Basiliek Sainte-Marie-Madeleine van Vézelay

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Basiliek van Vézelay)
Ga naar: navigatie, zoeken
Basiliek Sainte-Marie-Madeleine van Vézelay
Werelderfgoed cultuur
Basilique à Vézelay.jpg
Land Vlag van Frankrijk Frankrijk
UNESCO-regio Europa en Noord-Amerika
Criteria i, vi
Inschrijvingshistorie
UNESCO-volgnr. 84
Inschrijving 1979 (3e sessie)
Uitbreiding 2007
UNESCO-werelderfgoedlijst

De basiliek Sainte-Marie-Madeleine de Vézelay [1]is een oude abdijkerk in het stadje Vézelay in de Franse regio Bourgondië. De basiliek staat sinds 1979 op de werelderfgoedlijst van UNESCO.

Inhoud

[bewerken] De buitenkant van de basiliek

Dit meesterwerk van de romaanse architectuur van de 12e eeuw staat al vanaf 1840 op de lijst van historische monumenten. Het koor is vroeg-gotisch. Tussen 1840 en 1861 werden delen van de basiliek gerenoveerd door Eugène Viollet-le-Duc

Zuidelijke zijgevel van de basiliek. Foto genomen vanuit het westen naar het oosten. Op de achtergrond de dwarsbeuk met de toren Saint-Antoine.
Zuidelijke zijgevel van de basiliek. Foto genomen vanuit het westen naar het oosten. Op de achtergrond de dwarsbeuk met de toren Saint-Antoine.  
De westgevel van de basiliek met zijn drie portalen, alleen het grote centrale portaal heeft een gebeeldhouwd timpaan.
De westgevel van de basiliek met zijn drie portalen, alleen het grote centrale portaal heeft een gebeeldhouwd timpaan.  
Zuidelijke zijgevel. Foto genomen vanuit het oosten naar het westen. Links de toren Saint-Michel, daarachter de nartex met een verdieping en het schip.
Zuidelijke zijgevel. Foto genomen vanuit het oosten naar het westen. Links de toren Saint-Michel, daarachter de nartex met een verdieping en het schip.  
Gevel van de basiliek Sainte-Marie-Madeleine: beeld van Johannes de Evangelist.
Gevel van de basiliek Sainte-Marie-Madeleine: beeld van Johannes de Evangelist.  
Gevel van de basiliek Sainte-Marie-Madeleine de Vézelay: de verlengde vensteropeningen met heiligenbeelden eromheen; 13e eeuw.
Gevel van de basiliek Sainte-Marie-Madeleine de Vézelay: de verlengde vensteropeningen met heiligenbeelden eromheen; 13e eeuw.  
Beeld van Johannes de Doper.
Beeld van Johannes de Doper.  

[bewerken] De westelijke gevel

Deze gevel kreeg in de 19e eeuw na een grondige verbouwing zijn huidige gedaante. In de 13e eeuw was het oorspronkelijke gebouw al gewijzigd door de toevoeging van een fronton met puntdak en smalle vensteropeningen. Er zijn drie portalen, waarvan alleen de middelste een timpaan heeft.

Het fronton heeft een zeer merkwaardige functie. Want niet alleen dient het ter maskering van de onregelmatigheden in de gevel - wat alle frontons doen - maar het dient ook als timpaan voor de gewelven van de nartex en de vensteropeningen in het laagste gedeelte van de fronton laten licht toe aan de nartex. Ook loopt een fronton zelden uit op een spitsboog, zoals hier. De beelden in het bovenste deel stellen in de top een tronende Christus voor in zegenende houding met het Evangelie in de hand; twee engelen houden een grote kroon boven zijn hoofd, rechts van hem staat Maria, links Maria Magdalena. Op de flanken staan twee engelen.

Tussen de slanke vensteropeningen van het laagste gedeelte van het fronton staan vijf heiligenbeelden: Johannes de Evangelist, Andreas, Johannes de Doper, Petrus, Paulus et Benedictus.

De basiliek zou twee torens krijgen, maar de linkertoren is nooit gebouwd. De gotische rechtertoren uit de 14e eeuw, de Saint-Micheltoren, heeft een plat dak dat toegankelijk is vanuit de nartex.

