Avro Shackleton
| AVRO Shackleton | ||||
| Algemeen | ||||
| Rol | onderzeebootverkenner/bestrijder/AWACS | |||
| Bemanning | 10, max 14 | |||
| Status | ||||
| Gebruik | RAF 1969 - 1991 | |||
| Afmetingen | ||||
| Lengte | 26,61 m | |||
| Hoogte | 5,33 m | |||
| Spanwijdte | 36,58 m | |||
| Vleugeloppervlak | 132 m² | |||
| Gewicht | ||||
| Leeggewicht | 23300 kg | |||
| Max. gewicht | 39900 kg | |||
| Krachtbron | ||||
| Motor(en) | 4x 1960 pk Rolls-Royce Griffon 57 | |||
| Prestaties | ||||
| Topsnelheid | 675 | |||
| Actieradius | 2490 km | |||
| Dienstplafond | 10500 m | |||
| Bewapening | ||||
| Bommen | mijnen, torpedo’ s als onderzeebootbestrijder, geen bewapening als AWACS | |||
|
||||
De Avro Shackleton was een Brits langeafstands patrouillevliegtuig en in gebruik bij de Royal Air Force. Het toestel was ontwikkeld door Avro en afgeleid van de Avro Lincoln bommenwerper. Deze werd voorzien van een nieuw landingsgestel en vernoemd naar de poolreiziger Sir Ernest Shackleton. Het toestel maakte zijn eerste vlucht in 1949.
Aanvankelijk werd hij in de periode 1958- 1970 slechts gebruikt voor detectie en bestrijding van onderzeeboten en diende in de periode 1957 tm 1984 ook als maritiem patrouillevliegtuig in de luchtmacht van Zuid-Afrika.
Later - van 1971 tot en met 1991 - werd de Shackleton aangepast voor AWACS taken en als vliegende radarpost ingezet bij de NATO luchtruimbewaking. De Shackleton was ingericht met kooien, een keukentje en een chemisch toilet en kon maximaal 12uurs missies vliegen. Dit was vanwege zijn zuinige Rolls Royce Griffon zuigermotoren. Langer kon hij echter niet in de lucht blijven omdat de mogelijkheid voor inflight refuelling bij het toestel ontbrak.
De Shackleton werd als vliegende radarpost zo lang door de RAF in dienst gehouden vanwege problemen bij de constructie van zijn beoogde vervanger, de AWACS versie van de BAE Nimrod. Toen deze versie er uiteindelijk niet eens kwam werd als zijn vervanger tenslotte gekozen voor de Boeing E-3.