Asterix en de Belgen
| Asterix en de Belgen | ||||
| Orig. titel | Astérix chez les Belges | |||
| Scenario | René Goscinny | |||
| Tekeningen | Albert Uderzo | |||
| Eerste druk | 1979 | |||
| Lijst van albums van Asterix | ||||
|
||||
Asterix en de Belgen is een strip uit de Asterix-serie van René Goscinny en Albert Uderzo uit 1979. Het is tevens het laatste geschreven album van Goscinny voor hij overleed.
Verhaal [bewerken]
Abraracourcix krijgt te horen dat de Romeinse soldaten uit Belgica als rustkuur vlakbij hun dorpje verblijven. Naar verluidt zijn de Belgen zulke woeste krijgers dat Caesar de Belgen tot "dappersten aller Galliërs" heeft uitgeroepen. Abraracourcix voelt zich beledigd door deze uitspraak en besluit naar Belgica te trekken. De druïde Panoramix is er niet gerust op en stuurt Asterix en Obelix mee uit veiligheidsoverwegingen. In Belgica leert het drietal een groepje Belgen kennen die hen meteen hun dapperheid bewijzen door een Romeins legerkamp met de grond gelijk te maken. Abraracourcix, Asterix en Obelix willen niet voor hen onderdoen en doen hetzelfde. Eerst doen de Belgen alsof ze niet onder de indruk zijn, maar het bleek slechts een grap te zijn en aldus nodigen ze hen uit in hun dorp. Daar krijgt het Belgische stamhoofd, Vandendomme, ruzie met Abraracourcix over de vraag wie van beide volkeren de dapperste is? Ze besluiten een weddenschap aan te gaan waarbij ze om ter meeste Romeinse legerkampen aanvallen en Caesar als scheidsrechter aan te stellen.
Nadat ze een groot aantal kampen hebben verwoest, trekt Caesar met zijn leger naar Belgica om de opstanden te stoppen. Asterix en Obelix gaan naar zijn kamp om uit te leggen dat het om een weddenschap gaat, maar de Romeinse veldheer besluit de Gallische opstanden eens en voor altijd de kop in te drukken. Abraracourcix wil mee de strijd aanbinden, maar de Belgen beschouwen dit niet meer als een spel, maar als een echte oorlog en dus trekken de Galliërs zich terug. Caesar blijkt echter katapulten te hebben ingeschakeld en de Belgen zien zich al snel genoodzaakt terug te trekken. Asterix en co hebben inmiddels ontdekt dat enkele Romeinse troepen de Belgen in de rug wilden aanvallen. Ze brengen de Belgen op de hoogte en binden mee de strijd aan. De Romeinen geven zich over en Caesar trekt zich terug. Op weg naar huis komt hij Abraracourcix en Vandendomme tegen die hem vragen wie van hen nu de dapperste is? Caesar verklaart ziedend van woede dat het hem niet kan schelen en ze volgens hem allemaal even gek zijn! Dit doet Abraracourcix en Vandendomme in lachen uitbarsten en ze verbroederen. Na een feestmaal keren Asterix en co hierna weer naar huis.
Personages [bewerken]
- Vandendomme: Belgisch stamhoofd
- Vandenkettinge: onderstamhoofd
- Vandenschrikke: Belgisch krijger
- Vandenschrike: Belgisch krijger
- Vandengekke: Belgisch krijger
- Wolfgangamadeus: Romeins legaat van Belgica
- Hocuspocus: Romeins legionair
- Zuurkoolmetjus: officier van Julius Caesar
- Onderonsjus: senator in Rome
- Nicotineke: vrouw van Vandendomme
- Serpentine: Belgische vrouw die spruitjes en kant maakt
Culturele referenties [bewerken]
- De Romeinse legionair die door Asterix en Obelix wordt ondervraagd is een karikatuur van Pierre Tchernia.
- Het verhaal is opgebouwd rond een citaat van Julius Caesar dat Abraracourcix verschrikkelijk opwindt: "Van alle Galliërs zijn de Belgen het dapperst". Het is afkomstig uit Caesars De bello gallico.
- De Romeinen vertellen, net zoals de Nederlanders en Fransen, Belgenmoppen. Hun Belgenmoppen gaan echter over sterke Belgen in plaats van domme.
- Een van de Belgen, die in een Romeins kamp een pot met kokende olie heeft gezien, suggereert zijn vrouw dat ze eens moet proberen om aardappelen in reepjes te snijden en in een pot hete olie te gooien. Frieten bakken dus. Dit is overigens een anachronisme, want in Europa waren aardappelen destijds nog niet bekend.
- De Belgische stamhoofden ruziën aan tafel om de tong van een everzwijn. In de Franse versie is de allusie op de Belgische taalstrijd duidelijker, omdat "une langue" zowel een "tong" als "taal" kan betekenen.
- Op de een na laatste pagina van het verhaal staat een parodie op het schilderij De Boerenbruiloft van Pieter Bruegel
- Op de eenzame Belgische boerderij worden spruiten gegeten en krijgen Asterix en Obelix een stuk kantwerk mee, wat verwijst naar Brusselse spruiten en Brussels kant. Het zoontje draagt enkel een broekje en er wordt geïmpliceerd dat hij erg vaak moet plassen, wat verwijst naar Manneken Pis.
- De teksten op de perkamentrollen tijdens de veldslag verwijzen naar Les Chatiments van Victor Hugo.
- Een van de Belgische koeriers die worden doorgestuurd om de andere kampen te waarschuwen is Eddy Merckx.
- Ook duiken Jansen en Janssen (Dupond et Dupont) op, wat een allusie is op de bekende stripreeks Kuifje.
- In de Nederlandse vertaling van Asterix en de Belgen spreken de Belgen met een Antwerps dialect. Waar hun namen in de originele Franse versie op -ix eindigden, net als bij de Galliërs, is dit in de Nederlandse versie veranderd. Hun namen beginnen nu met Vanden- en eindigen op -e.
- Behalve naar de patat frites en Brusselse spruiten wordt er ook verwezen naar mosselen (van het wrakhout van de piraten) en waterzooi.