[bewerken] Het timpaan van het Laatste Oordeel

Het timpaan van het hoofdportaal met de voorstelling van het "Laatste Oordeel".

Het timpaan boven het centrale portaal van de gevel stelt het Laatste Oordeel voor. Het werd in 1856 vervaardigd door de beeldhouwer Pascal, onder toezicht van de architect Viollet-le-Duc. Het in neo-romaanse stijl uitgevoerde werk ondervond aanvankelijk sterke kritiek maar werd later wel als geslaagd beschouwd. Het oorspronkelijke timpaan, dat tijdens de Franse Revolutie kapotgeslagen werd, heeft een plaats gekregen tegen de buitenmuur van het achtste travee van het schip, aan de zuidzijde.

De compositie is klassiek en geïnspireerd door "Laatste Oordeel"s uit andere Romaanse kerken', met name die van het timpaan in de kathedraal Saint-Lazare in Autun. In het midden beheerst Christus in mandorla het beeld, met wijd gespreide armen. Aan zijn linkerhand weegt aartsengel Michael de zielen, een afschuwelijke duivel aan zijn zijde. De veroordeelden, veelal naakt, gaan naar de hel en verdwijnen in de muil van een monstrueuze Léviathan. Aan de rechterhand van Christus staan Maria en Petrus met sleutel en gaan de uitverkorenen naar het Hemelse Jeruzalem. Rond Christus zijn de evangelisten in de gedaante van hun symbooldieren afgebeeld: bovenaan Lucas en Matheus, onderaan Marcus en Johannes. De latei, onder het timpaan, toont episodes uit het leven van Christus.

[bewerken] Het interieur van de basiliek

[bewerken] De nartex

De narthex heeft zijn eigen symboliek; hij is in principe voor de gelovigen een plek van bezinning en boetedoening alvorens de kerk binnen te gaan. Nog niet gedoopten en degene die het licht nog niet ontvangen hebben (de pinkstergedachte) mogen de kerk niet betreden. In de narthex van Vezelay wordt dit gegeven op bijzondere wijze geïllustreerd in het timpaan in deze ruimte. Hierin worden de apostelen bevangen door de heilige geest de wereld in gestuurd om de volkeren te bekeren. Na de bekering mogen de gelovigen binnentreden en opgaan naar het licht.

De tussen 1145 en 1150 gebouwde nartex is romaans ; hij werd in navolging van Cluny gebouwd om de opstelling van processies te vergemakkelijken. Hij heeft een diepte van drie traveeën en is, net als de kerk, ingedeeld in drie schepen. Vanuit de nartex verschaffen drie portalen, elk met een gebeeldhouwd timpaan erboven, toegang tot de kerk. De brede tribunes of galerijen van de nartex zijn een bijzonderheid want ze bestaan niet in de kerk zelf. Ze beslaan de twee zijbeuken en het derde travee van het middenschip. Deze laatste galerij (boven de grote toegangsdeur naar de kerk zelf) kijkt uit op het middenschip van de kerk. De balustrade van de centrale galerij is versierd met een fries met mijterbogen. Een zeer belangrijk detail: het graatgewelf boven deze galerij is gotisch en heeft spitsbogen. Het is één van de eerste voorbeelden in Frankrijk van zijn soort; de andere gewelven zijn romaans met sterk verhoogde ribben. De galerijen boven de zijbeuken kijken uit op de centrale galerij via kleine rondbogen op zuiltjes.

Eugène Viollet-le-Duc, die nartexen "porches fermés" (gesloten voorportalen) noemde, beschouwde die van Vézelay als één van de meest opmerkelijke van de Middeleeuwen en maakte er een aantal zeer fraaie schetsen van.[2].

Het hang- en sluitwerk van de deuren in de nartex en de buitendeur van de noordelijke zijbeuk werd vervaardigd door Pierre François Marie Boulanger [3].

