Angio-oedeem

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
     Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts
Erfelijk angio-oedeem
C1-esterase inhibitor deficientie
ICD-10 D84.1
ICD-9 277.6
OMIM 106100
eMedicine derm/420
   Geneeskunde
Angio-oedeem
Quincke's oedeem
ICD-10 T78.3
ICD-9 995.1
eMedicine derm/23 emerg/32 med/135 ped/101
   Geneeskunde

Angio-oedeem is een abrupt optredende zwelling van weefsels, vooral in het gelaat en in de keel. Het ontstaan is vergelijkbaar met netelroos, maar de zwelling vindt dieper in de huid plaats, en houdt langer aan (zo'n 1-2 dagen). Meestal is er minder jeuk. De meeste patiënten met angio-oedeem hebben ook netelroosklachten. Bij zwellingen in de keel is er een risico op het ontstaan van ademhalingsmoeilijkheden.

[bewerk] Oorzaken

Enkele mogelijke oorzaken, zie ook netelroos. Vaak is geen oorzaak aantoonbaar.

[bewerk] Behandeling

De zwelling zal vanzelf weer verdwijnen. Maar bij het ontstaan van benauwdheidsklachten (zeldzaam) is er een medisch noodgeval. Intramusculair adrenaline is de belangrijkste behandeling. Corticosteroiden en antihistaminica kunnen dergelijke reacties ook tegengaan, maar zijn voor de wat langere termijn. Soms kan een intubatie nodig zijn.
Nadien zijn de belangrijkste acties:

  • Nagaan of een oorzaak te herkennen is, en deze vermijden. De aanwijzingen hiervoor moeten vooral uit de anamnese, het verhaal van de patiënt, komen. Eventueel kunnen verdachte stoffen getest worden met allergietest. Vaak kan geen oorzaak gevonden worden.
  • Vermijden van NSAID's en ACE-remmers.
  • Een antihistaminicum kan het optreden van de klachten verminderen. In een enkel geval wordt prednisolon gegeven.
  • In het geval van een ernstige allergie wordt aan patiënten soms een adrenaline-autoinjector (ook wel epipen genoemd) gegeven, om zichzelf bij een ernstige aanval te injecteren.

[bewerk] Externe link

 
Persoonlijke instellingen