Plan-Annan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Annan Plan)
Ga naar: navigatie, zoeken

Het plan-Annan is een plan van Kofi Annan, Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties, voor de hereniging van Cyprus en de vorming van een nieuwe staat. Het plan werd op 24 april 2004 voorgelegd aan de Turks-Cypriotische en de Grieks-Cypriotische bevolking van Cyprus. De Turkse bevolking stemde voor het plan, maar de Griekse bevolking stemde tegen. Omdat een voorwaarde was dat beide kampen voor moesten stemmen trad het plan niet in werking.

Inhoud

[bewerken] Inhoudelijk plan

Voorgestelde vlag voor de nieuwe staat

Het plan-Annan heeft vijf versies ondergaan voordat uiteindelijk de definitieve versie ter stemming aan de bevolking van Cyprus werd voorgelegd. In de vijfde versie van het plan-Annan werd de vestiging van een verenigd Cyprus voorgesteld die het hele eiland beslaat, met uitzondering van de Britse legerbasissen. Het land zou bestaan uit een confederatie van twee deelstaten, namelijk een Grieks-Cypriotische en een Turks-Cypriotische staat. Deze zouden samengevoegd worden in een federale overheid die zo min mogelijk bevoegdheden zou hebben.

De federale overheid zou geleid worden door een Presidentiële Raad bestaande uit zes leden met stembevoegdheid, waarvan vier een Grieks-Cypriotisch achtergrond en twee een Turks-Cypriotisch zouden hebben. Daarnaast zouden optioneel aan de Raad drie extra leden kunnen worden toegevoegd, in de verhouden van twee met een Grieks-Cypriotisch achtergrond en twee met een Turks-Cypriotisch achtergrond. De President en Vice-president zouden elke 20 maanden gekozen worden uit de leden van de Raad. De Raad zou een zittingstermijn krijgen van vijf jaar.

De nieuwe staat zou een tweekamerstelsel krijgen, bestaande uit een Senaat en een Huis van Afgevaardigden. De Senaat zou bestaan uit 48 leden, evenredig afkomstig uit beide gemeenschappen. Ook het Huis van Afgevaardigden zou bestaan uit 48 leden. Deze zouden evenredig gekozen worden op basis van absolute inwonersaantallen, waarbij de kleinste gemeenschap nooit minder dan twaalf leden zou hebben.

Ook bevatte het plan-Annan een voorstel voor een federale grondwet, een aantal federale wetten, een voorstel voor een vlag en een nationaal volkslied. Daarnaast zou er een Verzoeningscommissie worden gevormd met als doel beide gemeenschappen dichter bij elkaar te brengen. Er werd een beperking gesteld aan het recht op terugkeer van vluchtelingen van beide kanten. Het werd aan zowel Griekenland als Turkije toegestaan op permanent militairen op het eiland te legeren. Deze zouden wel gebonden zijn aan bepaalde restricties, bijvoorbeeld aangaande de omvang.

[bewerken] Onderhandelingen

Het verdeelde Cyprus

In januari 2002 begonnen de onderhandelingen onder direct toezicht van Kofi Annan. Deze onderhandelingen werden gevoerd door de (Griekse) president van Cyprus Glafkos Klerides en Rauf Denktaş, leider van de Turks-Cyprioten. In november 2002 presenteerde Annan een nieuw voorstel. In aanloop naar een top van de Europese Unie in december 2002 in Kopenhagen werd extra druk op beide kampen uitgeoefend om tot een akkoord te komen. Dit was vooral met het oog op de beslissing over de toelating van Cyprus tot de Europese Unie. Beide kampen gingen echter niet akkoord. Wel kreeg Cyprus op 16 december 2002 de uitnodiging om toe te treden tot de Europese Unie. In februari 2003 presenteerde Annan een derde voorstel. Hij stelde voor dit in een referendum aan de bevolking van beide groepen voor te stellen. Op 10 maart 2003 mislukte onderhandelingen daarover in Den Haag. Inmiddels was ook Tassos Papadopoulos aangetreden als de vijfde president van Cyprus en opvolger van Clerides.

Een vierde onderhandelingsronde vond op initiatief van Annan plaats in februari 2003. Ook deze onderhandelingen mislukten. Denktaş weigerde daarna nog langer te onderhandelen en stuurde zijn premier Mehmet Ali Talat en zijn zoon Serdar Denktaş naar een volgende onderhandelingsronde in Bόrgenstock. Deze vond plaats op 24 maart 2004. Ook deze onderhandelingen mislukte. Daarom stapte Annan in als arbiter en presenteerde op 31 maart een definitief voorstel. Dit werd direct verworpen door Rauf Denktaş en week later door Papadopoulos. Talat liet echter weten het plan wel te steunen.