De linkerdeur van de nartex.
De linkerdeur van de nartex.  
Slot van de deur van de nartex.
Slot van de deur van de nartex.  
Doorsnede van de nartex of voorschip.
Doorsnede van de nartex of voorschip.  
Perspectieftekening van het interieur van de nartex, gezien van de galerij langs de gevel.
Perspectieftekening van het interieur van de nartex, gezien van de galerij langs de gevel.  
Bouwtekening van de nartex : rechts op het niveau van de begane grond ; links op het niveau van de galerijen.
Bouwtekening van de nartex : rechts op het niveau van de begane grond ; links op het niveau van de galerijen.  
De nartex en zijn galerijen. Rechts gaat de zijgalerij met kleine rondbogen op zuiltjes over in het centrale deel van de nartex. Links : de centrale galerij, ook chapelle Saint-Michel genoemd.
De nartex en zijn galerijen. Rechts gaat de zijgalerij met kleine rondbogen op zuiltjes over in het centrale deel van de nartex. Links : de centrale galerij, ook chapelle Saint-Michel genoemd.  

[bewerken] Het middenportaal van de nartex en zijn timpaan

Het middenportaal met zijn timpaan. Open deuren bij het uitgaan van de mis.

Het timpaan van het middenportaal in de nartex is één van de grootste meesterwerken van de romaanse beeldhouwkunst in Frankrijk. Het stelt de wording van de Kerk voor, met Christus die de apostelen zegent en hen opdraagt de volkeren te bekeren. Deze thematiek is uniek in de romaanse kunst. De scene is geheel en al georganiseerd rond een in glorie tronende Christus. Hij domineert de andere personages door zijn omvang. Het onbewogen gezicht van Christus contrasteert met zijn houding, die iets weg heeft van een bliksemschicht, en de werveling in zijn kleding. Sommigen zien in zijn houding een kruis. Van zijn handen gaan stralen uit in de richting van de apostelen. Zij symboliseren de missie die hij hen opdraagt: "Ga dan heen, onderwijs al de volken"
De twaalf apostelen houden het Boek in hun hand en zijn bereid naar alle hoeken van de wereld te vertrekken. En die wereld wordt in al zijn diversiteit getoond: in acht cassettes in een halve cirkel rond de scene worden van links naar rechts getoond: twee schrijvende apostelen, de Joden, de Cappadociërs, de Arabieren naar het schijnt, de Cynocefalen die geacht worden in Indië te leven, de Phrygiërs, de Byzantijnen en de Armeniërs.

In de onderste boog van de archivolt worden de tekens van de Dierenriem getoond alternerend met de agrarische werkzaamheden van de verschillende maanden.

In de latei onder het timpaan worden links de bekende volkeren afgebeeld en rechts de onbekende; zij bewegen zich naar het midden d.w.z. naar de Kerk van Christus, symbool van hun bekering. De bekeerde volkeren wenden zich aldus tot de twee grote personages aan de voeten van Christus die hen tot Christus zullen voeren; het zijn respectievelijk Petrus, herkenbaar aan zijn sleutel en Paulus, de twee steunpilaren van de kerk.

De trumeau tussen de deuren wordt gesierd door het beeld van Johannes de Doper, de Voorloper van Christus. Hij houdt in zijn rechterhand het plateau met het Lam Gods met het kruis erop.

De centrale timpaan van de narthex werd vervaardigd in de jaren 1125-1130. In de latei links zijn de bekende volkeren afgebeeld en in de rechter latei de  onbekende volkeren. De archivolt toont afwisselend  de tekens van de dierenriem en de werkzaamheden in  de verschillende maanden.
De centrale timpaan van de narthex werd vervaardigd in de jaren 1125-1130. In de latei links zijn de bekende volkeren afgebeeld en in de rechter latei de onbekende volkeren. De archivolt toont afwisselend de tekens van de dierenriem en de werkzaamheden in de verschillende maanden.  
Christus, uitstorting van de Heilige Geest over de apostelen.
Christus, uitstorting van de Heilige Geest over de apostelen.  
In de bovenste cassette, de Byzantijnen. In de onderste cassette, de Armeniërs. In de medaillons van de boog : de Schorpioen, een boer die een varken doodt, de Boogschutter. Op de latei onbekende volkeren: van rechts naar links, de Panotti, de Pygmeeën waarvan er één een trap gebruikt om een paard te bestijgen, de Macrobiërs uit Ethiopië (volk van reuzen).
In de bovenste cassette, de Byzantijnen. In de onderste cassette, de Armeniërs. In de medaillons van de boog : de Schorpioen, een boer die een varken doodt, de Boogschutter. Op de latei onbekende volkeren: van rechts naar links, de Panotti, de Pygmeeën waarvan er één een trap gebruikt om een paard te bestijgen, de Macrobiërs uit Ethiopië (volk van reuzen).  

