Arnold Janssen
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
De heilige Arnold Janssen (Goch, 5 november 1837 - Steyl, 15 januari 1909), priester en missionaris, was oprichter van drie congregaties:
- de Gemeenschap van het Goddelijk Woord (Societas Verbi Divini, SVD), oorspronkelijk gesticht voor de bekering van China, later ook werkzaam in vele andere missiegebieden;
- de congregatie van de Dienaressen van de Heilige Geest (S.Sp.S., de ‘blauwe zusters’ of ‘missiezusters van Steyl’) en
- de slotzusters van de congregatie Dienaressen van de Heilige Geest van de altijddurende aanbidding (S.Sp.S.a.p., de ‘roze zusters’ of 'Aanbiddingszusters'). Dezen richten hun leven geheel op de verrezen Christus en smeken in voortdurende aanbidding Gods zegen af over het missiewerk.
Tezamen tellen zij nu meer dan 10.000 leden in 69 landen. Op 19 oktober 1975 werd Arnold Janssen door paus Paulus VI zalig verklaard. Op 5 oktober 2003 werd hij door paus Johannes Paulus II heilig verklaard. De kerk viert zijn gedachtenis op 15 januari.
[bewerk] Levensloop
Janssen werd geboren te Goch in Duitsland, dicht over de grens bij Nederlands Noord-Limburg. Hij studeerde aan het bisschoppelijke kostschool Collegium Augustinianum Gaesdonck en werd na zijn studie en Münster (stad)Münster op 15 augustus 1861 tot priester gewijd. Hij was eerst twaalf jaar leraar natuurkunde en katechese aan de middelbare school in de grensplaats Bocholt, vlak bij de Nederlandse Achterhoek. De missie was echter zijn grote ideaal. In 1867 werd hij directeur van het Apostolaat des Gebeds in Duitsland en Oostenrijk. Hij stichtte een wetenschappelijk Anthropos-Instituut en Cartografisch Instituut van St. Gabriël te Mödling bij Wenen.
Janssen streefde vurig naar de hereniging van de christenenen. Daartoe stelde hij een dagelijkse viering van de mis in aan het graf van Bonifatius te Fulda. Om zich meer aan het missiewerk te kunnen wijden werd hij rector van de Ursulinen in Kempen, een provinciestad in de grensstreek tussen Krefeld en Venlo. In die periode gaf hij al een missietijdschrift uit ("Bode van het Heilig Hart van Jezus") ter werving van gelovigen voor gebed en ter ondersteuning van de verkondiging van het geloof.
Vanwege de anti-religieuze politiek tijdens de Kulturkampf van Bismarck kon hij zijn plannen in Duitsland niet verwezenlijken en week hij uit naar Nederland, en vestigde zich in het Noord-Limburgse Steyl aan de Maas (thans gemeente Venlo), waar hij drie congregaties stichtte.
In 1875 stichtte hij er een missiehuis seminarie. Dit werd de latere missiecongregatie van het Goddelijk Woord (1885).
Samen met de later zalig verklaarde zuster Maria Helena Stollenwerk stichtte hij in 1888 de congregatie van de missiezusters Dienaressen van de Heilige Geest, en later de congregatie van van de Aanbiddingszusters Dienaressen van de Heilige Geest (1896).
In 1930 waren er al 37 missiehuizen voor hogere en lagere studies. In Nederland waren die gevestigd in Steyl, Uden, Soesterberg, Helvoirt en Teteringen (bij Breda), in België te Heide en in Kalmthout. Ook in het buitenland stichtte hij vele missiehuizen, zoals in Wenen, Salzburg, en in Techny bij Chicago (U.S.A.). De missiegelden voor deze enorme evangelisatie werd bekostigd door de eigen drukkerij. Deze werd in 1925 verheven tot pauselijke drukkerij. In Nederland werd door de missionarissen van Steyl onder meer het rijk geïllustreerde maandblad De Katholieke Missiën (KM) uitgegeven. Het doel was om door de verspreiding van goede lectuur de kennis van en liefde voor de missie te bevorderen. In de periode 1874-1963 werd dit blad in vele katholieke huisgezinnen gelezen.
[bewerk] Werk
Zijn werk kende een enorme groei en zijn congregaties breidden uit over alle werelddelen. In het jaar dat hij stierf, 1909, leefden en werkten er meer dan 1500 priesters, broeders en zusters in China, Italië, Argentinië, Oostenrijk, Brazilië, de Verenigde Staten, de Filipijnen, Chili, Japan en Papoea-Nieuw-Guinea.