[bewerken] Referendum

Het referendum vond plaats op 24 april 2004. De Turks-Cypriotische bevolking sprak zich in ruime mate uit voor het plan, terwijl de Grieks-Cypriotische meerderheid zich juist in ruime mate uitsprak tegen het plan.

Gemeenschap Ja Nee  Opkomst 
 Grieks Cyprioten   24.17%   75.83%  88%
 Turks Cyprioten  64.90% 35.09% 87%

Het plan trad niet in werking, omdat een voorwaarde was dat beide gemeenschappen akkoord moesten gaan. De Europese Unie liet in een reactie weten dat het noordelijk deel van Cyprus, het Turks-Cypriotische deel, niet beschouwd werd als onderdeel van de Europese Unie, omdat ze niet vielen onder de directe controle van de regering van de Republiek Cyprus. Daardoor vallen zij niet onder de (fiscale) wetgeving van de Europese Unie. Dit besluit had geen gevolgen voor Turks-Cypriotische inwoners van Cyprus, omdat zij beschouwd werden als inwoners van de Republiek Cyprus.

De belangrijkste reden voor de Grieks-Cypriotische bevolking om tegen te stemmen was dat het plan-Annan in hun ogen te ongebalanceerd was en vooral in het voordeel van de Turkse bevolking zou uitwerken. Dit baseerde zij bijvoorbeeld op het feit dat in de Senaat de Turkse bevolking van Cyprus evenveel zetels zou krijgen als de Grieks-Cyprioten, terwijl deze in aantal toch een minderheid vormde. Ook was er nauwelijks ruimte voor het recht op terugkeer of herstelbetalingen van en voor Grieks-Cyprioten die uit het noorden waren gevlucht, en werd er te weinig bescherming geboden voor de Grieks-Cypriotische bevolking die daar nog steeds woonden. Veel mensen hadden ook moeite met een tijdelijk verbod op de invoer van wapens voor Grieks-Cyprioten, totdat de Turks-Cypriotische bevolking zelfstandig genoeg was om zichzelf te beschermen.

De Nee-stem werd vooral sterk verwoord door Papadopoulos. Ook Cyprus' grootste politieke partij AKEL besloot twee dagen voor het referendum om het plan niet te steunen. De Griekse premier Kostas Karamanlis sprak zich neutraal uit tegen het voorstel, terwijl de Griekse oppositieleider George Papandreou zich juist uitspraak ten faveure van het plan-Annan.

Aan Turks-Cypriotische zijde waren ook bedenkingen en werd het plan uitgelegd als pro-Grieks, maar veel burgers stemden toch voor. De belangrijkste reden daarvoor was toch om een einde te maken aan de internationale geïsoleerde positie waarin de Turks-Cyprioten verkeerden. Door voor te stemmen zouden zij deel te gaan uitmaken maken van de Europese Unie en de daarmee gepaard gaande economische voordelen ontvangen.

De Turks-Cypriotische president Denktaş was een fel tegenstander van het plan, terwijl premier Talat juist een warm pleitbezorger was van het plan. Ook de Turkse premier Tayyip Erdoğan sprak zich uit voor het plan. Hij hoopte hiermee één van de drempels weg te nemen die Turkije verhinderde lid te worden van de Europese Unie.

[bewerken] Reacties op afwijzing

Uit de internationale reacties naar aanleiding van de afwijzing van het plan bleek vooral teleurstelling. Annan stelde dat een “unieke en historische kans om de problemen op Cyprus op te lossen was mislukt”. De Turkse premier Erdoğan sprak uit dat hij geloofde dat met het referendum de internationale isolatie van Turks-Cyprioten was doorbroken, omdat zij juist voorgestemd hadden.

Denktaş constateerde dat zijn campagne succesvol was geweest, omdat het plan was afgewezen. Hij negeerde oproepen om af te treden, maar kondigde wel aan zich niet herkiesbaar te stellen in 2005. Papadopoulos stelde dat de Grieks-Cypriotische bevolking slechts het plan-Annan had afgekeurd en niet alle oplossingen die werden aangedragen voor de beëindiging van het conflict.

[bewerken] Links

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen