Appel (plant)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Appel
Appelboomgaard.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: 'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade: Fabiden
Orde: Rosales
Familie: Rosaceae (Rozenfamilie)
Geslacht
Malus
Mill. (1754)
Malus domestica a2.jpg
Dwarsdoorsnede sterappel
Dwarsdoorsnede sterappel
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Elstar
Junami
Jonagold
Zoete Ermgaard
Sterappel
Schone van Boskoop/Goudreinet
Mutsu

De appel (Malus domestica, synoniem Malus pumila) is een boom uit het geslacht Malus, waaraan de vooral op het noordelijk halfrond algemeen bekende handappels groeien. De appel groeit in de gematigde streken.

Geschiedenis

De appel werd al 10.000 v.Chr. in Europa in het wild verzameld en al in het Nabije Oosten geteeld in 4000 v.Chr. Waarschijnlijk is de appel langs de oude zijderoute verspreid, omdat ook het genencentrum van de appel in de omgeving van deze route ligt. De eetbare handappel is het eindresultaat van een eeuwenlang proces van kruising in Centraal-Azië, waar meer dan 25 wilde appelsoorten voorkomen. Geselecteerde rassen werden later in stand gehouden door de door Chinezen uitgevonden techniek van enting.

Ten tijde van de Oude Grieken en Romeinen tussen de achtste eeuw v.Chr. en de vijfde eeuw na Chr. was er een florerende teelt van appels. De Romeinen hebben deze rassen verder verspreid over West-Europa. Later is dit gevolgd door verschillende herintroducties vanuit het genencentrum. In de negentiende eeuw hadden vele steden in Europa en Nederland hun eigen rassen. Deze rassen waren zoet of halfzuur, verschillend gekleurd en met verschillende vormen en grootte. Enkele voorbeelden hiervan zijn 'Lunterse Pippeling', 'Brabantse Bellefleur', 'Groninger Kroon', 'Eijsdener Klumpke' en 'Gronsvelder Klumpke'. Europeanen introduceerden de appel in Noord-Amerika . Met het verdwijnen van de hoogstamboomgaarden zijn veel rassen weer verloren gegaan. De verschillende pomologische verenigingen in Nederland proberen zo veel mogelijk oude rassen in stand te houden.

Vrucht

De vlezige vrucht bestaat uit drie lagen, maar soms vormen twee of drie lagen één geheel en zijn ze afzonderlijk niet meer te herkennen. Zo zijn bij de appel het exocarp en mesocarp niet meer van elkaar te onderscheiden en vormen gezamenlijk met de opgezwollen bloembodem het vruchtvlees. Het klokhuis is het endocarp met daarin de zaadjes (pitjes) en in het midden de vaatbundel naar het steeltje.

De appel (Malus domestica) is er in veel smaken, van friszuur tot zoet. Hij wordt vaak rauw genuttigd, maar hij wordt ook veel toegepast in de keuken in bijvoorbeeld appeltaart of als garnering op pannenkoeken. En hij wordt vaak verwerkt tot appelsap, appelcider, appelmoes en appelstroop.

Giftige zaden

De zaden van de appels bevatten naast suikers ook amygdaline, een glycoside dat cyanide bevat. Na consumptie duurt het enkele uren voordat de cyanide vrijkomt na hydrolyse. De consumptie van kleine hoeveelheden hebben geen merkbare gevolgen, grote hoeveelheden kunnen ziekte en zelfs de dood veroorzaken. Er is slechts een sterfgeval bekend als gevolg van een overconsumptie van appelpitten. Het slachtoffer kauwde ongeveer 250 gram appelpitten alvorens ze door te slikken.[1]

Geslacht

1rightarrow blue.svg Zie Malus voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In Nederland komt alleen de Wilde appel Malus sylvestris voor. Hij is uiterst zeldzaam en groeit alleen hier en daar nog op de Veluwe, langs beken in de Achterhoek en Drenthe en op de heuvelrand bij Nijmegen. In bermen en bosranden komen we wel regelmatig verwilderde handappels tegen die hun oorsprong vinden in een weggeworpen klokhuis.

