Arrazola de Oñate

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Arrazola de Oñate
Arrazola de Oñate
Wapenspreuk Ara Soli Deo
Fons honorum Filips IV van Spanje, Willem I, Albert II van België
Stamvader Ochoa Arrázola
Etniciteit Spaans
Hoofdtak Arrazola de Oñate
Titels

Baron (tak uitgestorven?), Ridder, Jonkheer

Arrazola de Oñate (ook geschreven als Arazola d'Ognate) is een Spaans adellijk geslacht, afkomstig uit Baskenland, waarvan de geschiedenis teruggaat tot in de 15de eeuw, met hoge functies gaande van militairen tot raadsheren en rekenmeesters. Sinds de 17de eeuw woonde een tak in de Spaanse Nederlanden en bekleedde er functies die tot adeldom leidden.

Herkomst[bewerken]

Jan Alexander Arrazola de Oñate werd rond 1580 geboren en kwam als secretaris met Isabella mee naar de Zuidelijke Nederlanden en werd door Aartshertog Albrecht tot kamerheer benoemd.

In 1611 huwde hij met Beatrix Heath, de dochter van Jerome Heath, een Engels edelman, en van Elvira Ramirez. Jan overleed op 4 juli 1659.

De in de Zuidelijke Nederlanden wonende tak werd op 7 augustus 1647 als adellijk erkend door koning Filips IV, in de persoon van zijn zoon Marc Albert Arrazola de Oñate aan wie de persoonlijke riddertitel werd verleend. Marc Arrazola was luitenant-generaal van de valkeniers van Vlaanderen en burgemeester van het Brugse Vrije van 1649 tot 1659. Het Brugse Vrije was een der Kasselrijen van het Graafschap Vlaanderen en strekte zich uit tussen de Noordzee, Sluis, Eeklo, Hooglede, Zarren en de IJzer. Later werd hij ook Koninklijk Commissaris voor de vernieuwing van de magistratuur van Brugge in 1665, '66 en '67 en wanneer hij in 1674 stierf werd hij begraven in de kapel van het klooster van Engelse franciscanessen, in de gebouwen van het vroegere Prinsenhof in Brugge, waarvan hij de stichter en mecenas was.

In 1654 benoemde Aartshertog Leopold-Willem, gouverneur-generaal van de Nederlanden, Jean-Jacques de Arrazola de Oñate (1615-1688), broer van Marc tot raadsheer en rekenmeester in de Rekenkamer van Brabant en tot raadsheer in de Raad van Financiën te Brussel. Dit ambt verhief indien nodig tot erfelijke adeldom. In 1663 verleende Koning Filips IV hem de (persoonlijke) titel van ridder. Hij was tweemaal getrouwd en had zeven kinderen.

In 1670 werd Jean-François de Arrazola de Oñate, (natuurlijke) zoon en erfgenaam van Michel Arrazola de Oñate, raadsheer en rekenmeester in de Rekenkamer van Vlaanderen te Brugge en broer van Jean-Jacques en Marc-Albert, gelegitimeerd.

1n 1687, ondertussen zelf auditeur van de rekenkamer van Vlaanderen in Brussel, kreeg Jean-François, ingevolge de legitimatie, toelating om voortaan zijn wapen ongebroken te voeren. In 1688 werd de legitimatie nogmaals bevestigd.

Wapenschild[bewerken]

Het heraldisch schild van de familie: in zilver (= wit, als symbool voor reinheid, wijsheid, onschuld, kuisheid en vreugde) met een uitgerukte eik van sinopel (groen, als een symbool voor vrijheid, schoonheid, vreugde, gezondheid en hoop) geplaatst tussen twee boven elkaar staande wolven (als zinnebeeld van sluwheid) in sabel (zwart, als symbool voor rouw), de eerste achter, de tweede voor de boom. Een eik geldt als zinnebeeld van sterkte, maar is hier meer bedoeld als een teken van vrijheid, voortkomend uit de erkenning in 1483 van alle privileges van Biscaya door Infante Isabella, die daarvoor zelf naar Guernica afgereisd was. Voor de Basken betekende dit een 400 jaar durende autonomie. De notabelen vergaderen alle even maanden onder een eikenboom om belangrijke zaken te bespreken en oordelen te vellen. De boom wordt vaak in verband gebracht met begrippen als autonomie en zelfbeschikkingsrecht.

