- und natürlicher Dinge (15. Auflage) Leipzig: In Lankischens Buchhandlung.
  3. Liddell, H.G. & Scott, R. (1940). A Greek-English Lexicon. revised and augmented throughout by Sir Henry Stuart Jones. with the assistance of. Roderick McKenzie. Oxford: Clarendon Press.
  4. Silbernagl, S., Despopoulos A. & Steen, J.C. van der (1998). Sesam Atlas van de fysiologie. (11de druk). Baarn: Bosch & Keuning.
  5. a b c Everdingen, J.J.E. van, Eerenbeemt, A.M.M. van den (2012). Pinkhof Geneeskundig woordenboek (12de druk). Houten: Bohn Stafleu Van Loghum.
  6. a b Schreger, C.H.Th.(1805). Synonymia anatomica. Synonymik der anatomischen Nomenclatur. Fürth: im Bureau für Literatur.
  7. Kloosterhuis, G. (1965). Praktisch verklarend zakwoordenboek der geneeskunde (9de druk). Den Haag: Van Goor Zonen.
Zoek dit woord op in WikiWoordenboek