[bewerken] Het rechter portaal en het linker portaal

Het timpaan van het rechterportaal (aan de zuidkant) is gewijd aan Maria en de Geboorte. Men ziet de Verkondiging, de Annunciatie, de Visitatie, de geboorte van Christus en de Adoratie van de Drie Koningen.

Het timpaan links (aan de noordkant) toont twee scenes gebonden aan het leven van Christus na de Opstanding. Het bovenste deel stelt of de Hemelvaart voor of een verschijning van de opgestane Christus aan de apostelen.
Het onderste deel beschrijft de ontmoeting in Emmaüs, waar de discipelen Christus herkennen door het breken van het brood.

Het zuidelijk of rechter portaal. Links onder:De Engel met de drinkhoorn.
Het zuidelijk of rechter portaal. Links onder:De Engel met de drinkhoorn.  
De timpaan van het zuidelijk portaal. Het bovenste deel toont de Aanbidding van de Wijzen.
De timpaan van het zuidelijk portaal. Het bovenste deel toont de Aanbidding van de Wijzen.  
Het kapiteel De Engel met de drinkhoorn steunt het timpaan in het zuidelijk portaal.
Het kapiteel De Engel met de drinkhoorn steunt het timpaan in het zuidelijk portaal.  
Het noordelijk of linker portaal met zijn timpaan. Onderaan: gezicht op de noordelijke zijwand van het schip.
Het noordelijk of linker portaal met zijn timpaan. Onderaan: gezicht op de noordelijke zijwand van het schip.  
Het noordelijke portaal uitziende op de zijbeuk van het schip.
Het noordelijke portaal uitziende op de zijbeuk van het schip.  
Eén van de pijlers van de nartex met zijn 4 samengestelde zuilen. Het kapiteel beeldt uit Samson velt de leeuw.
Eén van de pijlers van de nartex met zijn 4 samengestelde zuilen. Het kapiteel beeldt uit Samson velt de leeuw.  
De nartex en zijn galerijen. Rechts gaat de zijgalerij met kleine rondbogen op zuiltjes over in het centrale deel van de nartex. Links : de centrale galerij, ook chapelle Saint-Michel genoemd.
De nartex en zijn galerijen. Rechts gaat de zijgalerij met kleine rondbogen op zuiltjes over in het centrale deel van de nartex. Links : de centrale galerij, ook chapelle Saint-Michel genoemd.  

[bewerken] Het schip

Met zijn lengte van 62 m is de kerk langer dan andere Franse kathedralen, zoals de Notre-Dame van Parijs (60m} of de Notre-Dame van Amiens (54 m), is het brede schip zeer indrukwekkend. Lichter dan de nartex lijkt het een lange straat naar het koor.

Het romaanse schip was in 1140 klaar. Net als in de nartex, bevinden zich boven de grote rondboogarcades die toegang geven naar de zijbeuken, de hoge vensters van de bovenste zijmuren. Er zijn tien traveeën waarvan er negen een kruisgewelf hebben gescheiden door ronde gordelbogen, met afwisselend lichte en donkere secties, die steunen op pijlers in drie verdiepingen. De twee zijbeuken zijn ook voorzien van kruisgewelven die rusten op zuilen met versierde kapitelen.

Het laatste travee van het schip, dat grenst aan de dwarsbeuk heeft spitsbogen, om de overgang tot stand te brengen naar viering , dwarsbeuk en koor, die allemaal gotisch zijn. Het is ook hoger dan de overige traveeën van het schip.

