Arya Samaj

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Arya Samaj is een hindoeïstische organisatie, die in 1875 in de Indiase stad Bombay werd opgericht door volgelingen van Swami Dayananda (volledig: Dayananda Saraswati (1823-1883)).

Oorsprong[bewerken]

De Ārya Samāj is een afsplitsing van de Sanatan Dharma. Swāmī Dayānanda verkondigde dat de 4 Veda's onfeilbare universele filosofische hymnen zijn. De Ārya Samāj (= vereniging van nobelen) veroordeelt verschillende aspecten uit de sanātana dharma: het geloof in avatara's, voorouderverering, beeldenverering, pelgrimages en het offeren in tempels, omdat die nergens in de Veda's worden gesanctioneerd.

Om zijn denkbeelden over de gehele wereld uit te dragen richtten de Swāmī Dayānanda's volgelingen al in 1873 in Allahabad met diens goedkeuring de Ārya Samāj op. Maar deze poging mislukte. In 1875 deden Dayānanda's volgelingen in Mumbay (destijds: Bombay) een nieuwe poging. Deze keer hadden zij succes. In de loop der tijd kreeg de beweging ook afdelingen buiten India.

De Ārya Samāj was aan het einde van de 19e eeuw een van de organisaties die zich al vroeg aansloot bij de onafhankelijkheidsbeweging van India.[1] Daardoor werd de beweging door de Britten vervolgd en na de aanslag op de Britse onderkoning van India in 1910 werd een aantal leiders uit India verbannen.

Doelstelling[bewerken]

Deels uit angst dat het hindoeïsme zou vervallen in verkeerde interpretaties van het complexe Sanskriet in India, heeft Swāmī Dayānanda het hindoeïsme hervormd, verduidelijkt en de structuur van de origine van het hindoeïsme gegeven. Het hindoeïsme, wat door de duizenden jaren heen voorzien was van velerlei rituelen en gebruiken, week te veel af van de leer van het hindoeïsme volgens de Veda's en zodoende bracht Swāmī Dayānanda het hindoeïsme weer terug naar de essentie. Zo kent deze stroming heilige geschriften, een geloofsbelijdenis en richtlijnen van zaken waar een volger van de Ārya Samāj zich aan dient te houden. Verder kiest de beweging voor een duidelijk monotheïstische visie op God.

Doctrines[bewerken]

De doctrines van de Ārya Samāj bestaan uit de Tien Principes:

  • God is de primaire oorzaak van alle wetenschappen en alles dat we via die wetenschap aan de weet kunnen komen.
  • God is bestaand, intelligent en gelukzalig. Hij is vormeloos, almachtig, rechtvaardig, genadevol, ongeboren, oneindig, onfeilbaar, zonder begin, onvergelijkelijk, de steun en Heer van iedereen, alomtegenwoordig, zonder angst, onvergankelijk, onsterfelijk, eeuwig, heilig en de Schepper van het universum. Alleen Hem komt verering toe.
  • De Veda's zijn geschriften met ware kennis. Het is de plicht van alle Arya's ze te lezen, ze te horen en aan anderen voor te dragen.
  • Iedereen moet bereid zijn de waarheid te aanvaarden en onwaarheid op te geven.
  • Alle handelingen moeten worden uitgevoerd in overeenstemming met Dharma, dat wil zeggen na overweging van goed en kwaad.
  • Het hoofddoel van de Ārya Samāj is het goede te doen voor iedereen, oftewel het bevorderen van het fysieke, sociale en spirituele welzijn.
  • Alle mensen moeten worden tegemoet getreden met liefde, redelijkheid en met waardering voor hun verdienste.
  • Men moet streven naar het verhelpen van onwetendheid en het bevorderen van kennis.
  • Men moet niet alleen tevreden zijn met het eigen welzijn, maar ook het welzijn van anderen nastreven.
  • Men moet zichzelf onder de beperking van het volgen van een maatschappelijk altruïstische zienswijze beschouwen, terwijl iedereen vrij is de regels van het individuele welzijn na te volgen.

Om dit doel te bereiken stichtte de Ārya Samāj scholen en startte ze missionaire organisaties, waarbij ze haar activiteiten tot buiten India uitbreidde. Er zijn wereldwijd afdelingen van de Ārya Samāj. Het internationale hoofdkwartier van de Ārya Samāj, de Sarvadeshik Arya Pratinidhi Sabha, was aanvankelijk gevestigd in Lahore in het huidige overwegend islamitische Pakistan. Na de Partition (de splitsing van India en Pakistan) van 1947 is het verhuisd naar New Delhi. Verhoudingsgewijs is de organisatie het grootst onder de Hindoestanen in Guyana, Suriname en Nederland.