Kastelen[bewerken]

Hougoumont tijdens de Slag bij Waterloo

Kasteel Hougoumont[bewerken]

Het Kasteel Hougoumont te Eigenbrakel was van midden 17de tot eind 18de eeuw eigendom van de van oorsprong Spaanse familie. Het kasteel had een grote ommuurde tuin, een boomgaard, een park en is 5 eeuwen bewoond geweest door de Heren van Gomont. Het speelde enkele jaren na de dood van de laatste heer Arrazola de Oñate de Gomont, lid van de Zeven Geslachten van Brussel, een grote rol in de Slag bij Waterloo op 18 juni 1815.

Het kasteel van Gomont werd toegekend aan de weduwe, die een 2e maal trouwt met Philippe Gouret de Louville, majoor in dienst van Oostenrijk. Omdat de officier niet in staat was het kasteel na de slag van Waterloo weer op te bouwen, verkoopt hij het op 7 mei 1816 voor 40.000 fr. aan François de Robiano.

Kasteel van Hombeek[bewerken]

Het Kasteel van Hombeek, later Kasteel Carmosteyn, werd door Ridder Jan Jacob Arrazola de Oñate, broer van Mark Albert, overgenomen van de familie de Boccabella in 1670. Het omwaterde kasteel werd een tiental jaar later eigendom van de familie de Locquet, de nieuwe heren d'Ophombeek.

Waterburcht van Meldert[bewerken]

Kasteel Carmosteyn in de 18de eeuw

De Waterburcht van Meldert, gebouwd in het tweede kwart van de 17de eeuw, werd bewoond door de laatste van de Heren van Meldert; Marten-Jozef Arrazola de Oñate de Meldert. Onder zijn bestuur werd ons land een wingewest van de Franse Republiek. De privilegies van de adel werden afgeschaft en er kwam voor goed een einde aan het feodale tijdperk. Het wapenschild van de familie maakt vandaag echter nog steeds deel uit van het historische wapenschilden van de gemeentes Meldert en Lummen. De laatste restanten van de waterburcht werden in 1871 afgebroken.

Erfelijke adel na 1789[bewerken]

De erfelijke adellijke status van de familie Arrazola nam een einde door de afschaffing van de adel in 1796.

In 1816 werd Jan-Nepomucenus Arrazola (Meldert, 1784 - 1861), voormalig heer van Meldert, in de adelstand erkend en opgenomen in de ridderschap van de provincie Limburg. Hij kreeg meteen de erfelijke titel van baron, overdraagbaar op al zijn nazaten. Hij was de jongste van de twaalf kinderen van Maarten Arrazola de Oñate (1741-1803) en van Marie-Elisabeth de Lardinois de Ville (1742-1812). Getrouwd met Maria-Elisabeth Aerts (1790-1865) was hij burgemeester van Meldert. Hun twee zonen en twee dochters trouwden, maar bleven zonder nageslacht, zodat hiermee de geadelde familie uitstierf.

Bij adelbrief van 22 juni 2001 verkreeg een nazaat uit een andere familietak erkenning in de erfelijke Belgische adel. Het ging om Johan J. Victor Arrazola de Oñate (Bosobolo, 11 februari 1960), zoon van Herman Arrazola de Oñate (1935-1991) en Herminie Vandenhoudt, gehuwd met Maria Bosmans (1962), die samen vijf kinderen hebben.

Peter, Dirk, Geert en Ilse Arrazola de Oñate, broers en zus van bovengenoemde Johan Arrazola, hebben erkenning van erfelijke adeldom verkregen bij adelbrief d.d. Châteauneuf-de-Grasse van 18 januari 2008.

Leopold Stefaan Celest Arrazola de Oñate (1928-2013), oom van bovengenoemden, echtgenoot van Maria Virginie Paenhuysen (1930- ) en hun afstammelingen, hebben erkenning van adeldom bekomen bij adelbrief, eveneens d.d. Châteauneuf-de-Grasse van 18 januari 2008.

Literatuur[bewerken]

  • F. VAN DYCKE, Recueil héraldique de familles nobles et patriciennes de la ville et du franconat de Bruges, Brugge, 1851.
  • Jean-Jacques GAILLIARD, Bruges et le Franc, Tome III, Brugge, 1859.
  • Genealogie van de familie Arrazola de Oñate, Bundel, 1999.
  • Heemkundig Tijdschrift voor het Hageland en Omgeving, XIX.2, 1982.
  • Luc DUERLOO & Paul JANSSENS, Wapenboek van de Belgische Adel, Brussel, 1992.
  • Oscar COOMANS DE BRACHÈNE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 1984, Brussel 1984.
  • Oscar COOMANS DE BRACHÈNE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 2003, Brussel 2003.
  • Lou HEYNENS, Adel in Limburg, uitg. Pons Mosae, 2008.
  • P. DE WIN, Adelbrieven verleend door Z.M. Albert II Koning der Belgen 2001-2008, Brussel, Lannoo, 2010.