Anton Raphael Mengs

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Anton Raphael Mengs
Zelfportret 1744
Zelfportret 1744
Persoonsgegevens
Geboren Aussig, 12 maart 1728
Overleden Rome, 29 juni 1779
Geboorteland Denemarken
Beroep(en) Kunstschilder
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Anton Raphael Mengs (Aussig, 12 maart 1728 - Rome, 29 juni 1779) was een Duits neo-klassiek schilder en kunstfilosoof. De vader van Mengs, Israël, was een Deens schilder en was zijn eerste teken- en olieverfleraar.

In 1741 trekt Israël Mengs met zijn zoon van Dresden naar Rome, waar de jongen vervolgens school loopt aan de schilderacademie en verschillende composities samenstelt, zoals een Heilige Familie, waarvoor een mooi boerenmeisje model staat (1748). Het is Margarita Guazzi (1730-1778), waarmee Mengs in 1749 huwt en die hem het protestantisme doet afzweren en hem bekeert tot het katholicisme.

Bij zijn terugkeer in Dresden wordt hij aangesteld tot eerste hofschilder door Frederik August III, keurvorst van Saksen en koning van Polen. Bij de inhuldiging van de katholieke kerk van de stad in 1751 krijgt hij de opdracht om de schilderijen van het grootaltaar af te werken en krijgt hij de toelating om dat in Rome uit te voeren. In 1754 wordt hij directeur van de nieuw opgerichte schilderacademie op het Capitool. In 1760 schildert hij het plafond van de villa Albani en gaat nadien naar Madrid, waar hij de gast is van koning Karel III van Spanje. Het is daar dat Mengs een aantal van zijn beste schilderijen maakt.

Door allerlei intriges keert hij in 1770 terug naar Italië en beoefent zijn kunsten in Rome en Florence. Drie jaar later keert hij terug naar Spanje om er de eetzaal van de koning te verfraaien, waar hij het thema ontwikkelt van de triomf van Trajanus en van de tempel van de glorie. Als dat werk gedaan is in 1777, keert Mengs terug naar Rome, waar hij tot aan zijn dood op 29 juni 1779 verblijft. Hij laat 20 kinderen na, waarvan er vijf een pensioen van de koning van Spanje krijgen.Catharina II laat voor hem een schitterende grafsteen optrekken in de Sint-Pietersbasiliek.

Zijn zuster, Theresia Concordia, (1725-1806) raakte bekend als miniatuurschilder. Zij was gehuwd met Antonio Maron, een Weense schilder, en is in Rome gestorven in 1806.

Naast zijn vele werken in de galerie van Madrid, zijn de de Hemelvaart (1751-66) en Sint-Jozef (1751-66), te bezichtigen in Dresden, Perseus en Andromeda, in Sint-Petersburg, en het plafond van de villa Albani, te vermelden als zijn belangrijkste werken. Ook te noteren is de Karel III (1761), in het Prado in Madrid.

In geschriften in het Spaans, het Italiaans en het Duits, zet Mengs zijn eclectische theorie over de kunst uiteen, waarin hij stelt dat de volmaaktheid kan worden bereikt door een handige combinatie van verschillende uitmuntende elementen, vertrekkende van het Griekse concept aangevuld met de expressie van Raphaël, het clair-obscur van Correggio en de kleur van Titiaan. Zijn verhouding met Johann Joachim Winckelmann, is van historisch belang vermits hij geen enkele leerling had en de hedendaagse kritiek beroep dient te doen op het Beoordeling van Mengs door Winckelmann en zijn eeuw van Goethe. Mengs was bekend om de rivaliteit met zijn Italiaanse tijdgenoot, de schilder Pompeo Batoni.

Onder zijn leerlingen als schilder zijn Vicente López Portaña en Antonio Maron te vermelden.