Van groot belang is dat Swāmī Dayānanda van mening was dat ook de meisjes en vrouwen onderricht moesten hebben. Daarom stichtte de Ārya Samāj veel meisjesscholen. Op die manier leverde de beweging een belangrijke bijdrage aan de emancipatie van de vrouw.

Bij de Ārya Samāj mag in principe iedereen pandit (priester) worden, ook zij die niet van Brahmaanse afkomst zijn en sinds 1948 (na de politieke omwenteling) ook vrouwen.

Suriname en Nederland[bewerken]

De Vedische missionaris Bhai Parmānand bracht in 1911 de Ārya Samāj vanuit India naar Brits-Guyana. Vandaar uit verspreidde het gedachtegoed van deze beweging zich naar Trinidad en Suriname. In de jaren twintig van de 20e eeuw werden in Suriname de eerste verenigingen van de Ārya Samāj opgericht en in 1929 kwam het zelfs tot een overkoepelende organisatie, Arya Dewaker geheten.

Hoewel er in de jaren dertig van de 20e eeuw ernstige conflicten waren in de Surinaamse Ārya Samãj, waardoor in 1935 de Arya Pratinidhi Sabha Suriname werd opgericht, kreeg de stroming onder de Hindoestanen in de Caraïben een grote aanhang, zeker in vergelijking met India. Zowel in Brits-Guyana als in Suriname sloot bijna 20 procent van de hindoes zich bij deze beweging aan. Ook in Trinidad was de aanhang groot, maar is deze door interne conflicten binnen de Ārya Samāj in later tijd sterk verminderd.

Arya Dewakertempel in Paramaribo

Ofschoon er nog andere organisaties zijn binnen de Surinaamse Ārya Samāj, is Arya Dewaker op dit moment de belangrijkste. Aan het begin van de 21ste eeuw liet de vereniging op haar vaste locatie aan de Johan Pengelstraat (voorheen: Wanicastraat) in Paramaribo een prachtige nieuwe tempel bouwen, die op 1 februari 2001 officieel in gebruik genomen werd.[2]

Vanaf 1974 kwam een grote groep Surinaamse Hindoestanen naar Nederland, de meesten aanhangers van een vorm van het Hindoeïsme. Momenteel zijn er ongeveer tussen de 100.000 en 160.000 hindoes woonachtig in Nederland. Dit aantal verschilt per bron.[3] Hiervan behoort ongeveer 15 procent tot de Ārya Samāj. De rest behoort tot de Sanatan Dharm. In 1987 werd in Nederland een overkoepelende organisatie opgericht, de Federatie Arya Samaj Nederland (FAS-NED).

Uit onvrede over het beleid van FAS-NED stichtte een groep Ārya Samājī's in juni 2007 een nieuwe landelijke organisatie voor Ārya-Samājorganisaties op, de stichting PRASNE (Prathinidhi Arya Sabha Nederland). PRASNE representeert momenteel 14 organisaties, verspreid over heel Nederland. Het aantal Ārya-Samājorganisaties in Nederland ligt op ongeveer 30, waarvan momenteel 15 aangesloten zijn bij FAS-NED. PRASNE hanteert het naar haar zeggen Vedisch beleid van democratie, kritiek en ethiek en streeft ernaar om de Ārya Samāj te promoten binnen zowel de Hindoestaanse als niet-Hindoestaanse gemeenschap op nationaal en internationaal niveau, via de eigen website, lezingen, congressen, publicaties en samenwerkingsverbanden met gelijkgestemde organisaties.[4]

Daar staat tegenover dat de FAS-NED de Ārya Samājī's momenteel vertegenwoordigt in de Hindoe Raad Nederland en OHM en nog steeds actief is.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Krishan Singh Arya, Swami Dayananda Sarasvati: A Study of his Life and Work, Delhi: Manohar 1987, p. 56.
  2. De Ware Tijd, 21 oktober 2010
  3. Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid: Geloven in het publieke domein (bladzijde 127 (128 in PDF) tabel 4.20)
  4. http://www.prasne.nl/
  • Freek L. Bakker, Hindoes in een creoolse wereld, Zoetermeer: Meinema 1999.
  • Richard Huntington Forbes, Arya Samaj in Trinidad: An Historical Study of Hindu Organizational Process in Acculturative Conditions, Ann Arbor: University Microfilms International 1985.
  • J.T.F. Jordens, Dayananda Saraswati, Delhi: Oxford University Press 1978.
  • Bris Mahabier en Chan Choenni, Arya Samaj in Suriname en Nederland, Zoetermeer: Prasne 2009.
  • Lala Lajpat Raj, A History of the Arya Samaj, Bombay: Orient Longmans 1967.