Het schip is opvallend licht, vergeleken met andere romaanse heiligdommen. Dat is te danken aan verschillende factoren: de ligging van het gebouw op de top van een heuvel waardoor zonlicht overvloedig invalt, de lichtbeuk met hoge vensters (en zo breed als de romaanse bouwkunde maar toeliet) die direct het middenschip belichten, de afwezigheid van glas-in-loodramen en tenslotte de aanwezigheid van brede vensteropeningen in de zijbeuken.

Door het ontbreken van meubilair en glas-in-loodramen is de enige opsmuk van het gebouw de aan de architectuur gebonden versierselen. Op halve hoogte van het gebouw loopt boven de arcades over de hele lengte van het gebouw een richel met daaronder een smalle fries met eivormige versieringen die de horizontaliteit accentuueert. Eenzelfde fries loopt langs de dekplaten van de schitterend uitgevoerde kapitelen op de pijlers en rond de bogen. Ook de grondplaten zijn bewerkt.

De zuidelijke zijbeuk van het schip.
De zuidelijke zijbeuk van het schip.  
Detail van het schip : Het fries op halve hoogte van het schip.
Detail van het schip : Het fries op halve hoogte van het schip.  
Het schip met zijn romaanse gewelf tijdens een dienst.
Het schip met zijn romaanse gewelf tijdens een dienst.  
De hoogste delen van het schip gezien van de zuidelijke zijbeuk. Op de voorgrond de 5e pijler aan de zuidkant met het kapiteel  David en de leeuw, op de achtergrond de hoge vensters van de noordkant van het schip boven de arcades die op de noordwand uitzien.
De hoogste delen van het schip gezien van de zuidelijke zijbeuk. Op de voorgrond de 5e pijler aan de zuidkant met het kapiteel David en de leeuw, op de achtergrond de hoge vensters van de noordkant van het schip boven de arcades die op de noordwand uitzien.  
Het schip met zijn gewelf, naar het koor toe gezien.
Het schip met zijn gewelf, naar het koor toe gezien.  

De kruisgewelven van het brede schip zijn elders zelden gebruikt in romaanse bouwwerken van zo'n grote omvang. Deze vorm wordt in het algemeen alleen in zijbeuken toegepast. Dit procedé biedt het voordeel dat de druk op de dragende muren verlicht wordt, waardoor het mogelijk wordt grotere, zij het niet te brede, vensteropeningen aan te brengen. Maar het probleem van de zijwaartse druk en het gewicht blijft. Hier, in Vézelay, is vanuit het koor te zien dat muren uit het lood staan. Dit is onvermijdelijk als men zich realiseert dat de muren per travee een gewicht van 45 ton moeten dragen. Het probleem werd al snel na de bouw zichtbaar. Aanvankelijk zocht men de oplossing in het aanbrengen van muurankers en stangen die door het schip liepen. Maar in de 13e eeuw ging men over tot het aanbrengen van stevige luchtbogen tegen de buitenmuur. In de nartex deed het probleem zich niet voor. De zijbeuken daar, met hun twee etages met een tongewelf, boden voldoende tegenwicht. Luchtbogen ontbreken daar dan ook.

Voor een heiligdom als Vézelay, waar vooral het licht werd gezocht, was de overgang naar de gotiek voor de hand liggend. Al aan het einde van de 12e eeuw, slechts 65 jaar na het begin van de bouw in de romaanse stijl, begon men met het bouwen van een dwarsschip en koor in gotische stijl.

[bewerken] De dwarsbeuk

De gotische balustrade van het triforium van de achterwand van de dwarsbeuk (eind 12e eeuw - schets van Viollet-le-Duc)

De vroeggotische dwarsbeuk, die uit de zelfde tijd stamt als het koor (eind 12e eeuw), is niet zeer breed. Hij is even hoog als het koor en heeft de zelfde geleding van grote arcades met spitsbogen, triforium en lichtbeuk. Elke zijarm heeft twee traveeën, die aan de zuidkant niet symmetrisch zijn. De eerste travee heeft op het niveau van het triforium twee spaarvelden, het tweede slechts één. Bovendien heeft het eerste travee een grote scheiboog. Alle traveeën van de dwarsbeuk hebben in vieren gedeelde ribgewelven, die steunen op schalken. De achterwanden van de zijarmen hebben geen grote portalen. In het noorden is er slechts een kleine deur met een trap erachter. Aan de zuidkant is een toegang naast het gebouw van de kapittelzaal. Op de tweede etage van de beide uiteinden van de dwarsbeuk zijn twee mooie balustrades versierd met een serie kleine blinde arcades, waarop de zuiltjes van het triforium rusten. Het triforium is op de zelfde wijze opgebouwd als het schip. De hoogste geleding bestaat uit een drietal hoge vensteropeningen die het licht tot de dwarsbeuk toelaten.

