Antigonos II Gonatas

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Tetradrachme van Antigonos II Gonatas met portret omringd door Keltische schilden

Antigonos II (Grieks: Ἀντίγονος B΄ Γονατᾶς) (ca. 319239 v.Chr.), bijgenaamd Gonatas (d.i. afkomstig uit Gonoi, in Thessalië), uit het huis der Antigoniden, was koning van Macedonië van 277 tot aan zijn dood.

Macedonië in het midden van de derde eeuw (blauw)

Hij was een zoon van Demetrios Poliorketes en kleinzoon van Antigonos I Monophthalmos. Na de dood van zijn vader (283 v.Chr.) moest Antigonos verscheidene jaren strijden om metterdaad het koningschap over Macedonië te kunnen uitoefenen. Door in 277 de in Griekenland binnengedrongen Galaten (Kelten uit Gallië) een vernietigende slag toe te brengen bij de Hellespont, wist hij zijn gezag te consolideren en kon hij het koningschap opeisen. Zijn positie werd herhaaldelijk betwist, onder andere door Pyrrhus van Epirus, totdat deze in Argos vermoord werd (272).

In 267 brak de Chremonideïsche Oorlog uit, genoemd naar de leider van de anti-Macedonische partij in Athene, waarbij een coalitie van Athene, Sparta en Ptolemaios II Philadelphos zich verenigden tegen hem. Antigonos II behaalde de overwinning in een veldslag bij Korinthe in 265, waarbij de Spartaanse koning Areus I sneuvelde. Daarna wist hij na een langdurig beleg Athene tot overgave te dwingen. Op zee versloeg Antigonos vervolgens een vloot van de Egyptische koning Ptolemaios II bij het eiland Kos, een belangrijke Egyptische marinebasis, waardoor de beheersing van de Egeïsche Zee voor de Egyptenaren verloren ging. Zijn expansie kwam tot stilstand door het optreden van de Achaeïsche Bond in de periode 250-243, maar hij bleef de heerser over Athene en de andere Griekse steden.

In 239 overleed Antigonos, tachtig jaar oud. Hij werd opgevolgd door zijn zoon Demetrios II, die tien jaar zou regeren. Afgezien van een korte periode waarin hij de Galaten versloeg, gold Antigonos niet als een heldhaftige of glorieuze militaire leider. Hij was vooral een goede politicus, die vertrouwde op zijn gewiekstheid, geduld en vasthoudendheid om zijn doel te bereiken. Terwijl opvallender leiders zoals zijn vader Demetrios Poliorketes en zijn buurman Pyrrhus hun doelen hoger stelden en ook een diepere val maakten, bereikte Antigonus door zijn praktische opstelling een zekere mate van veiligheid voor zijn land. Hij zou de liefde van zijn onderdanen vooral gewonnen hebben door zijn bevordering van de kunsten, door mannen van literaire en wetenschappelijke faam om zich heen te verzamelen. Hij was bevriend met de filosoof Zeno, en ook de dichter Aratos werkte aan zijn hof.

Antigonos Gonatas zou begraven zijn in een in 1980 ontdekt graf bij Aigai, (het huidige Vergina), eertijds de hoofdstad, maar na 400 v.Chr. meer een belangrijk ceremonieel centrum voor de Macedonische koningen.

Asoka[bewerken]

Antigonos wordt genoemd in een inscriptie op een van de Pilaren van Asoka, gesticht door de Indiase keizer Asoka (269-231 v.Chr.) als een van de vijf Westerse vorsten in wier landen boeddhistische bekeerlingen leefden.[1]

Bronnen, noten en/of referenties