Autismespectrum

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.

Autismespectrum of autistisch spectrum is een term die wordt gebruikt voor de visie dat de autistische stoornis en daaraan verwante aandoeningen een continuüm vormen, waarbij de symptomen als glijdende schaal kunnen worden beschreven. Er worden in grote lijnen drie symptoomgroepen onderscheiden, waarbinnen er tekortkomingen zijn ontstaan (sociale interactie, sociale communicatie en stereotiep gedrag), die per persoon in ernst kunnen verschillen. In de DSM-IV-TR is de kern van het autismespectrum opgebouwd uit de autistische stoornis, het syndroom van Asperger en de restgroep PDD-NOS (met inbegrip van atypisch autisme en McDD (meervoudig complexe ontwikkelingsstoornis).

De naam autismespectrum wordt vaak als overkoepelende term gebruikt voor de pervasieve ontwikkelingsstoornissen, vanwege de classificatie in de DSM-IV-TR. In de DSM-IV vallen het syndroom van Rett en desintegratiestoornis van de kinderleeftijd, twee minder vaak voorkomende aandoeningen, ook binnen het autismespectrum. Vooral vanwege de etiologische verschillen worden deze laatste twee stoornissen over het algemeen niet tot het autismespectrum gerekend.[1]

In orthopedagogische kringen wordt het spectrum soms de educatieve definitie van autisme genoemd, omdat deze gegroeid is vanuit de visie om kinderen te groeperen die allen dezelfde aanpak nodig hebben.

Hoewel schizofrenie en autisme per definitie kunnen worden onderscheiden in twee separate diagnoses, lijken sommige volwassenen met autisme ten minste in hun gedragingen op een bepaald type schizofrene patiënt.[2] Het autismespectrum en het schizoïde spectrum sluiten dan ook op elkaar aan, hoewel de exacte relatie nog niet helemaal duidelijk is.

Kwantitatieve benadering[bewerken]

Er zijn verschillende methoden om tot een kwantitatieve benadering van het spectrum te komen in plaats van de klassieke klinische of categoriserende benadering. Voorbeelden zijn het Autism Diagnostic Interview (ADI-R) en de Childhood Autism Rating Scale (CARS). Onder leiding van Simon Baron-Cohen werd aan de universiteit van Cambridge het zogenaamde 'autismespectrumquotiënt' ontwikkeld.[3] De Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie heeft het Protocol autisme en aan autisme verwante contactstoornissen laten opstellen (Berckelaer-Onnes en Van der Gaag).[4] Hierbij wordt gelet op

  • de ernst van de stoornis (van diepgestoord door factoren binnen zichzelf tot mensen die het meest gelijken op de harmonische normale mensen en door omgevingsfactoren angstig en chaotisch worden)
  • de sociale gerichtheid en betrokkenheid op de ander (van ‘aloof’ of afgesloten van alles, via ‘passive’ of ‘mensen die altijd een stapje trager zijn en gedrag kopiëren’ tot ‘active but odd’ die de spelregels denken te kennen en erin vliegen met alle gevolgen van dien) (Lorna Wing)

Andere aangeboren mentale afwijkingen[bewerken]

McDD[bewerken]

Er is voldoende grond om McDD in te delen als subtype in de groep PDD-NOS. Het verloop is in vergelijking met spectrumaandoeningen echter dermate anders, dat de classificatie van de aandoening mogelijk aangepast of herzien wordt. Hiervoor is nog veel onderzoek nodig. In Nederland werd McDD als subgroep erkend. Met de komst van de DSM-5 zijn alle afzonderlijke ontwikkelingsstoornissen samengevoegd onder de noemer 'autismespectrumstoornis (ASS)'.

NLD[bewerken]

NLD is een leerstoornis en ontwikkelingsstoornis die niet officieel is opgenomen in het DSM-IV of de ICD-10, maar wel regelmatig door diverse (kinder)psychiaters/-psychologen en andere diagnostici gediagnosticeerd wordt. Het heeft een betrekkelijk grote overlap met onder meer het syndroom van Asperger en kenmerkt zich vooral door problemen met de verwerking van non-verbale informatie en motorische moeilijkheden. De verbale ontwikkeling daarentegen verloopt - net als bij asperger vaak het geval is - bovengemiddeld. Onderzoekers denken dat de stoornis wordt veroorzaakt door een slechte wisselwerking tussen de linker- en rechterhersenhelft en dat daarbij vooral de rechterhersenhelft zich minder goed ontwikkelt.

Schizoïde persoonlijkheidsstoornis[bewerken]

Op basis van bepaalde overeenkomsten in gedrag wordt schizoïde persoonlijkheidsstoornis soms tot het autismespectrum gerekend. Lorna Wing beschouwde mensen met asperger als schizoïde persoonlijkheden, maar zag er geen voordeel in om een dergelijke classificatie te hanteren (de terminologie is in dit geval verwarrend: de term schizoïde werd destijds gekozen om het verband met schizofrenie aan te geven, terwijl tussen autistimespectrumstoornissen en schizofrenie geen direct verband is aangetoond).

ADHD[bewerken]

Onderzoekers hebben reeds in 2006 een gen ontdekt dat een sleutelrol speelt als het gaat om risico op ADHD. Ditzelfde genetisch gebied is in verband gebracht met autisme. Mogelijk hebben de twee stoornissen (deels) dezelfde genetische oorsprong. Informeel wordt ADHD door sommigen ook wel eens tot hetzelfde spectrum gerekend, hoewel ADHD en autisme twee totaal verschillende stoornissen zijn.

Hyperactieve stoornis met zwakzinnigheid[bewerken]

De ICD-10 vermeldt bij de pervasieve ontwikkelingsstoornissen hyperactieve stoornis samengaand met zwakzinnigheid en stereotypieën. Het handboek stelt echter dat de nosologische validiteit hiervan niet vaststaat.

Ontwijkende persoonlijkheidsstoornis[bewerken]

Door sommige gedragswetenschappers wordt ontwijkende persoonlijkheidsstoornis ook wel als licht autistisch gedrag gezien vanwege de geremdheid en teruggetrokkenheid. Dit is echter geen algemene visie, omdat de oorzaak van het gedrag meer in angst dan in onvermogen is gelegen.

Desintegratiestoornis van de kinderleeftijd[bewerken]

De desintegratiestoornis van de kinderleeftijd, ook wel het syndroom van Heller genoemd, is een pervasieve ontwikkelingsstoornis, die in de DSM-IV is ingedeeld bij de autismespectrumstoornissen.

IDIC-15[bewerken]

Het zeldzame syndroom IDIC-15 behoort tot de aan autisme verwante stoornissen. Zowel diagnosticering als therapieën lijken sterk op die voor autisme.

Syndroom van Rett[bewerken]

Ook het syndroom van Rett is een zeldzame, genetisch aantoonbare, aangeboren aandoening die in het DSM-IV onder de pervasieve ontwikkelingsstoornissen gerekend wordt en daarmee dus ook binnen het autistische spectrum valt. In tegenstelling tot autisme komt deze aandoening vrijwel alleen bij meisjes voor (de genetische mutatie die tot deze aandoening leidt, is voor jongetjes reeds voor de geboorte dodelijk).

Diversiteit[bewerken]

Niet alle autistische kenmerken komen dus bij iedereen met een autismespectrumstoornis evenveel voor. Er is een enorme diversiteit binnen het autismespectrum. Het kan bij een hoogbegaafd persoon met het syndroom van Asperger of iemand met PDD-NOS een negatief gevoel oproepen, omdat hij dezelfde diagnose krijgt als iemand met een klassiek autistische stoornis met een matige of ernstige mentale handicap. Beiden staan aan andere uitersten van het autismespectrum.

Sommige autisten zijn extreem goed in rekenen of in feiten onthouden. Wanneer de overige autistische kenmerken een ernstig karakter hebben, wordt zo iemand wel aangeduid met de 19e-eeuwse Franse term idiot savant. Vanwege de negatieve connotatie werd de term vervangen door het neutrale 'savantsyndroom'. Ook bij het mildere aspergersyndroom is een soortgelijk verschijnsel bekend. Asperger noemde zijn onderzoeksgroep bestaande uit jongens "kleine professoren", waarmee hij bedoelde dat bepaalde vaardigheden sterk ontwikkeld waren, bijvoorbeeld ruimtelijk inzicht. Overige delen bleken minder goed ontwikkeld dan gemiddeld.

Opvallend is dat de rechterhersenhelft, waarmee onder andere muziek, wiskunde en creativiteit worden verwerkt en gevormd, bij autisten bovengemiddeld is ontwikkeld. De linkerhemisfeer is echter minder sterk ontwikkeld. Dit hangt mogelijk samen met een gebrekkiger taalbegrip en meer gevoel voor bijvoorbeeld muziek. Dit is dan ook vaak goed te gebruiken als communicatiemiddel (muziektherapie).

Ondersteuning[bewerken]

Er zijn diverse instanties waar mensen met een autistische stoornis terechtkunnen voor begeleiding en/of lotgenotencontact. Naast officiële instanties zoals het GGZ zijn er verenigingen zoals PAS (Personen uit het Autisme Spectrum) (die zich richt op normaal begaafde volwassenen (18+) met autisme) en de NVA (Nederlandse Vereniging voor Autisme) (die zich vooral richt op ouders met autistische kinderen).

In het kunstonderwijs is er de UNIT Academie, deze besteedt aandacht aan jongeren die door oorzaken buiten hun schuld veel moeite ondervinden in het gewone voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs en toch verder willen in de kunstzinnige richting. In het bijzonder richt de academie zich op jongeren met een autismespectrumstoornis.[5]

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. M.T. Mercadante, R.J. Van der Gaag, J.S. Schwartzman - Non-autistic pervasive developmental disorders: Rett syndrome, disintegrative disorder and pervasive developmental disorder not otherwise specified, PMID: 16791387
  2. Uta Frith, Autism: explaining the enigma (2002)
  3. Baron-Cohen S, Wheelwright S, Skinner R, Martin J, Clubley E, The autism-spectrum quotient (AQ): evidence from Asperger syndrome/high-functioning autism, males and females, scientists and mathematicians. J Autism Dev Disord. 2001 Feb;31(1):5-17
  4. Van der Gaag, R.J., Van Berckelaer-Onnes, I.A. (2000). Protocol autisme en aan autisme verwante contactstoornissen. In: P. Prins, N. Pameijer (red.). Protocollen in de jeugdzorg: richtlijnen voor diagnostiek, indicatiestelling en interventie, p. 135-155
  5. UNIT Academie