Ananasgal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ananasgal
Ananasgallen op zomereik
Ananasgallen op zomereik
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Arthropoda (Geleedpotigen)
Onderstam: Hexapoda (Zespotigen)
Klasse: Insecta (Insecten)
Onderklasse: Pterygota
Superorde: Neoptera
Orde: Hymenoptera (Vliesvleugeligen)
Onderorde: Apocrita
Superfamilie: Cynipoidea
Familie: Cynipidae (Galwespen)
Geslacht: Andricus
Soort
Andricus foecundatrix
Hartig, 1840
Larve
Larve
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De ananasgal of eikenroos bij de zomereik en wintereik wordt veroorzaakt door de parthenogenetische galwesp Andricus foecundatrix (syn. Andricus fecundatrix en Andricus fecundator). De wesp legt één ei per bladknop. De schutbladen van de bladknop groeien dakpansgewijs uit tot een 2 tot 3 cm grote, op een dennenappel lijkende gal. Vanaf eind augustus kunnen de ananasgallen in hun geheel van de boom vallen, maar het is ook mogelijk dat de knop blijft zitten en zich in de herfst opent, waarop de tot 8 mm grote binnengal uit de knop valt met daarin de larve van de galwesp. De vrouwelijke galwespen uit de binnengal komen in het daaropvolgende, of in het 2-3 jaar latere, voorjaar tevoorschijn en leggen hun onbevruchte eitjes aan de basis van de mannelijke bloeiwijze van de eik. Op deze bloeiwijze ontstaan witharige, ovale, 2–3 mm grote gallen, waaruit mannelijke en vrouwelijke galwespen komen. De gallen verkleuren bij het ouder worden van lichtgroen naar bruin.[1][2]

Ananasgal met 8 mm lange binnengal
Bronnen, noten en/of referenties