Béatrix Beck

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Béatrix Beck (Villars-sur-Ollon, 14 juli 1914 - Saint-Clair-sur-Epte, 30 november 2008) was een Frans schrijfster van Belgische origine. Zij was de dochter van de Belgische dichter Christian Beck uit Verviers, die van Lets-Italiaanse afkomst was . Haar moeder was Ierse. Na haar rechtenstudie werd zij communiste en trouwde met de statenloze Jood, Naun Szapiro, die in de Tweede Wereldoorlog overleed. Na verschillende andere banen werd zij secretaresse van André Gide, die haar aanmoedigde om over haar ervaringen te schrijven, zoals de zelfmoord van haar moeder, de oorlog, de armoede, enz. In 1955 werd zij Franse.

De schrijfster kreeg in 1952 de Goncourtprijs voor Léon Morin, prêtre. Het boek omvat de dialoog tussen een oorlogsweduwe van een communistische Jood en een priester tijdens de bezetting, over "het leven en de schoonheid". De roman werd nog beroemder door de verfilming in 1961 door Jean-Pierre Melville, met Jean-Paul Belmondo en Emmanuelle Riva.

Bibliografie[bewerken]

  • 1948 Barny
  • 1950 Une mort irrégulière
  • 1952 Léon Morin, prêtre
  • 1954 Des accommodements avec le ciel
  • 1963 Le muet
  • 1967 Cou coupé court toujours
  • 1977 L'épouvante l'émerveillement
  • 1978 Noli
  • 1979 La décharge
  • 1980 Devancer la nuit
  • 1981 Josée dite Nancy
  • 1983 Don Juan des forêts
  • 1984 L'enfant-chat
  • 1986 La prunelle des yeux
  • 1988 Stella Corfou
  • 1989 Une
  • 1990 Grâce
  • 1991 Recensement
  • 1993 Une Lilliputienne
  • 1994 Vulgaires vies
  • 1994 Moi ou autres (novelles)
  • 1996 Prénoms (novelles)
  • 1997 Plus loin, mais où
  • 1998 Confidences de gargouille
  • 2000 La petite Italie (novelles)
  • 2001 Guidée par le songe (novelles)
  • Contes à l'enfant né coiffé
  • La mer intérieure
  • La grenouille d'encrier
  • Mots couverts (poèmes)