André Gide

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
André Gide
André Gide in 1901 op het schilderij De voordracht door Emile Verhaeren door Théo van Rysselberghe (detail)
Portret door Paul Albert Laurens, 1924

André Paul Guillaume Gide (Parijs, 22 november 1869 — aldaar, 19 februari 1951) was een Frans schrijver en winnaar van de Nobelprijs voor de literatuur in 1947.

Biografie[bewerken]

Gide was de zoon van een protestantse vader uit de Midi en een rooms-katholieke moeder uit Normandië. Hij was een van de belangrijkste schrijvers van zijn generatie.

De streng protestantse opvoeding heeft hem schuldgevoelens en frustraties opgeleverd. Ook zijn nicht Madeleine Rondeaux, met wie hij ten slotte huwde, was streng religieus; het schijnt vooral een "spirituele" verbintenis te zijn geweest. (Later raakten zij vervreemd, maar haar terminale ziekte bracht hen weer bijeen; zij overleed in 1938. In 1923 had Gide ondertussen een dochter bij een andere vrouw).

Gide heeft zich uiteindelijk bevrijd van deze hem verstikkende banden. Door het lezen van de werken van Nietzsche, door ontmoetingen met schrijvers als Oscar Wilde en door de ervaringen tijdens zijn Afrikaanse reizen ontwikkelde hij zijn geestelijk evenwicht als universeel humanist wiens non-conformistische levensstijl werd aanvaard.

André Gide streefde ernaar open te blijven staan voor nieuwe kunststromingen als dadaïsme en surrealisme, of de mystieke kunst van William Blake, wiens werk hij vertaalde.

Op middelbare leeftijd ging hij een langdurige vriendschap en verhouding aan met de vijftienjarige Marc Allégret (1900-1973), die hij adopteerde en die later een bekend filmproducent zou worden.

Werk en thema's[bewerken]

Terugkerende thema’s zijn het religieuze en het zinnelijke, waarbij de balans in de loop der jaren steeds vaker naar het zinnelijke doorsloeg. Vanaf zijn eerste werk schreef Gide over zijn eigen leven, zijn eigen psyche; het zou hem nooit lukken zijn eigen 'Ich' uit te sluiten. Zijn werk wordt narcistisch genoemd.

Zijn homoseksualiteit komt in zijn werk pas later aan de oppervlakte: in de vroegere werken draait hij er nog wat omheen. Toen hij echter in de jaren negentig van de negentiende eeuw drie jaar doorbracht in Algerije, viel veel van zijn geremdheid van hem af, mede doordat hij verliefd werd op de jonge Athman. Daarna verschenen zijn grote werken l'Immoraliste (1902) en la Porte étroite (1909). Tijdens WO I schreef hij Corydon (gepubliceerd na de oorlog, in 1924) waarin hij de homoseksualiteit in een gunstig daglicht stelt en zich beroept op grote figuren als Blaise Pascal en Montaigne. Overigens was hij voorstander van een viriele vorm van homoseksualiteit, die hij beschouwde als niet "tegen de natuur", maar wel "tegen de norm". In 1926 kwam Les Faux-monnayeurs uit, door Gide wel zijn "enige roman" genoemd. Het was in ieder geval zijn monumentaalste.

Berucht is zijn houding tegenover de veelzijdige kunstenaar Jean Cocteau, op wie hij altijd heeft neergezien, zonder dat de reden daarvoor ooit duidelijk is geworden. Gides dagboeken wekken de indruk dat er (deels seksuele) jaloezie in het spel was.

Toen van de Amerikaanse auteur Gore Vidal in 1948 het openlijk homoseksuele The City and the Pillar uitkwam - een doorbraak in de VS - stuurde Gide de schrijver een exemplaar van Corydon.

Politiek[bewerken]

In de jaren twintig begon Gide zich te bekommeren om de maatschappelijk zwakkeren. Hij werd een voorvechter van gelijkberechtiging van de vrouw en was voorstander van een humanere behandeling van misdadigers.

In de jaren dertig had hij, zoals vele schrijvers in die tijd, sympathie voor het communisme, vooral onder invloed van het evangelie. Maar na een reis naar de Sovjet-Unie in juni 1936, in gezelschap van Jef Last, keerde hij ontgoocheld terug. Naar aanleiding van dit bezoek schreef hij een destijds opzienbarend reisverslag Retour de l'U.R.S.S. (1936) dat scherpe kritiek bevatte op de toestanden die hij had aangetroffen. De Sovjet-autoriteiten waren niet gelukkig met dit boek, waardoor Gide in de Sovjet-Unie in ongenade viel. Hij verloor vele communistische en socialistische vrienden.[1]

In de jaren veertig ontwikkelde zijn denken over het concept van de vrijheid zich: absolute vrijheid, aldus Gide, was zowel schadelijk voor de maatschappij, als voor het individu.

Invloed[bewerken]

Als oprichter van de Nouvelle Revue française (1909, na een abortief begin in 1908), maar vooral als vrijgevochten schrijver, heeft Gide een enorme invloed uitgeoefend op latere generaties Franse schrijvers en op de ontwikkeling van de moderne Franse roman, de Nouveau roman.

Het werk van André Gide is geprezen en aangevallen, maar zowel voor- als tegenstanders erkennen zijn meesterschap over de vorm. Hij kreeg eredoctoraten van diverse universiteiten, waaronder Oxford. In 1947 ontving Gide de Nobelprijs voor literatuur. In 1952 zette de Rooms-Katholieke Kerk zijn werk op de lijst van verboden boeken.

Bibliografie[bewerken]

Nobel prize medal.svg
  • 1891 - Les cahiers d'André Walter
  • 1891 - Le traité du Narcisse
  • 1892 - Les poésies d'André Walter
  • 1893 - La tentative amoureuse
  • 1893 - Le voyage d'Urien
  • 1895 - Paludes
  • 1897 - Réflexions sur quelques points de littérature et de morale
  • 1897 - Les nourritures terrestres
  • 1897 - Feuilles de route 1895-1896
  • 1899 - Le Prométhée mal enchaîné
  • 1899 - Philoctète. El Hadj
  • 1900 - Lettres à Angèle
  • 1900 - De l'influence en littérature
  • 1901 - Le roi Candaule
  • 1901 - Les limites de l'art
  • 1902 - L'immoraliste
  • 1903 - Saül
  • 1903 - De l'importance du public
  • 1903 - Prétextes
  • 1906 - Amyntas
  • 1907 - Le retour de l'enfant prodigue
  • 1908 - Dostoïevsky d'après sa correspondance
  • 1909 - La porte étroite
  • 1910 - Oscar Wilde
  • 1911 - Nouveaux prétextes
  • 1911 - Charles-Louis Philippe
  • 1911 - C. R. D. N. (privé-oplage van 12 exemplaren)
  • 1911 - Isabelle
  • 1912 - Bethsabé
  • 1914 - Souvenirs de la Cour d'Assises
  • 1914 - Les caves du Vatican
  • 1919 - La symphonie pastorale
  • 1920 - Corydon (privé-oplage van 21 exemplaren)
  • 1921 - Morceaux choisis
  • 1921 - Pages choisies
  • 1922 - Numquid et tu …?
  • 1923 - Dostoïevsky
  • 1924 - Incidences
  • 1924 - Corydon
  • 1925 - Caractères
  • 1925 - Les faux-monnayeurs
  • 1926 - Si le grain ne meurt
  • 1926 - Le journal des faux-monnayeurs
  • 1927 - Dindiki
  • 1927 - Voyage au Congo
  • 1928 - Le retour du Tchad
  • 1929 - L'école des femmes
  • 1929 - Essai sur Montaigne
  • 1929 - Un esprit non prévenu
  • 1929 - Robert
  • 1930 - La séquestrée de Poitiers
  • 1930 - L'affaire Redureau
  • 1931 - Œdipe
  • 1931 - Divers
  • 1934 - Perséphone
  • 1934 - Pages de Journal 1929-1932
  • 1935 - Les nouvelles nourritures
  • 1936 - Nouvelles Pages de Journal 1932-1935
  • 1936 - Geneviève
  • 1936 - Retour de l'U.R.S.S.
  • 1937 - Retouches à mon retour de l'U.R.S.S.
  • 1938 - Notes sur Chopin
  • 1939 - Journal 1889-1939
  • 1941 - Découvrons Henri Michaux
  • 1942 - Saül, Le Roi Candaule, dipe, Perséphone, Le Treizième Arbre (toneel)
  • 1943 - Interviews imaginaires
  • 1944 - Pages de Journal 1939-1942
  • 1946 - Thésée
  • 1946 - Souvenirs littéraires et problèmes actuels
  • 1946 - Le retour
  • 1947 - Paul Valéry
  • 1947 - Poétique
  • 1947 - Le procès
  • 1947 - L'arbitraire
  • 1948 - Préfaces
  • 1948 - Rencontres
  • 1948 - Les Caves du Vatican (farce)
  • 1948 - Éloges
  • 1949 - Robert ou l'intérêt général
  • 1949 - Feuillets d'automne
  • 1949 - Anthologie de la Poésie française
  • 1950 - Journal 1942-1949
  • 1950 - Littérature engagée
  • 1951 - Égypte 1939
  • 1951 - Et nunc manet in te
  • 1952 - Ainsi soit-il ou les jeux sont faits
  • 1972 - Le Récit de Michel
  • 1993 - À Naples
  • 1993 - Le Grincheux
  • 1995 - L'Oroscope ou Nul n'évite sa destinée (scenario)
  • 1996 - Isabelle (scenario, in samenwerking met Pierre Herbart)
  • 2002 - Le Ramier

Nederlandse vertalingen[bewerken]

Te eniger tijde in Nederland verschenen teksten :

  • Brief van André Paul Guillaume Gide (1869-1951), geschreven aan [Jacques?] des Gachons ; Verzameling brieven, manuscripten, ontwerpen voor illustraties e.d. van en aan Franse letterkundigen
  • De terugkeer van den verloren zoon
  • De immoralist : roman
  • De nieuwe spijzen
  • De enge poort
  • De levende gedachten van Montaigne
  • Moer : narrenspel
  • Over Duitschland
  • Oedipus & Theseus
  • De Hadjie, of Verhandeling over de valse profeet
  • Verhalend en essayistisch proza : alsmede een uitgebreide keuze uit: journal, correspondentie en andere werken
  • De kelders van het Vaticaan : een farce
  • De valsemunters : roman
  • De pastorale symfonie
  • Als de graankorrel niet sterft
  • Vrouwenschool / Robert en Geneviève
  • Reis naar Congo
  • Het innerlijk blauw : keuze uit het dagboek


Bronnen, noten en/of referenties
  1. Ger Verrips, Denkbeelden uit een dubbelleven - Biografie van Karel van het Reve, pag. 59, Uitg. Arbeiderspers, Amsterdam (2004), ISBN 90-295-5187-9