[bewerken] Het gotische koor en de apsis

Het koor, de kooromloop en de 9 kapellen eromheen stammen uit de vroeggotische periode, waaarvan de spitsbogen getuigen. Ze werden tussen 1185 en 1190 gelijk met de dwarsbeuk gebouwd nadat het oorspronkelijke romaanse koor was ingestort. In het koor bestaat de opstand uit drie geledingen: grote arcades, blind triforium en lichtbeuk. Het is iets smaller en daardoor ook lichter dan het schip, de hoogte valt daardoor des te meer op. De gewelven rusten hier alleen op samengestelde zuilen. Dikke draagmuren zijn daardoor niet meer nodig; de vensters kunnen dientengevolge groter. Het koor wordt omringd door een kooromgang waarop negen ondiepe, slechts door lage muurtjes gescheiden, kapellen uitkomen: vijf daarvan zijn straalkapellen rond de apsis. Deze zijn eveneens gotisch en voorzien van grote vensters, die veel licht doorlaten. De witte steen die gebruikt is voor de bouw versterkt het effect. De kooromgang vormt aan de andere zijde van de dwarsbeuk een verlenging van de zijbeuken, die alleen wat smaller is.

Het koor is met zijn hoogte van 22 meter bijna 3,5 meter hoger dan het schip. Het triforium bestaat uit tweedelige emporiumboogjes met daarboven een rondboog. gescheiden door een tweetal zuiltjes. De vensters in de lichtbeuk zijn gevat in spitsbogen.
De ribgewelven lijken in tegenspraak met de scheibogen eronder. Onder het gewelf van het tweede travee is er niet één grote scheiboog, maar een tweetal kleinere, aan de zuidkant steunend op een enkele zuil en aan de noordzijde op een dubbele pilaar.

De koorafsluiting met koornissen.
De koorafsluiting met koornissen.  
Het gotische koor en de kapellen uit de 12e eeuw.
Het gotische koor en de kapellen uit de 12e eeuw.  
Het gotische koor van de basiliek en de aanbidding door de monniken en nonnen van de Broederschap.
Het gotische koor van de basiliek en de aanbidding door de monniken en nonnen van de Broederschap.  
De noordzijde van het koor van de basiliek.
De noordzijde van het koor van de basiliek.  

[bewerken] De symboliek van het koor

De structuur van het koor past geheel in de lijn van het symbolisme van het licht, uitgaande van het idee dat Christus "het Licht van de Wereld" is. In die gedachtegang treedt het koor naar voren als de volmaakte voleindiging van de bouw van de basiliek en vervangt het terecht het oude romaanse koor.

Extreme soberheid, bijna totale strengheid, geen glas-in-loodramen, geen bewerkte kapitelen, nauwelijks luxueus meubilair. Door de grote vensteropeningen komt overvloedig licht binnen dat alles omhult.

Een verborgen symbolisme heerst hier, sterk contrasterend met het expliciet verhalende van het romaanse beeldhouwwerk vaan het schip. Elf zuilen omkaderen het koor; zij stellen de elf rond Christus geschaarde apostelen voor tijdens het Laatste Avondmaal, na het vertrek van Judas. In het triforium, in het tweede travee rechts, vervangt een pilaster de tweelingzuiltjes. Het is het symbool van Judas, het vierkante deel van het pilaster symboliseert het Kwaad.[4].

[bewerken] De crypte

De crypte

De tamelijk grote crypte (20 x 9 m) onder het koor stamt uit de Karolingische tijd. In de 12e eeuw vond een herinrichting plaats, in de 13e eeuw werd een plafondschildering aangebracht. De crypte wordt afgedekt door kruisgewelven die steunen op pilaren van ongelijke grootte. De ooit aanwezige relieken van Maria van Magdala zijn verdwenen.

