Artikel 2 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Artikel 2 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens beschermt het recht van iedere persoon op leven. Het artikel bevat uitzonderingen voor de gevallen van wettelijke doodstraf en dood als gevolg van het gebruik van geweld dat absoluut noodzakelijk is ter zelfverdediging, teneinde een arrestatie te bewerkstelligen of ter onderdrukking van een oproer of opstand. De uitzondering die wordt gemaakt voor rechtmatige terechtstellingen wordt beperkt door de protocollen 6 en 13, voor de partijen die partij waren bij deze protocollen.

Tekst[bewerken]

Aanhalingsteken openen

Artikel 2– Recht op leven

1. Het recht van een ieder op leven wordt beschermd door de wet. Niemand mag opzettelijk van het leven worden beroofd, behoudens voor de tenuitvoerlegging van een gerechtelijk vonnis wegens een misdrijf waarvoor de wet in de doodstraf voorziet. 2. De beroving van het leven wordt niet geacht in strijd met dit artikel te zijn geschied ingeval zij het gevolg is van het gebruik van geweld, dat absoluut noodzakelijk is:

  • a. ter verdediging van wie dan ook tegen onrechtmatig
  • b. teneinde een rechtmatige arrestatie te bewerkstellingen of het ontsnappen van iemand die op rechtmatige wijze is gedetineerd, te voorkomen;
  • c. teneinde in overeenstemming met de wet een oproer of opstand te onderdrukken.
Aanhalingsteken sluiten

Jurisprudentie[bewerken]

Zie ook[bewerken]