Army of the Potomac

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Army of the Potomac
Bevelhebbers van het Army of the Potomac in Culpeper (Virginia), 1863. V.l.n.r.: Gouverneur K. Warren, William H. French, George G. Meade, Henry J. Hunt, Andrew A. Humphreys, George Sykes
Bevelhebbers van het Army of the Potomac in Culpeper (Virginia), 1863. V.l.n.r.: Gouverneur K. Warren, William H. French, George G. Meade, Henry J. Hunt, Andrew A. Humphreys, George Sykes
Oprichting 27 mei 1861
Ontbinding 28 juni 1865
Land Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten
Krijgsmachtonderdeel Usdowseal.jpg United States Army
Type Leger
Garnizoen/Hoofdkwartier Washington D.C.
Veldslagen Amerikaanse Burgeroorlog
Commandanten Irvin McDowell
George B. McClellan
Ambrose Burnside
Joseph Hooker
George Meade

Het Army of the Potomac was het belangrijkste Noordelijke leger van het conflict. Het leger werd ingezet aan het oostelijke front en nam het voornamelijk op tegen het Zuidelijke Army of Northern Virginia onder leiding van generaal Robert E. Lee.

Geschiedenis[bewerken]

De oorsprong van het leger gaat terug tot 1861. Het leger was maar één korps groot en had de naam Army of Northeastern Virginia meegekregen. Het werd aangevoerd door brigadegeneraal Irvin McDowell. Het was dit leger die de eerste grote slag van het conflict, de Eerste Slag bij Bull Run, uitvocht en verloor. Toen generaal-majoor George B. McClellan in Washington D.C. arriveerde werd een grote reorganisatie doorgevoerd. McClellan had in eerste instantie het bevel gekregen over de Division of the Potomac waaronder het Departement of Northeast Virginia van McDowell en het Departement of Washington van brigadegeneraal John K. Mansfield resorteerde. Op 26 juli 1861 werd het Departement of Shenadoah, onder leiding van generaal-majoor Nathaniel P. Banks, samengevoegd met die van McClellan. Diezelfde dag hield McClellan het Army of the Potomac boven de doopvont. Alle eenheden van de verschillende departementen werden opgenomen in dit nieuwe leger. De soldaten van Banks werden omgevormd tot een infanteriedivisie in het leger. Het leger werd ingedeeld in vier korpsen. Tijdens de Schiereilandveldtocht werden er nog twee korpsen gecreëerd. Na de Tweede Slag bij Bull Run werden de eenheden van generaal-majoor John Pope opgenomen in het Army of the Potomac.

Tijdens de oorlog onderging het leger vele hervormingen. Onder Ambrose Burnside werd het leger ingedeeld in drie grote divisies die telkens uit twee korpsen bestonden. Ook werd een reserve gevormd die eveneens uit twee korpsen was samengesteld. Joseph Hooker schafte de grote divisies af en werkte opnieuw met korpsen. Er bleven zeven korpsen in Virginia die rechtstreeks rapporteerden aan het hoofdkwartier van het leger. Ook legde Hooker de basis van een Cavalry Corps. In het najaar van 1863 werden twee korpsen naar het westelijke front gestuurd. De overgebleven vijf korpsen werden in 1864 samengevoegd tot drie korpsen. Burnsides IX Corps werd bij het begin van de Overlandveldtocht toegevoegd.

Het Army of the Potomac vocht in bijna alle grote veldtochten aan het oostelijke front en dit voornamelijk in Virginia, Maryland en Pennsylvania. Het leger hield op te bestaan op 28 juni 1865 kort na de Grote parade van de legers.

Generaals[bewerken]

Veldslagen[bewerken]

De belangrijkste veldslagen waaraan dit leger deelnam waren:

Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen

Aanbevolen lectuur

  • Beatie, Russel H. Army of the Potomac: Birth of Command, November 1860 – September 1861. New York: Da Capo Press, 2002. ISBN 0-306-81141-3.
  • Beatie, Russel H. Army of the Potomac: McClellan Takes Command, September 1861 – February 1862. New York: Da Capo Press, 2004. ISBN 0-306-81252-5.
  • Beatie, Russel H. Army of the Potomac: McClellan's First Campaign, March – May 1862. New York: Savas Beatie, 2007. ISBN 978-1-932714-25-8.
  • Taaffe, Stephen R. Commanding the Army of the Potomac. Lawrence: University of Kansas Press, 2006. ISBN 0-7006-1451-6.
  • Welcher, Frank J. The Union Army, 1861–1865 Organization and Operations. Vol. 1, The Eastern Theater. Bloomington: Indiana University Press, 1989. ISBN 0-253-36453-1.