Antigonos I Monophthalmos
| Antigonos I Monophthalmos | ||
| 382 - 301 v.Chr. | ||
| ΒΑΣΙΛΕΩΣ ΑΝΤΙΓΟΝΟΥ ("[munt] van koning Antigonos"). | ||
| Pretendent-koning Macedonische Rijk | ||
| Periode | 306 - 301 v.Chr. (samen met Demetrios; feitelijk beheersten zij slechts delen van Anatolië en de Levant) | |
| Voorganger | Alexander IV | |
| Opvolger | geen; Macedonische Rijk opgesplitst | |
| Vader | Philippos | |
| Dynastie | Antigoniden | |
Antigonos I, bijgenaamd Monophthalmos (= de Eenogige[1]) (Grieks: Ἀντίγονος ὁ Μονόφθαλμος) was generaal van Alexander de Grote, die bij diens dood satraap van een groot deel van Klein-Azië was: Lycië, Pamphylië, Groot-Frygië, Pisidië en Paphlagonië.
[bewerken] Diadoch
Hij trachtte in hardnekkige strijd zijn macht uit te breiden over heel Azië, daarbij op bekwame wijze geholpen door zijn zoon Demetrios Poliorketes, maar moest in de Babylonische Oorlog (311-309) Seleukos I erkennen als heerser in de oostelijke gebiedsdelen.
Antigonos en zoon Demetrios riepen zich in 305 v.Chr. uit tot koningen over het Macedonische Rijk, omdat er al sinds 310 geen koning was uit het geslacht van Alexander de Grote en Antigonos nominaal rijksregent was. Spoedig volgden andere diadochen hun voorbeeld.
Antigonos sneuvelde in 301 v.Chr., 81 jaar oud, in de slag bij Ipsus tegen een coalitieleger van de andere diadochen, die de splitsing van het Macedonische Rijk betekende.
[bewerken] Stedenstichter
Antigonos stichtte rond 310 v.Chr. de stad Antigoneia die zou bekend staan onder haar latere naam Nicaea. In 307 v.Chr. stichtte hij een nieuwe stad Antigoneia aan de Orontes. Deze nederzetting werd verlaten in 301, maar in 300 opnieuw gesticht door Seleukos als 'Antiocheia', naar zijn vader Antiochos; later werd dit Antiochië een aanzienlijke stad en halverwege de tweede eeuw v.Chr. de hoofdstad van het Seleukidische Rijk. Het is dus niet helemaal terecht om Seleukos als stichter te zien, omdat hij voortbouwde op de nederzetting van Antigonos.
[bewerken] Zie ook
Bronnen, noten en/of referenties
|