Rassen

Er bestaan duizenden appelrassen, terwijl er ook nog steeds nieuwe rassen verschijnen.

1rightarrow blue.svg Zie Lijst van appelrassen

Nutritionele informatie

appel met schil
(per 100 g)
water : 85,56 g vezel : 2,4 g energie : 218 kJ (52 kcal)
proteïnes : 0,26 g lipiden : 0,17 g suikers : 10,39 g
sporenelementen
calcium : 6 mg ijzer : 0,12 mg magnesium : 5 mg fosfor : 11 mg
kalium : 107 mg koper : 0,027 mg natrium : 1 mg zink : 0,04 mg
vitamines
vitamine C : 4,6 mg vitamine B1 : 0,017 mg vitamine B2 : 0,026 mg vitamine B3 : 0,091 mg
vitamine B5 : 0,061 mg vitamine B6 : 0,041 mg vitamine B9 : 0 µg vitamine B12 : 0,00 µg
vitamine A : 54 UI retinol : 0 µg vitamine E : 0,18 µg vitamine K : 2,2 µg
vetzuren
verzadigde vetzuren : 0,028 g mono-onverzadigde vetzuren : 0,007 g poly-onverzadigde vetzuren : 0,051 g cholesterol : 0 mg

Ziekten en aantastingen

De bladeren kunnen aangetast worden door onder andere de schimmels meeldauw en schurft. De stam en de takken door vruchtboomkanker (Nectria galligena). De vruchten door onder andere Monilia-rot en Botrytis-rot.
Insecten tasten naast de bladeren en bloemknoppen ook de vruchten aan. Enkele insecten zijn de bladrollers (o.a. fruitmot Cydia pomonella), appelbloedluis, bladluis en appelzaagwesp.

Botrytis-rot op Goudreinet
Monilia-rot op Alkmene
Schurftaantasting op appelras 'Schone van Boskoop'
Fruitmot
Kanker

Symbolische betekenis

  • In Genesis 2 wordt verteld dat Eva wordt verleid tot het eten van een verboden vrucht en vervolgens op haar beurt Adam daartoe verleidt, waarna beiden uit het paradijs worden verbannen. In de schilderkunst wordt voor de vrucht vaak een appel afgebeeld, hoewel dat niet uit de tekst blijkt.
  • De appel is het attribuut van de heilige Odulfus.
  • Volgens een wijdverbreide anekdote bracht een vallende appel Isaac Newton, terwijl hij ook de maan zag, op het idee, dat zowel de appel als de maan aan dezelfde zwaartekracht onderhevig zijn. Dit markeerde dan een stap in zijn ontdekking van de algemene zwaartekrachtswet.

Trivia

  • Er is in Gelderland een plaats met de naam Appel. In Oost-Vlaanderen is er een plaats met de naam Appels.
  • Vanuit de gedachte dat snoepen ongezond is, is de leus: Snoep verstandig, eet een appel jarenlang zo populair geweest, dat het bijna een standaard uitdrukking is geworden in de Nederlandse taal.
  • De appel is de belangrijkste vrucht in legendes en sprookjes: de appel van Adam en Eva, de appel van Willem Tell en de appel van Sneeuwwitje zijn de belangrijkste voorbeelden.

Fotogalerij

Bronnen, noten en/of referenties
  1. (en) Lewis S. Nelson, Richard D. Shih, Michael J. Balick, Handbook of poisonous and injurious plants (Springer, 2007)

Externe link

Wikibooks Wikibooks heeft meer over dit onderwerp: Ecologisch tuinieren - Appel (vrucht).
Icoontje WikiWoordenboek Zoek appel op in het WikiWoordenboek.
Zoek dit woord op in WikiWoordenboek