Anthony Christiaan Winand Staring
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Standbeeld van Anthony Christiaan Winand Staring in Vorden
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Anthony Christiaan Winand Staring (Gendringen, 24 januari 1767 – eigen landgoed Kasteel De Wildenborch in Vorden, 18 augustus 1840) was een Nederlandse landheer, landbouwkundige en dichter.
Inhoud |
[bewerken] Levensloop
Staring was een zoon van Damiaan Hugo Staring[1] en Sophia Wijnanda Verhuell. Alhoewel geboren in Gendringen bracht hij zijn jeugdjaren in het Zuid-Hollandse Gouderak en in Gouda door.[2] Zijn vader was in dienst van de VOC uitgezonden naar Kaap de Goede Hoop. De zesjarige Anthony werd ondergebracht bij zijn oom, de weduwnaar Jacob Gerard Staringh, die predikant in Gouderak was. Na achtereenvolgens van 1773 tot 1776 de Franse School van Meester Willem Muys en van 1776 tot 1782 de middelbare opleiding aan de Latijnse school te Gouda te hebben gevolgd vertrok hij in 1783 uit Gouda om te gaan studeren.[3]
Hij volgde opleidingen aan de Universiteit van Harderwijk (rechten) en in Göttingen (botanie) om zich voor te bereiden op het beheer van zijn landgoed en Kasteel De Wildenborch, waar hij zich in 1791 blijvend vestigde. De manier waarop hij het landgoed exploiteerde was voor die tijd zeer bijzonder. De 'landman' Staring had oog voor de natuur, maar ook voor de noden van de mensheid. Zo liet hij op De Wildenborch een school bouwen, waar kinderen van boeren en landarbeiders onderwijs genoten.
Staring was een romantische dichter, een van de weinige de dichtkunst beoefenende Nederlanders die als zodanig bekend staan. Zijn romantische inslag betrof zowel hetgeen waarover hij schreef (legenden, beschrijvingen van de natuur) als de wijze waarop hij dat deed (gevoelig en humoristisch). Staring blonk uit in de dichterlijke vertelkunst. Een goed voorbeeld daarvan is zijn "Jaromir-cyclus", maar ook met "Marco" en "De hoofdige boer" verwierf hij bekendheid. Veel waardering ondervond hij echter niet, onder meer omdat zijn literaire werk moeilijk toegankelijk zou zijn.
Staring trouwde op 6 juni 1791 te Almen met Everdina Maria van Loben Sels. Hij hertrouwde op op 22 juli 1798 te Maarssen met Johanna Andrea Charlotte van der Muelen. Een zoon uit het tweede huwelijk was de bosbouwer, geoloog en waterstaatkundige Winand Carel Hugo Staring (1808–1877).
[bewerken] Gedicht
-
-
- DE KRIJGSGEVANGENEN
-
- "Kaptein!" — "Waar zit je! Kom! Dit bosch is niet te trouwen."
- "'k Heb twee Gevangnen!" — "Breng ze meê." —
- "Ik wordt door beide vastgehou'en,
- En kan niet van de steê."
[bewerken] Spreuk
-
- DAGELIJKSCH DOEN
- De rijpe Kennis hoort,
- De onrijpe neemt het woord.
[bewerken] Lied
Een gedicht van zijn hand (getoonzet door A. Lijsen) werd opgenomen in de liedbundel Kun je nog zingen, zing dan mee (eerste druk in 1906). Dit liedboek was zeer populair en werd de hele twintigste eeuw herdrukt. De eerste regels luiden:
- Sikkels klinken, Sikkels blinken,
- Ruischend valt het graan.
- Zie de bindsters garen,
- Zie in lange scharen
- Garf bij garven staan.
[bewerken] Vernoemingen
- Het Staring Instituut, het streekinstituut voor de Achterhoek en Liemers, en het Staring College, de middelbare school gevestigd in Lochem en Borculo, herdenken hem in de naam.
- Het LINT-treinstel 27 van vervoersmaatschappij Syntus is vernoemd naar Staring.
- Nummer 4 Een Geldersch Lied op het album Uit oude grond (2010) van de band Heidevolk is een op muziek gezet gedicht van Staring.
- In diverse Nederlandse plaatsen is een straat, laan of weg naar Staring genoemd.
[bewerken] Externe links
- Staring in het Laurens Janszoon Costerproject
- Staringinstituut
- Over de vormings(studie)jaren van Staring
- Staring-nummer van tijdschrift Maatstaf
- Biografieën, werken en teksten bij de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren (dbnl)
| Zie de categorie Anthony Christiaan Winand Staring van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |
Noten
|
