Bard de Boogschutter

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken

Bard de Boogschutter is een personage uit de werken over de fictieve wereld "Midden-aarde" van schrijver J.R.R. Tolkien. Hij wordt beschreven in De Hobbit.

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details van de plot en/of de afloop van het verhaal.


Bard woonde in Esgaroth, en was één van de beste boogschutters van de stad. Hij was tevens de erfgenaam van Girion, de laatste koning van de door Smaug verwoeste stadstaat Dal. Toen Smaug in 2914 van de Derde Era Esgaroth aanviel en vernielde, lukt het Bard uiteindelijk om Smaug te doden, doordat Bilbo Balings de zwakke plek in het pantser van de draak onthulde. Bard claimde hierna één twaalfde van de schat van Smaug, die hij vervolgens deelde met de Meester van Esgaroth, teneinde de stad te kunnen herbouwen. De Meester stal het geld echter, en vluchtte er mee weg in de wildernis, waar hij uiteindelijk ook stierf.

Bard besloot om, samen met een deel van het volk, terug te gaan naar Dal om de oude stadstaat in ere te herstellen. Hij werd uiteindelijk uitgeroepen tot Koning Bard, en hij werd na zijn dood opgevolgd door zijn zoon Bain, zijn kleinzoon Brand en daarna zijn achterkleinzoon Bard II.

 
Persoonlijke instellingen
in andere talen