Auschwitz

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

(Doorverwezen vanaf Auschwitz-Birkenau)
Ga naar: navigatie, zoeken

50° 2' 9" N, 19° 10' 42" O

Auschwitz-Birkenau - 'De poort des doods'
Auschwitz-Birkenau - 'De poort des doods'

Auschwitz was een Nazi-Duits vernietigings- en concentratiekamp bij de Poolse stad Auschwitz (Pools: Oświęcim, Jiddish: Oshpitzin).

De naam Auschwitz is symbool gaan staan voor de vernietigings- en concentratiekampen van de nazi's die overal in Europa verschenen voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Miljoenen mensen, merendeels Joden, zijn in dergelijke kampen om het leven gekomen.

Naar Auschwitz werden in totaal meer dan 1,5 miljoen mensen gedeporteerd. Hiervan werden er ongeveer 1,1 miljoen direct na aankomst vergast of doodgeschoten. Minstens 200.000 mensen kwamen om door ziekten of honger of ze werden na korte tijd alsnog naar de gaskamers gestuurd. Omdat Auschwitz het grootste vernietigingskamp uit zijn tijd was, geldt het als symbool voor de Holocaust, waarvan tussen de 5 en 6 miljoen Joden het slachtoffer werden. Het totale aantal doden was veel hoger dan 6 miljoen, omdat er naast Joden nog talrijke andere slachtoffers waren zoals Slaven, krijgsgevangenen, verzetsstrijders, gehandicapten, homoseksuelen, zigeuners en andersdenkenden (zoals Jehova's getuigen).

Inhoud

[bewerk] Ligging en indeling

Het kamp lag in Zuid-Polen, enkele tientallen kilometers westelijk van de stad Krakau.

Het kamp Auschwitz bestond uit drie hoofdkampen en 39 satellietwerkkampen. De hoofdkampen waren:

  • Auschwitz I, het oorspronkelijke concentratiekamp en het administratieve centrum van het totale complex. Hier werden ongeveer 70.000 mensen omgebracht, voornamelijk Poolse intellectuelen en Russische krijgsgevangenen.
  • Auschwitz II (Birkenau), een vernietigingskamp waar tussen 1,1 en 1,6 miljoen mensen werden vermoord (waarvan 90% Joden, 75.000 Polen en circa 19.000 Sinti en Roma).[1]
  • Auschwitz III (Monowitz), een werkkamp.

[bewerk] Auschwitz I

Poort boven de ingang van Auschwitz I
Poort boven de ingang van Auschwitz I
"werken maakt vrij"
"werken maakt vrij"
Barak Auschwitz I achter dubbele terreinafscheiding
Barak Auschwitz I achter dubbele terreinafscheiding
Overblijfselen van een van de gaskamers
Overblijfselen van een van de gaskamers
Stapelbedden in een barak
Stapelbedden in een barak
Auschwitz - 'Dodenmuur'
Auschwitz - 'Dodenmuur'
Auschwitz II Birkenau
Auschwitz II Birkenau
Aankomst van de Joden in Birkenau
Aankomst van de Joden in Birkenau
Foto genomen vanuit het kamp Auschwitz I
Foto genomen vanuit het kamp Auschwitz I

In april 1940 besloot Reichsführer-SS en hoofd van de Duitse politie Heinrich Himmler dat er in het zuiden van Polen een concentratiekamp moest komen. Het kamp werd ondergebracht in een oude kazerne even buiten Oświęcim en werd in mei 1940 in gebruik genomen. Het werd eerst gebruikt om Poolse verzetsmensen en intellectuelen onder te brengen, later ook Russische krijgsgevangenen, "gewone" Duitse criminelen, politieke gevangenen, Jehova's getuigen (Bijbelonderzoekers), "asociale elementen" zoals landlopers en prostituees, homoseksuelen en Joden. Na juni 1940 arriveerden ook gevangenen uit andere landen. Normaal gesproken werden er altijd tussen de dertien- en zestienduizend mensen gevangen gehouden. In 1942 bereikte dit aantal echter de twintigduizend.

Boven de ingang hangt heden ten dage nog steeds de cynische spreuk Arbeit macht frei ("werken maakt vrij"), die aan de buitenkant de indruk van een werkkamp, in plaats van een vernietigingskamp, moest wekken. De gevangenen die dagelijks het kamp voor dwangarbeid verlieten, marcheerden op orkestmuziek door de poort. Terwijl het orkest aan hun linker kant vrolijke muziek stond te spelen[2], werden aan de rechterkant de lichamen van vermoorde gevangen opgestapeld als afschrikwekkend voorbeeld. In tegenstelling tot de indruk die men krijgt uit de meeste films over Auschwitz, werden de meeste Joden echter in Auschwitz (II) Birkenau gevangen gehouden, en gingen zij niet door deze poort.

De SS koos enkele gevangenen uit, om als bewakers met bepaalde privileges op de andere gevangenen te letten. Zij werden Kapo's genoemd, van het Franse 'caporal' of van het Italiaanse 'capo', , d.i. hoofd, bestuurder.[3] Waarschijnlijker is echter de afkorting van KAmp POlizei. Dit waren vaak Duitse beroepscriminelen, die opvielen door hun wreedheid.

De verschillende kampgroepen werden door speciale kenmerken op de kampkleding onderscheiden. Joden werden in het algemeen het slechtst behandeld. Er werd zes dagen per week, 11 uur per dag gewerkt. (in de nabijgelegen wapenfabrieken ook vaak zeven) Zondagen waren voor wassen en douchen gereserveerd. Door de harde arbeidsomstandigheden, het weinige eten, de wreedheid van de SS en de slechte hygiëne, was het sterftecijfer onder de gevangenen zeer hoog. In september 1941 voerde de SS in gevangenenblok 11 een proef uit met het gas Zyklon B. Hierbij werden 850 Polen en Russen vergast. Ook werd een bunker tot gaskamer met crematorium omgebouwd. De verbrandingsovens waren van een Duitse firma Topf & Sohne[4]. Deze gaskamer was van 1941 tot 1942 in bedrijf. Met de komst van Auschwitz II werd er weer een luchtafweerbunker van gemaakt.

De eerste vrouwen kwamen in maart 1942 naar Auschwitz. Tussen april 1943 en mei 1944 voerde de gynaecoloog prof. dr. Carl Clauberg sterilisatie-experimenten op Joodse vrouwen uit, met als doel een eenvoudige injectiemethode voor Slavische volkeren te ontwikkelen. Dr. Josef Mengele (Engel des doods) experimenteerde met tweelingen in hetzelfde gebouw. (blok 10) Patiënten in het kampziekenhuis die niet snel genoeg gezond werden verklaard, werden vermoord door de nazi's met een fenolinjectie direct in het hart.

Tussen het "ziekenblok 10" en het "gevangenenblok 11" was een gesloten binnenplaats ingericht voor martelingen en executies. Hier werden gevangen tegen de muur gezet. Vooraf moesten zij zich uitkleden in een omkleedruimte met wasbak in blok 11, waarna ze door een zijdeur de binnenplaats op werden gebracht. Als marteling werden de armen van de gevangen op de rug gebonden. Vervolgens werden deze gevangen opgehangen aan hun handen. De palen waaraan dit gebeurde zijn nog steeds op deze binnenplaats te zien. Om te zorgen dat de zieken niet konden zien wat zich op deze binnenplaats afspeelde zijn de ramen van blok 10 aan deze kant dichtgetimmerd.

In gevangenenblok 11 werden, zoals de naam al doet vermoeden, gevangenen vastgehouden. Het merendeel van dit blok bestaat dan ook uit cellen. Om mensen extra streng te straffen bevatte dit blok ook cellen van ongeveer een vierkante meter vloeroppervlak. Deze waren tot aan het plafond dichtgemetseld, met alleen onderin een luik waardoor de gevangen naar binnen moesten kruipen. In een dergelijke cel werden gevangenen met vier personen opgesloten. Overdag moesten zij zo'n 11 uur werken om de rest van de tijd weer opgesloten te worden, soms tot wel 12 dagen achtereen. Veel gevangenen overleefden dit dan niet, zij stierven aan oververmoeidheid of verstikking.

