Andreas Kinneging

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Andreas Kinneging

Andreas Antonius Maria Kinneging (Eindhoven, 26 februari 1962) is een Nederlandse hoogleraar rechtsfilosofie aan de Universiteit Leiden en een prominent pleitbezorger van het conservatisme in Nederland.

Levensloop[bewerken]

Kinneging groeide op in een katholiek gezin in Zeeland. Hij studeerde van 1979 tot 1984 politieke wetenschappen aan de Katholieke Universiteit Nijmegen, waar hij zowel zijn kandidaats (1981) als zijn doctoraal (1984) cum laude behaalde. Kinneging behoorde in de jaren tachtig tot de Nederlandse top in het gewichtheffen. In 1987 werd hij Nederlands kampioen in de gewichtsklasse tot honderd kilogram.[1] Hij promoveerde op 1 oktober 1994 op het proefschrift Aristocracy, antiquity, and history. Kinneging is gehuwd met Naema Tahir.

Liberale periode[bewerken]

Van 1984 tot 1986 werkte hij als wetenschappelijk medewerker van de Teldersstichting, het wetenschappelijk bureau van de VVD. Kinneging publiceerde in zijn periode bij de Teldersstichting en de jaren daarna liberale geschriften, waaronder Liberalisme: een speurtocht naar de filosofische grondslagen, waarin hij het ontplooiingsliberalisme en het utilitaristische liberalisme contrasteerde. Kinneging brak een lans voor de laatste variant, en vond VVD-prominenten als Frits Bolkestein en Paul Cliteur aan zijn zijde. Kinneging werd indertijd door velen beschouwd als 'huisideoloog' van de VVD. Hij was onder meer actief als ghostwriter voor Bolkestein, die van 1990-1998 VVD-partijleider was.

In de jaren negentig raakte Kinneging gaandeweg teleurgesteld in het niveau en de aard van het intellectueel debat binnen de VVD. Het niveau was hem te laag, het debat te weinig serieus, en inhoudelijk zag hij de VVD kiezen voor het sociaal-liberalisme. Kinneging werd allengs (vooral na het vertrek van Bolkestein als partijleider) steeds kritischer over de VVD en zegde eind 1999 zijn lidmaatschap op.

Wetenschappelijke carrière[bewerken]

Na van 1986 tot 1987 beleidsmedewerker bij het ministerie van Financiën te zijn geweest, maakte hij in 1987 de overstap naar de universiteit van Leiden, waar hij in dienst trad bij de Faculteit der Sociale Wetenschappen, afdeling Politicologie. Van 1987 tot 1990 was hij als NWO-bursaal verbonden aan het onderzoekscentrum Sturing en Samenleving van de Leidse Universiteit. In 1990 werd hij universitair docent. Hij gaf colleges op het terrein van de geschiedenis van de politieke theorie en staatkunde.

Kinneging promoveerde op 1 oktober 1994 (cum laude) op het proefschrift Aristocracy, antiquity and history. An essay on classicism in political thought. In 1997 verscheen een handelseditie van het boek. Kinneging laat in zijn dissertatie zien hoe de Europese aristocratie diepgaand werd beïnvloed door het Romeinse denken over moraal, samenleving en staat.

Het schrijven van zijn proefschrift versterkte het 'bekeringsproces' dat van Kinneging gaandeweg van een (rechtse) liberaal een onversneden conservatief maakte, die teruggrijpt naar de intellectuele tradities van het joods-christelijke ethische gedachtegoed alsmede dat van de Grieks-Romeinse oudheid.

In 1996 stapte Kinneging over naar de rechtenfaculteit, waar hij spoedig werd benoemd tot universitair hoofddocent en vervolgens tot hoogleraar in de filosofie van het recht. Kinneging aanvaardde het hoogleraarschap op 1 augustus 2004 en hield op 17 mei 2005 zijn oratie in het Academiegebouw, met een pleidooi voor het belang van de klassieke traditie in de vorming van juristen. Zijn vakgebied beslaat de rechtsfilosofie, politieke filosofie, ethiek, axiologie, deontologie en constitutionele theorie.

Vanaf eind 1999 animeerde Kinneging een publiek debat over het conservatisme, dat uiteindelijk culmineerde in de oprichting van de conservatieve denktank de Edmund Burke Stichting, waarvan Kinneging korte tijd voorzitter was.

Kinneging nam eind februari 2012 publiekelijk het standpunt in dat het voor het goed functioneren van de politiek wenselijk is dat televisie volledig van het Binnenhof geweerd wordt. Dit standpunt volgde op een column van zijn vrouw Naema Tahir die in het televisieprogramma Buitenhof betoogde dat met name journalisten die als doel hebben politici belachelijk te maken, geweerd zouden moeten worden. Kinneging ging verder en stelde dat goede politiek gediend is met afwezigheid van televisie. Televisie-aandacht hindert een kwalitatief hoogstaand debat en selecteert op presentabele maar inhoudelijk zwakke politici, zo betoogde hij.

Fenomenologie van de deugd[bewerken]

Kinneging schrijft veel populair-wetenschappelijke stukken over de klassieke deugdenleer, vaak in het dagblad Trouw. Ook ontdekte hij de realistische fenomenologie van filosofen als Edmund Husserl, Max Scheler, Nicolai Hartmann, Adolf Reinach, Dietrich von Hildebrand, Aurel Kolnai, en vele anderen. Kinneging gaf onder meer een nieuwe editie uit van Nicolai Hartmanns Ethics (in drie delen, 2001-2004). In 2005 verscheen 'Geografie van goed en kwaad', een verzameling filosofische essays die Kinneging in het voorafgaande decennium schreef. Voor dit boek ontving hij in 2006 de Socrates-wisselbeker.

Geografie van goed en kwaad[bewerken]

Tijdens zijn studie van de klassieken ontdekte Kinneging tot zijn eigen verbazing dat wat dezen schreven eigenlijk helemaal niet zo achterlijk was. In het bijzonder raakte hij doordrongen van het belang van de traditionele deugdenleer, bedacht in de Klassieke Oudheid en bewaard gebleven in het – katholieke – christendom. Deze deugdenleer is het instrument bij uitstek voor een morele opvoeding. En die is weer essentieel, zo schrijft Kinneging, omdat de mens nu eenmaal uit krom hout gesneden is. Of op z'n protestants: geneigd is tot alle kwaad. Zijn belangrijkste kritiek op het Verlichtingsdenken is dan ook dat daarin het kwade in de mens wordt genegeerd. Het boek is een kritiek op de westerse cultuur.

Publicaties (selectie)[bewerken]

  • (2013) - Waar of niet? Over de vraag wat waarheid is (samenst. Andreas Kinneging en Rob Wiche), Amsterdam: Bakker
  • (2008) - Het goede leven. Een briefwisseling (met Piet Gerbrandy), Amsterdam: Meulenhoff
  • (2006) - Geografie van goed en kwaad. Filosofische essays, Houten: Het Spectrum
  • (1997) - Aristocracy, Antiquity, and History. Essay on Classicism in Political Thought. New Brunswick NJ: Transaction Publishers. Eerdere editie: 1994 (proefschrift Universiteit Leiden)
  • (1988) - Liberalisme: een speurtocht naar de filosofische grondslagen (Teldersgeschrift 65, Den Haag)

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties