Anton Kröller
| Anton Kröller | ||
| Helene Müller en Anton Kröller, ca. 1888 | ||
| Algemene informatie | ||
| Volledige naam | Anthony George Kröller | |
| Geboren | 1 mei 1862, Rotterdam | |
| Overleden | 5 december 1941, Hoenderloo | |
| Beroep | Zakenman | |
Anthony George (Anton) Kröller (Rotterdam, 1 mei 1862 - Hoenderloo, 5 december 1941) was een Nederlands zakenman. Hij was in 1888 getrouwd met de Duitse Helene Müller, naar wie het Kröller-Müller Museum is vernoemd.
In 1889 werd Anton Kröller directeur van de handelsfirma van zijn schoonvader, Wm. H. Müller & Co in Rotterdam, een bedrijf dat door fusies momenteel deel uitmaakt van Imtech NV.[1] In de jaren 10 en in de Eerste Wereldoorlog heeft Müller & Co. grote winsten gemaakt. Met deze firma maakte het echtpaar Kröller-Müller hun enorme fortuin, dat de basis legde voor de grote kunstcollectie van Helene Müller en voor het huidige Nationaal Park de Hoge Veluwe dat zijn jachtterrein was.
Het echtpaar gaf Berlage in 1914 de opdracht voor de bouw en inrichting van het weelderige Jachthuis Sint-Hubertus.
De Kröllers behoorden met de Van Beuningens - die hun fortuin in dezelfde periode maakten - tot de rijkste families van Nederland. De sociaaldemocraten in de Tweede Kamer en de SDAP schilderden hem af als OW-er (oorlogswinstmaker).
Anton Kröller speelde ook een belangrijke rol bij de oprichting van de Nederlandse Handels-Hoogeschool. In 1922 verleende deze hem haar eerste eredoctoraat.
In de jaren 20 ging het snel bergafwaarts met Müller & Co. Het bedrijf werd steeds afhankelijker van bankkredieten. Toch wist Kröller directeur te blijven, zij het met behulp van slinkse financiële activiteiten. Uiteindelijk werden de verliezen in 1931 zo groot dat Kröller niets anders meer kon doen dan aftreden.
De Hoge Veluwe wist hij nog te verkopen aan een nieuw opgerichte stichting. Hiervoor werd een hypotheek verstrekt door de Nederlandse Uitvoer Maatschappij, een overheidsinstantie. Een voorwaarde hierbij was dat Kröller en zijn vrouw op Sint-Hubertus mochten blijven wonen. Ook werd door de Staat toegezegd dat er voor de kunstcollectie van Kröllers vrouw Helene, die al sinds 1928 in een stichting was ondergebracht, een museum zou komen. Na het overlijden van Helene in 1939 leefde Anton nog twee jaar teruggetrokken op Sint-Hubertus. Op 5 december 1941 stierf hij op 79-jarige leeftijd. Een maand eerder had hij al zijn papieren verbrand.[2]
|
[bewerken] Externe link
J. Jonker, 'Kröller, Anthony George (1862-1941)', in Biografisch Woordenboek van Nederland
| Bronnen, noten en/of referenties |