[bewerk] Auschwitz II - Birkenau

Auschwitz-Birkenau is het vernietigingskamp, waaraan de meeste mensen denken bij het horen van de naam 'Auschwitz'. Hier werden vele honderdduizenden gevangen gehouden en meer dan 1,1 miljoen mensen vermoord. Het kamp bevindt zich in Birkenau, de Duitse naam voor het Poolse dorpje Brzezinka (dit dorp werd overigens gesloopt om Auschwitz-Birkenau te kunnen bouwen, al is het na de oorlog herbouwd naast het voormalige vernietigingskamp), ongeveer drie kilometer van Auschwitz I en besloeg een grote oppervlakte van 175 hectare. Behalve Joden, Sinti en Roma werden ook vele gewone burgers uit de toen bezette gebieden, waaronder zo'n 40.000 Vlaamse arbeiders en bedienden die als werkweigeraars waren opgepakt, in Auschwitz-II gevangen gehouden.

De bouw van het kamp begon in 1941 als onderdeel van de Endlösung. De nazi's evacueerden de plaatselijke bevolking, waarna de huizen werden gesloopt om in de bouwmaterialen voor de eerste gebouwen te voorzien. Het kamp was ongeveer 2,5 bij 2 kilometer groot en bood ruimte aan 100.000 gevangenen. Er werden meerdere sectoren gemaakt, die weer werden verdeeld in velden. Deze velden waren, net als het gehele kamp, voorzien van prikkeldraad dat onder stroom stond. Vele gevangenen maakten van deze draad gebruik om zelfmoord te plegen. In het kamp bestond de uitdrukking er ging zu den Drähten ("hij ging naar de draad"). Hoofddoel van Auschwitz II was de massavernietiging. Hiervoor waren vier gaskamers met bijbehorende crematoria aangelegd. De grootschalige vernietiging begon in het voorjaar van 1942.

De eerste slachtoffers waren Slowaakse joden uit de stad Bratislava. De Slowaken waren trouwe bondgenoten van de Duitsers. In 1942 besloot het stadsbestuur van Bratislava samen met de Duitse overheersers het jodenprobleem in de stad op te lossen - op dat moment woonden in de stad zo'n 70.000 Joden. De Slowaken boden de Duitsers 20.000 Joodse arbeiders, op voorwaarde dat de Duitsers ook hun gezinnen op zouden nemen. Zoveel plaats hadden de Duitsers echter niet. Uiteindelijk werd overeengekomen dat de 20.000 dwangarbeiders met hun gezinnen naar Polen zouden worden afgevoerd, in totaal waren dat er 60.000. Voor elk afgevoerde Jood moesten de Slowaken 500 Mark betalen. De Slowaken gingen er vanuit dat 'hun' Joden opnieuw gehuisvest zouden worden, dat was echter niet het geval. De 60.000 Slowaakse Joden werden afgevoerd naar Auschwitz waar ze vrijwel allemaal om het leven kwamen.

De meeste mensen kwamen in Auschwitz-Birkenau aan met de trein, vaak na een afschuwelijke, dagenlange reis in veewagons zonder behoorlijke sanitaire voorzieningen, en veelal zonder voedsel of water. Tijdens deze treinreis bezweken dan ook velen aan de barre omstandigheden. De trein werd dan gestopt en de lijken werden vervolgens naast het spoor gelegd. De aangekomen gevangenen marcheerden vanaf station Auschwitz naar het kamp. Pas in 1944 werden de rails tot in het kamp gelegd, dit gebeurde om de grote aantallen Hongaarse joden op te vangen - Hongarije had tot die tijd geweigerd zijn joden uit te leveren. De daarbij aangelegde perrons dateren uit het voorjaar van 1944. Dé plek waar de meeste slachtoffers tot die tijd aankwamen ligt dicht tegen het verderop gelegen hoofdspoor. De plaats staat bekend als de 'Judenrampe'. Pas zeer recent is de plaats als herdenkingsplaats gemarkeerd, waarbij enkele verroeste rails zijn vervangen en enkele wagons zijn geplaatst.

De rails naar en de perrons in Birkenau hebben aldus 'slechts' twee maanden gefunctioneerd. Het beeld dat de film Sophie's Choice bijvoorbeeld schetst is derhalve onjuist. In de film laat men Sophie in 1942 uitstappen op de perrons in Birkenau, die in werkelijkheid toen nog niet gebouwd waren. Op een gegeven moment konden er in de gaskamers van Auschwitz 20.000 mensen per dag omgebracht worden. Uit heel Europa arriveerden treinen met Joden. Onder hen bijna 40.000 Joden uit Nederland. Dikwijls werd het hele 'transport' direct naar de gaskamers gestuurd. Ook werd vaak een eerste selectie gemaakt, waarbij de zwakken, ouderen, kinderen en zieken van de arbeidsgeschikten gescheiden werden en naar de gaskamer werden doorgestuurd. De SS-arts Mengele nam vaak aan deze selecties deel. De gevangenen die de selectie overleefden, brachten enige tijd door in een quarantaineafdeling, en werkten daarna in de aan het kamp grenzende industrieterreinen. Hier werd hoofdzakelijk synthetische benzine en rubber voor IG Farben geproduceerd. Ook de Duitse firma Krupp had fabrieken in de buurt van Auschwitz.

Een deel van het kamp was voor vrouwen gereserveerd. In een ander deel, Kanada genoemd, werden de bezittingen van aangekomen gevangenen door het Kanada-Kommando gesorteerd en verzameld, om vervolgens aan de Duitse Staat te worden overgedragen, die de goederen verdeelde onder Duitse slachtoffers van geallieerde bombardementen.

De gaskamers waren allen gelijk. Een onderaardse omkleedruimte voor ongeveer 2000 personen, met aansluitend een als doucheruimte uitziende gaskamer, waar Zyklon B door de dakopeningen naar binnen werd gelaten. Een crematorium was onderdeel van hetzelfde gebouw. De gaskamers bereikten hun top nadat het Duitse leger in maart 1944 Hongarije was binnengevallen. De Hongaren waren weliswaar bondgenoten van de Duitsers, maar weigerden - evenals bondgenoot Italië - in eerste instantie hun joden uit te leveren. Met de inval in Hongarije namen de Duitsers zelf het heft in handen, tussen mei en juli van dat jaar werden ongeveer 440.000 Hongaarse Joden naar Birkenau gedeporteerd en daar vergast. Wanneer de crematoria overbelast raakten, werden de lijken vaak in open geulen verbrand. In juli 1944 stopten de transporten uit Hongarije, waarna de Duitsers zich op de in het kamp aanwezige zigeuners richtten. Vele Sinti en Roma waren in een speciale sector van het kamp ondergebracht. Van de 23.000 zigeuners in Auschwitz werden er vanaf begin augustus 1944 21.000 vergast.

Op 7 oktober 1944 kwam het Joodse Sonderkommando (gevangenen die de gaskamers en crematoria bedienden en die van de andere gevangenen gescheiden werden gehouden) in opstand. Vrouwelijke gevangenen hadden springstof uit een wapenfabriek gesmokkeld en crematorium IV werd daarmee gedeeltelijk verwoest. Vervolgens probeerden ze te ontsnappen, maar alle 250 werden kort daarop gepakt en gedood. Deze gebeurtenissen zijn verfilmd in de film The Grey Zone.

[bewerk] Auschwitz III - Monowitz

Op zeven kilometer van Auschwitz stond een grote fabriek van het Duitse chemieconcern IG Farben die was gebouwd door dwangarbeiders uit Auschwitz. Hier zou synthetisch rubber worden geproduceerd, maar in de oorlog is het hier niet van gekomen, doordat de aanvangsdatum voor de eerste productiefasen keer op keer moest worden uitgesteld doordat geallieerden onderdelen van de fabriek bombardeerden. Tegenwoordig is de fabriek wel in gebruik. Bij de fabriek verrees het werkkamp Monowitz, ook wel Auschwitz III genoemd. In totaal waren er in de nabijheid van het hoofdkamp 40 kampen waar gevangenen dwangarbeid moesten doen in de wapenindustrie, landbouw en de bouw.

[bewerk] De geallieerden

Dankzij de Poolse verzetsman Witold Pilecki wisten de geallieerden al in 1941 wat er gaande was in Auschwitz, door informatie die via het Poolse verzet het kamp uit werd gesmokkeld. Nadat Pilecki in 1943 ontsnapte stuurde hij een gedetailleerd rapport naar de geallieerden over de massamoord die zich aan het voltrekken was in Auschwitz. Het rapport werd in geallieerde kringen met ongeloof ontvangen. Daarnaast bezaten de geallieerden sinds 31 mei 1944 gedetailleerde luchtopnames van alle kampen. In de lente van 1944 wilden de Duitsers onderhandelen met de geallieerden, ze boden aan 1 miljoen joden te ruilen voor 10.000 vrachtwagens. Een Hongaarse jood moest de onderhandelingen leiden, waarmee hij verantwoordelijk werd gemaakt voor het leven van 1 miljoen mensen. De geallieerden gingen echter niet op het 'aanbod' van de nazi's in omdat ze zich niet wilden laten chanteren.

Uit verslagen gemaakt rond die tijd blijkt dat de geallieerden ook niet over de middelen beschikten om 1 miljoen joden op te vangen en van voedsel en medische verzorging te voorzien. Na het mislukken van de onderhandelingen werden de Hongaarse joden afgevoerd naar Auschwitz. Twee ontsnapte gevangenen (Rudolph Vrba en Alfred Wetzler) hadden beschrijvingen en kampkaarten gemaakt die de geallieerden in de zomer van 1944 bereikten, waarmee wederom niets werd gedaan. Los hiervan voerden op 13 september 1944 Amerikaanse bommenwerpers een aanval uit op de fabrieken rondom de kampen en richtten aanzienlijke schade aan. De kampen bleven tot aan het einde van de oorlog intact. Een mogelijke reden achter het uitblijven van militaire actie tegen de kampen was mogelijk de zeer grote kans op burgerslachtoffers, de enige militaire mogelijkheid was namelijk een bombardement vanuit de lucht.

[bewerk] Vluchtpogingen en verzet

Alle hekken hadden prikkeldraad en stonden onder hoogspanning
Alle hekken hadden prikkeldraad en stonden onder hoogspanning

In totaal probeerden ongeveer 700 gevangenen te ontsnappen. Ongeveer 300 lukte dit. Een vluchtpoging werd met de hongerdood bestraft. Vaak werd de familie van vluchtelingen in Auschwitz I ter afschrikking tentoongesteld.

In oktober 1944 kwamen er niet veel nieuwe joden meer aan. De grote transporten waren al in de zomer gestopt. Het Sonderkommando - bestaande uit dwangarbeiders die gaskamers moesten ontruimen en daarna de lijken verbrandden - bestond in piektijden uit duizenden gevangenen. Vanaf oktober werden er zo'n 1.000 mensen per dag vergast. De leden van het Sonderkommando begrepen dat ze niet meer nodig waren en vreesden voor hun eigen leven. In de daaraan voorafgaande periode waren de leden van het Sonderkommando volledig afgestompt geraakt, zozeer dat ze niet meer bang waren om te sterven. In oktober 1944 vond er een opstand van leden van het commando plaats. Twee crematoria gingen in vlammen op en honderden waagden een ontsnappingspoging. Veel kwam er van hun verzet niet terecht. De nazi's kregen hen te pakken waarna ze in een rij moesten staan. Vervolgens schoten de Duitsers elke derde man dood. Uiteindelijk zouden 92 man van het Sonderkommando overleven.

[bewerk] Evacuatie en bevrijding

De gaskamers en crematoria in Birkenau werden vanaf november 1944 door de nazi's vernietigd om de sporen van hun daden voor de oprukkende Russen te verbergen. Ook alle archieven gingen in vlammen op. Aan het einde van 1944 was duidelijk dat de nazi's zouden verliezen, het Rode Leger rukte op in Polen en zou ook Auschwitz bereiken, de Duitsers raakten in paniek. In januari 1945 begon de evacuatie, vele gevangenen moesten naar het westen marcheren, de beruchte dodenmarsen - zo'n 50.000 gevangenen namen deel aan deze tocht. Bedoeling was dat zij elders weer aan het werk zouden worden gezet. Tijdens de dodenmars kwamen vele gevangenen om door ontbering (Het vroor zo'n 20° Celsius ) of door executie. Degenen die te zwak of te ziek waren werden achtergelaten, geschat wordt dat er dat zo'n 10.000 waren. Toen het Rode Leger het kamp op 27 januari 1945 bevrijdde waren er nog zo'n 7.500 zieke en stervende mensen aanwezig. De Duitsers waren oorspronkelijk van plan deze mensen allen te doden, maar hadden hier geen tijd meer voor. De overgebleven Duitse bewakers werden binnen een half uur gedood door de Russen.

[bewerk] Slachtoffers

Toen het Rode leger eind 1944 oprukte, werd de omvangrijke administratie door de Duitsers verbrand. Maar het staat vast dat nergens in de Tweede Wereldoorlog zoveel mensen werden vermoord als in Auschwitz. Conservatieve schattingen gaan uit van tussen 1,1 en 1,6 miljoen miljoen slachtoffers. De Franse historicus George Wellers gebruikte als eerste nazi-data en kwam op een getal van 1,613 miljoen slachtoffers, waarvan 1,44 miljoen Joden. De Poolse historicus Franciszek Piper kwam in zijn onderzoek naar Auschwitz tot 1,3 miljoen doden, waarbij hij als belangrijkste maatstaf het aantal treintransporten naar Auschwitz gebruikte. Dit laatste cijfer wordt door een aanzienlijk aantal onderzoekers, maar niet iedereen, ondersteund.

De namen van slachtoffers zijn vaak bekend, omdat die door de Duitsers werden bijgehouden. In Nederland zijn deze gepubliceerd in de gedenkboeken van de Oorlogsgravenstichting (algemeen) en in het Digitaal Monument Joodse Gemeenschap in Nederland.

[bewerk] Bekende gevangenen en slachtoffers

[bewerk] Daders

[bewerk] Kampcommandanten

In Auschwitz werkten door de jaren heen ongeveer 8.000 nazi's, 7.000 van hen maakten het einde van de oorlog mee. Een paar honderd voormalige Auschwitz-werkers zijn vervolgd, nog geen 50 zijn uiteindelijk daadwerkelijk veroordeeld.

Zoals alle concentratiekampen werden de kampen in Auschwitz ook door de SS geleid. De commandanten waren:

Höss werd in 1947 naast het crematorium van Auschwitz I opgehangen. Hij was verantwoordelijk voor de experimenten met blauwzuurgas, ook wel Zyklon B genoemd, om gevangenen te vergassen. Toen de proeven waren afgerond, werden ook elders in Polen vernietigingskampen gebouwd waar Joden massaal werden vergast en verbrand: Treblinka, Sobibór, Belzec, Chełmno en Majdanek.

[bewerk] Overige

  • Dr. Josef Mengele voerde "medische" experimenten op gevangenen uit en selecteerde welke gevangen konden werken en welke rechtstreeks door moesten naar de gaskamers[5].
  • Prof. dr. Carl Clauberg voerde mensonterende sterilisatie-experimenten op vrouwelijke gevangenen uit.
  • IG Farben produceerde Zyklon B.

[bewerk] Na de oorlog

Opgeblazen crematorium Birkenau
Opgeblazen crematorium Birkenau
Gedenkteken in het Nederlands paviljoen
Gedenkteken in het Nederlands paviljoen
Auschwitz II (Birkenau) - Gedenkplaat
Auschwitz II (Birkenau) - Gedenkplaat

Na de oorlog werden de fabrieken door de Poolse regering overgenomen, waarmee de basis voor de chemische industrie in de regio werd gelegd. De concentratiekampen vervielen. Later besloot de Poolse regering Auschwitz I weer op te bouwen als museum. Ook Auschwitz II met de opgeblazen gaskamers kan men tegenwoordig bezichtigen. Beide kampen behoren tot de Werelderfgoedlijst. In Auschwitz I bevindt zich een Nederlands paviljoen onder verantwoordelijkheid van het Nederlands Auschwitz Comité. Het paviljoen dateert uit 1980 en wordt op dit moment door Carry van Lakerveld, Victor Levie en architectenbureau ROO vernieuwd en aangepast aan de huidige tijd en zal uit vier onderdelen gaan bestaan.

Een impressie van het Jodendom in Nederland voor de oorlog, de vervolging en deportatie, Nederlanders in Auschwitz aan de hand van ervaringen van enkele joodse en niet-joodse gevangenen en een afdeling 'Leven met de Shoah'. De nieuwe tentoonstelling werd op 26 april 2005 geopend. De dag van de bevrijding van Auschwitz, 27 januari, is sinds 1996 in Duitsland een officiële gedenkdag voor de slachtoffers van het nationaal-socialisme. Op 27 januari 2005 werd de bevrijding uitgebreid herdacht in Auschwitz-Birkenau, in aanwezigheid van tal van oud-gevangenen, buitenlandse staatshoofden (onder andere koningin Beatrix) en regeringsleiders (onder andere Balkenende en Poetin). Er werd onder meer gesproken door Simone Veil namens de oud-gevangenen.

[bewerk] Ontkenning

"Auschwitz" staat vaak symbool voor de gehele Holocaust, dus wordt ook de holocaustontkenning soms aan Auschwitz opgehangen, hetgeen niet terecht is, want er zijn meer concentratiekampen en vernietigingskampen gebruikt voor de Holocaust.

Specifiek met betrekking tot Auschwitz is over de ontkenning het volgende te melden:

  • De Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad claimt dat de Holocaust een mythe is en wilde dit laten onderzoeken. In februari 2006 weigerde de Poolse regering echter visa te verstrekken aan Iraanse onderzoekers die naar Auschwitz wilden afreizen.

[bewerk] Citaten

  • Wat zijn het voor tijden, waarin
    een gesprek over bomen bijna een misdrijf is
    omdat het zwijgen over zoveel misdaden inhoudt!

    Bertolt Brecht, 1938: "An die Nachgeborenen"
  • Na Auschwitz een gedicht schrijven is barbaars.
    Theodor W. Adorno, 1949: "Kulturkritik und Gesellschaft"
  • De dood is een meester uit Duitsland.
    Paul Celan, 1947: "Todesfuge"
  • Over de zeeën varen schepen, en Auschwitz is een museum.
    Maurits Koopman, 1977: "Gezagvoerder, Levend tussen Auschwitz en de Zee"

[bewerk] Zie ook

[bewerk] Externe links

[bewerk] Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties:
  1. ^ www.auschwitz-muzeum.oswiecim.pl
  2. ^ Bach in Auschwitz
  3. ^ Eugen Kogon, De SS-staat: het systeem der Duitse concentratiekampen. Paris, Amsterdam, 1968, p. 86. Ook: dr. L. de Jong, Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog, deel 8, gevangenen en gedeporteerden, eerste helft. Staatsuitgeverij, 's-Gravenhage, 1978, p. 481.
  4. ^ Tentoonstelling over Topf und Sohne
  5. ^ over Mengele

 
Persoonlijke instellingen