[bewerken] De kapitelen van het schip

Het kapiteel De strijd van David tegen Goliath in het schip. Links: David zwaait met zijn slinger. Rechts: David doodt Goliath. (4e pijler noordzijde)
De zeer beroemde Moulin Mystique (Mystieke molen) is een meesterwerk van de romaanse beeldhouwkunst. Mozes stort het graan (symbool voor het Oude Testament) in de molen en Paulus vangt het meel (symbool voor het Nieuwe Testament) op. De molen, aangedreven door een wiel met een kruis erin, stelt Christus voor. Het beeld symboliseert de band tussen het Oude en het Nieuwe Testament.

De pilaren van de pijlers in het schip en de nartex zijn bekroond met superbe kapitelen uit de 12e eeuw; ze zijn vervaardigd in de jaren 1125 tot 1140, tijdens de regeringen van de koningen Louis VI de Grote en Louis VII de Jonge. Ze getuigen van de uitzonderlijke vakkennis van de Bourgondische beeldhouwers in de Middeleeuwen. De voor het merendeel iconische kapitelen verwijzen met grote verbeeldingskracht naar bijbelse, mythologische of fantastische onderwerpen; de Mystieke Molen is één van de beroemdste voorbeelden. Sommige zijn moraliserend waarbij de kastijding van zondaars voorop staat. Een aantal kapitelen beschrijft episodes uit het leven van heiligen. Slechts af en toe tonen de kapitelen lofwerk.

De 118 kapitelen in de basiliek (94 in het schip en 24 in de nartex), waarschijnlijk vervaardigd door een atelier met vijf meester-beeldhouwers, vormt - met die van de Kathedraal Saint-Lazare van Autun de belangrijkste verzameling van Bourgondië. Acht ervan zijn opnieuw gemaakt in de 19e eeuw; ze zijn gemakkelijk te herkennen door hun lichte kleur. De resten van de originelen bevinden zich in het lapidarium van de kerk.

Bepaalde onderwerpen zijn nogal vreemd. Een aantal kapitelen voeren fabeldieren ten tonele zoals cynocefalen en panotti. Het kapiteel Ontvoering van Ganymedes door Zeus gaat terug op homosexuele trekken van Zeus, door sommigen onverenigbaar met de ideeën van de Middeleeuwse christelijke kerk geacht.

De ontvoering van Ganymedes : Zeus, die zich veranderd heeft in een arend, ontvoert Ganymedes om hem tot zijn geliefde en opperschenker van de goden te maken.
De ontvoering van Ganymedes : Zeus, die zich veranderd heeft in een arend, ontvoert Ganymedes om hem tot zijn geliefde en opperschenker van de goden te maken.  
Adam et Eva, de slang en de zondeval.
Adam et Eva, de slang en de zondeval.  
De pelikanen, symbolen van ouderliefde en zelfopoffering.
De pelikanen, symbolen van ouderliefde en zelfopoffering.  
Herodes et Herodias, Herodias vraagt het hoofd van Johannes de Doper aan haar echtgenoot.
Herodes et Herodias, Herodias vraagt het hoofd van Johannes de Doper aan haar echtgenoot.  
Mozes en het gouden kalf : Rechts, een man draagt een geit aan om het te offeren aan het Gouden Kalf, dat bezeten is door een duivel; links, Mozes zwaait met een stok, de Tafelen van de Wet (6e pijler noordzijde).
Mozes en het gouden kalf : Rechts, een man draagt een geit aan om het te offeren aan het Gouden Kalf, dat bezeten is door een duivel; links, Mozes zwaait met een stok, de Tafelen van de Wet (6e pijler noordzijde).  
De verandering van de H. Eustache of de H. Hubertus (3e pijler, zuidzijde van het schip).
De verandering van de H. Eustache of de H. Hubertus (3e pijler, zuidzijde van het schip).  
Dood van de slechte rijke, twee duivels maken zich meester van zijn ziel. Onder zijn bed ligt een slang, symbool van het Kwaad.
Dood van de slechte rijke, twee duivels maken zich meester van zijn ziel. Onder zijn bed ligt een slang, symbool van het Kwaad.  
Dood van de arme Lazarus (het personage van de parabool in de evangelie van Lucas, niet de door Christus opgewekte); zijn ziel stijgt op naar de hemel in een mandorla, opgevangen door twee engelen.
Dood van de arme Lazarus (het personage van de parabool in de evangelie van Lucas, niet de door Christus opgewekte); zijn ziel stijgt op naar de hemel in een mandorla, opgevangen door twee engelen.  
Panotti of Panoteanen.
Panotti of Panoteanen.  
Cynocephalen of Kynocefalen.
Cynocephalen of Kynocefalen.  
Cynocephalen of Kynocefalen.
Cynocephalen of Kynocefalen.  

