Antonio Pelle

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Antonio Pelle, ook Ntoni Gambazza, (San Luca, 1 maart 1932 - Locri, 4 november 2009) was een baas van de 'Ndrangheta van San Luca in Calabrië.

Ntoni Pelle was de patriarch van de plaatselijke 'Ndrangheta in San Luca, de "capo crimine", het symbolisch hoofd van de organisatie, die zelf echter weinig echte macht had. Als hij een schuilplaats nodig had , verstopte hij zich in het verlaten gebied van de bergen van Aspromonte.

Tijdens zijn criminele loopbaan werd hij vrijgesproken in 9 van de 10 rechtszaken die tegen hem werden aangespannen. In het begin was zijn advocaat Giovanni Leone, de latere premier en president van Italië. Wel moest hij een straf van 26 jaar uitzitten wegens cocaïnehandel en relaties met de maffia.

De Pelle-Vottari-Romeoclan was een der protagonisten in de vete van San Luca tegen de Strangio-Nirtaclan. De vendetta tussen de twee clans uit San Luca kwam in de internationale pers toen in augustus 2007 zes mannen van de Pelle-Vottari-Romeoclan doodgeschoten werden in hun wagen bij een pizzeria nabij het spoorwegstation van Duisburg in Duitsland. Alhoewel hijzelf niet betrokken was bij deze feiten, was hij indirect betrokken doordat zijn schoonzoon Francesco Vottari een der leiders was van de strijdende clans.

Zijn zoon Salvatore Pelle die gezocht werd sinds 1991, werd in maart 2007 gearresteerd. In maart 2008 ontdekte de politie een ondergrondse bunker in San Luca, die gebruikt werd als schuilplaats van Pelle. Antonio Pelle zelf werd tenslotte in juni 2009 gearresteerd in een kliniek in Polistena, waar hij was opgenomen voor een hernia-operatie. Hij overleed in november 2009 aan een hartinfarct.

[bewerken] Externe links

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen