Anton Bergmann

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Anton Bergmann

Antonius Josephus Georgius Franciscus (Anton) Bergmann (Lier, 29 juni 1835 - aldaar, 21 januari 1874), was een Vlaams schrijver en advocaat.

Levensloop[bewerken]

Anton Bergmann (soms ook Tony Bergmann genoemd) werd geboren te Lier in 1835, als zoon van de latere liberale burgemeester George Bergmann. Hij liep lagere school in zijn geboortestad. Hij volgde er ook de lagere Latijnse klassen aan het Lierse stadscollege.

In 1849 nam hij plaats op de banken van het stedelijk atheneum te Gent. Reeds toen ontpopte hij zich als een groot liefhebber van de Nederlandse letteren.
Samen met o.a. Julius Vuylsteke maakte hij deel uit van het romantisch-flamingant Taalminnend Studentengenootschap 't Zal wel gaan, een vereniging die de beoefening van de Nederlandse literatuur en de verdediging van de Nederlandse taal tot doel had.

In 1853 ging hij studeren aan de Universiteit van Gent. In 1854 legde hij er het examen in de Letteren en Wijsbegeerte af, dat voorbereidde tot de rechten. In april 1856 deed hij er kandidatuursexamen in de Rechten en in september kandidatuursexamen Notariaat.[1] Dan volgde hij een aantal lessen aan de universiteit van Brussel, waar hij in april 1858 promoveerde tot doctor in de rechten.

In 1858 werd hij advocaat te Lier. Datzelfde jaar huwde hij met Eliza Van Acker, dochter van een notaris. Ze gingen wonen in “De Sevensterre” (Grote Markt 33) te Lier. Ze kregen een dochter.

Gedurende zijn korte leven was de liberale flamingant Bergmann een actief deelnemer aan de Nederlandse Taalcongressen en lid van talrijke verenigingen zoals o.a. het Willemsfonds. Hij stichtte het weekblad De Lierenaer.

Hij stierf in 1874 op 38-jarige leeftijd aan de gevolgen van een borstkwaal. Zijn graf bevindt zich op het Oud Kerkhof aan de Mechelsesteenweg te Lier. Er staat een zuil op met een borstbeeld van hem, met ervoor een grote marmeren engel.[2]

Graf van Anton Bergmann

Schrijver[bewerken]

Anton Bergmann was lid van en leverde bijdragen aan verschillende literaire organisaties en tijdschriften. Tijdens zijn hogere studies bleef hij geïnteresseerd in literatuur en geschiedenis. Tot 1857 had hij verschillende publicaties. Pas in 1870 zou hij deze draad weer opnemen.[3]
Zijn stijl wordt omschreven als realisme of poëtisch realisme.

Bij Koninklijk Besluit van 17 juni 1875 werd aan Anton Bergmann de vijfjaarlijkse Prijs voor Nederlandse Letterkunde voor het tijdvak 1870-1874 toegewezen.

Twee van zijn werken: Ernest Staas, advocaat. Schetsen en beelden en Geschiedenis der Stad Lier blijven tot vandaag gelezen en belangrijk.
Van Ernest Staas verscheen in 1886 een eerste Franse vertaling en in 1901 een eerste Duitse.

Bibliografie[bewerken]

  • 1857 Philips van Marnix van Sint Aldegonde, plundering der hoofdkerk van Lier.
  • 1870 Rijnlandsche novellen.[4]
  • 1873 Brigitta (1873)
  • 1873 Geschiedenis der Stad Lier.
  • 1873 Mariette la Bella.
  • 1873 Op St-Niklaasdag.
  • 1874 Ernest Staas, advocaat. Schetsen en beelden.[5]
  • 1875 Verspreide schetsen en novellen.
  • 1885 Hij was de vader Van Klaas Bergmann.

Trivia[bewerken]

Verschillende zaken werden naar Anton Bergmann vernoemd:

  • De Middenschool Anton Bergmann te Lier;[6]
  • De Anton Bergmannlaan te Lier;[7]
  • In 1898 werd aan de Lierse Stadsvesten een standbeeld onthuld, gemaakt door Frans Joris en met een huldetak gemaakt door Louis Van Boeckel.[8] Het standbeeld is een borstbeeld van Anton Bergmann, met aan de voet twee kinderen: Bertha en Ernest (soms verkeerdelijk benoemd als Bertha en Tony), hoofdfiguren uit “Ernest Staas”.[9] Hiervan werd ook een postkaart gemaakt.[10]
  • Bij de inhuldiging van het standbeeld werd eveneens een gedenkpenning uitgegeven met daarop het hoofd van Anton Bergmann.[11]
  • In het Timmermans-Opsomerhuis liggen verschillende brieven, uitgaven en dergelijke van Anton Bergmann.
  • In 1964 werd het Fonds Tony Bergmann vzw opgericht, een vereniging met als doel financiële steun te bieden aan vrijzinnige studenten en vrijzinnige manifestaties in het Gentse.[12]
Bronnen, noten en/of referenties