[bewerken] De kapitelen van de narthex

Al even schitterend zijn de kapitelen van de nartex die uit dezelfde tijd stammen en soortgelijke thema's uitbeelden. Ze zijn eveneens in zeer goede staat.

Biddende Petrus en Paulus voor de verbetering van de door het Kwaad gehinderde wereld.
Biddende Petrus en Paulus voor de verbetering van de door het Kwaad gehinderde wereld.  
De onthoofding van Johannes de Doper. De beul vat Johannes bij de haren alvorens hem te onthoofden.
De onthoofding van Johannes de Doper. De beul vat Johannes bij de haren alvorens hem te onthoofden.  
De profeet Nathan en David : Nathan verwijt David zijn relatie met Batseba, vrouw van van zijn generaal Uria.
De profeet Nathan en David : Nathan verwijt David zijn relatie met Batseba, vrouw van van zijn generaal Uria.  
De H. Benedictus wekt een kind uit de dood onder de ongelovige ogen van de vader.
De H. Benedictus wekt een kind uit de dood onder de ongelovige ogen van de vader.  

[bewerken] Enkele maten en karakteristieken

Plattegrond van het koor
Gezicht vanaf het schip naar de nartex - schets van Viollet-le-Duc.
  • Lengte van het gebouw : 120 m
De nartex
  • Breedte binnenkant van de nartex : 23.5 m [5]
  • Lengte van de nartex : 22 m
  • Hoogte van de nartex : 19.5 m
  • De nartex heeft twee niveaus : grote arcades en galerijen
Het schip
  • Lengte van het schip : 62.50 m
  • Hoogte vaan de gewelven van het middenschip : 18.55 m
  • Breedte van het schip, met inbegrip van de zijbeuken : 23.25 m
  • Breedte van het middenschip tussen de assen van de pilaren : 11 m
  • Breedte van elke zijbeuk : 6.2 m
  • Hoogte van elke zijbeuk : 7.5 m
  • Het gewelf van elk travee van het middenschip weegt 45 ton
  • De pijlers van het schip hebben de vorm van een kruis waartegen 4 halve pilaren geplaatst zijn. Elke pijler is 2.5 m breed
  • Het schip heeft twee niveaus : grote arcades en lichtbeuk
Het koor
  • Hoogte van het gewelf van het koor : 22 m
  • Lengte van het koor : 26.6 m
  • Breedte van het koor : 10.65 m
  • Het koor heeft drie niveaus ; grote arcades, triforium en lichtbeuk
De torens
  • Hoogte van de toren Saint-Michel : 38 m
  • Hoogte van de toren Saint-Antoine : 35 m

[bewerken] Externe link

[bewerken] Noten

  1. Dit artikel is grotendeels een vrije vertaling en bewerking van het artikel Basilique Sainte-Marie Madeleine de Vézelay in de Franse Wikipedia, dat een uitgebreide historische paragraaf en een lijst van abten bevat.
  2. Eugène Viollet-le-Duc - Dictionnaire raisonné de l'architecture française du XIe au VIe siècle (rubrique Porche)
  3. Annales archéologiques, Adolphe N. Didron, Édouard Didron, Volume 15, Librairie Archéologique de Didron, 1855 Lire en ligne
  4. Photo du pilastre symbolisant Judas, au triforium du chœur
  5. Eugène Viollet-le-Duc : Dictionnaire raisonné de l'architecture française du XIe au XVIe siècle


Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen